BijspijkerboekenCryptomunten

Bitcoin is een betaalmiddel – en voor sommigen nog veel meer. Zo werken cryptomunten

Er zijn van die onderwerpen waarvan je nauwelijks durft te zeggen dat je niet begrijpt hoe het zit. Wat een cryptomunt zoals bitcoin nou eigenlijk is, bijvoorbeeld. Daarom deze zomer een bijspijkercursus, inclusief drie boeken om verder te lezen.

null Beeld Studio V
Beeld Studio V

Voordat ze toekomen aan cryptografie, decentralisatie en, wel ja, de toekomst van de autonome mens, moeten we eerst iets over geld weten, vinden vrijwel alle schrijvers van boeken over cryptomunten.

Want geld is uiteindelijk een afspraak waarop je moet vertrouwen. Neem het briefje van 5 euro waarmee je op de markt betaalt voor twee zakken tomaten. De koper en de vrouw achter de groentekraam zijn het erover eens dat het briefje 5 euro waard is, nu in het bezit is van de tomatenkoper en straks van de marktvrouw. Allebei kun je controleren of het briefje echt is, door bijvoorbeeld te kijken naar het watermerk van de Griekse prinses Europa.

Digitaal is die afspraak tussen koper en verkoper ingewikkelder te controleren. Je verstuurt informatie en maakt zo geld over, laten we zeggen 40 euro voor een zonnebril op Marktplaats. Maar de verkoper kan niet zien of er wel 40 euro op je rekening staat, of dat je alleen maar zegt dat je 40 euro overmaakt.

Dus verloopt de betaling via een derde partij, bijvoorbeeld een bank of creditmaatschappij. Die bedrijven zijn zo centrale punten in ons betaalverkeer, met daarboven een nationale bank of in het geval van de euro: de Europese Centrale Bank.

Alternatief

Bitcoin-adepten vinden dat daar op z’n minst een neutraal alternatief voor moet zijn. Want een nationale bank kan zomaar besluiten om geld bij te drukken en daarvan wordt geld minder waard. Misschien zijn overheid en centrale bank nu van goede zin, maar wie weet is dat over dertig jaar anders. In Venezuela drukte de regering onder leiding van Nicolás Maduro in 2019 zo veel bij, dat voor een brood bij de bakker afgerekend moest worden in kilo’s papiergeld. En je bent als klant kwetsbaar: wat als een bank onderuitgaat?

Als bitcoin iets is, is het de belofte deze problemen op te lossen. Op 1 november 2008 schreef een zekere Satoshi Nakamoto aan een maillijst van cryptografen dat hij een nieuwe, elektronische oplossing had bedacht voor (contant) geld. Op 3 januari 2009 om 20.15.05 uur Nederlandse tijd kwamen de eerste bitcoins online. Voor de volledigheid: bitcoin is een betaalmiddel, net als de euro of de yen. Wie bitcoin heeft, kan ermee afrekenen bij iemand die ze accepteert.

Transacties

Het is nog steeds niet bekend wie Nakamoto is, zelfs niet of het om één persoon gaat, en sinds 2010 is Nakamoto van het toneel verdwenen. Bitcoin bestaat nog en werkt ongeveer zo. Elke transactie met bitcoin wordt vastgelegd. Vergelijk het met een rekeningafschrift waarin precies staat wie welk bedrag aan wie heeft betaald. Maar met bitcoin krijgt iedereen die ze bezit zo’n overzicht van álle transacties. Maakt iemand in Nieuw-Zeeland bitcoin over aan een oom in Frankrijk, dan verschijnt die transactie in alle overzichten van deelnemers aan het systeem.

Nakamoto wilde af van het idee dat we er maar op moeten vertrouwen dat het geld echt is overgeschreven. Het risico van oplichting is digitaal groot. In de fysieke wereld kun je niet hetzelfde briefje van vijf aan de marktkoopvrouw én de schoenmaker geven. Digitaal is alles te kopiëren. In plaats van een watermerk bedacht Nakamoto dat de transactie wordt gecontroleerd door andere leden van de gemeenschap. Een overschrijving heeft een met cryptografie versleuteld kenmerk, een boodschap in geheimtaal. Die wordt door computers van deelnemers aan het systeem ontcijferd. Klopt de uitkomst, dan is de transactie juist.

Het is alsof je een briefje van 5 euro op de markt geeft en de andere klanten allemaal even naar het watermerk kijken en hardop bevestigen dat het inderdaad een briefje van 5 euro is, voordat het van eigenaar wisselt. Als beloning voor die bevestiging krijgen controleurs nieuwe bitcoins. Omdat het watermerk in dit geval cryptografisch is, heten bitcoin en andere munten ook wel cryptomunten. Het ontcijferen daarvan en daarmee dus bitcoin ‘maken’ heet delven, beter bekend onder de Engelse term minen. Dat delven kost veel rekenkracht van computers, en dus veel energie.

Geen vertrouwen, maar rekenkracht

Deelnemers controleren elkaar en brengen door die controle nieuwe bitcoins op de markt. De grote kracht is dat wildvreemden zo consensus bereiken over de waarde van iets. Niet door elkaar te geloven, maar via een controleerbare berekening, zegt onderzoeker en publicist Bert Slagter, presentator van Satoshi Radio, een podcast vernoemd naar de bedenker(s) van bitcoin.

Bitcoin is van niemand. Er kan dus niet één iemand besluiten om even wat bitcoin bij te drukken, waardoor de munt minder waard wordt. Sterker nog: om inflatie te voorkomen, is nu al bekend dat de laatste bitcoin ergens rond 2140 gedolven zal worden. Tegen die tijd bestaat de beloning van delvers helemaal uit transactiekosten en niet meer uit nieuwe bitcoins, is de verwachting.

Alle transacties zijn openbaar. De goedgekeurde overschrijvingen worden opgeslagen in pakketten, of blokken. Die worden weer in een bepaalde volgorde gerangschikt op wat de blockchain is gaan heten. Verhuisdozen vol rekeningafschriften eigenlijk, voor iedereen te controleren.

Dit alles is in een notendop alleen nog maar bitcoin. Eigenlijk is de munt behalve een betaalmiddel ook een uiting van een techniek waarmee uiteindelijk digitaal eigendom kan worden vastgesteld dat overdraagbaar is, zegt Slagter. Bitcoin is daarmee de voorloper van een hele golf innovaties, verwacht hij. Waarmee een vergelijking met alleen ons huidige betaalverkeer eigenlijk te beperkt is. Daarom waaieren auteurs van boeken over bitcoin ook zo uit. Slagter: ‘Iedereen vraagt zich af: is het een betaalmiddel, is het een netwerk tussen mensen, is het een ideologie? Het is allemaal een beetje waar.’

Deze boeken bieden een goede blik in de wereld van Bitcoin


Diverse auteurs: Het kleine bitcoinboekje (2019)

Zeer handzame inleiding op de noodzaak van het hebben van een gedecentraliseerde digitale munt – volgens de schrijvers dan. Daardoor wel wat activistisch.

Saifedean Ammous: De bitcoin standaard (2018)
Behoorlijk compleet boek voor wie verder de diepte in wil, met vooral veel geschiedenis over de oorsprong van onze financiële systemen en hoe die uitmondt in bitcoin.

‘Gigi’: 21 lessen – Wat ik geleerd heb door mijn val in het bitcoin konijnenhol (2019)
Vooral interessant vanwege de pogingen cryptografie uit te leggen, bijvoorbeeld hoe getallen te begrijpen die onvoorstelbaar lijken. De auteur is anoniem; veel leden van de cryptogemeenschap zijn nogal gesteld op hun privacy.

Meer over