Boeken

Bert Schierbeek is een Vijftiger om niet te vergeten, blijkt uit deze mooie biografie ★★★★☆

Bert Schierbeek was een schrijver zonder fratsen of dubbele agenda. Biograaf Graa Boomsma legt zinnige verbanden tussen zijn boeken en schetst een fraai tijdsbeeld.

null Beeld Claudie de Cleen
Beeld Claudie de Cleen

Hij is de minst bekende Vijftiger. Zijn literaire vrienden, met wie hij rond 1950 een luidruchtig groepje ‘experimentelen’ vormde – Lucebert, Remco Campert, Gerrit Kouwenaar, Simon Vinkenoog, Hugo Claus – werden stuk voor stuk beroemder dan Bert Schierbeek (1918-1996). Hij zag er ook niet zo artistiekerig uit als de anderen. Met zijn ronde hoofd met achterover geplakt haar had hij ook een boer kunnen zijn of, in zijn rommelige pakken, een kantoorklerk. Geen bohemien die de benepen burger wil choqueren. Je zou hem bijna vergeten als Vijftiger.

Voor zijn vrienden, en in de literaire wereld, was hij de spil van de beweging. Lucebert noemde hem ‘de gewiekste waterrat met klompen aan en een goddelijke misthoorn in het achterhoofd’. Was Lucebert, dichter én schilder, de onbetwiste keizer van de Vijftigers, de zon waarom alles draaide, Schierbeek, aanvankelijk vooral een prozaschrijver, was hun voorman. Hij was wat ouder, had tijdens de oorlog verzetswerk gedaan, was belezen en had een verzetsroman geschreven, Terreur tegen terreur (1945). Meteen na de oorlog was hij actief als redacteur van literaire tijdschriften en uitgeverij De Bezige Bij. Hij wás al iemand in de literatuur, de anderen kwamen net kijken.

Een nieuwe, onbesmette taal

Schierbeek – zijn biograaf Graa Boomsma noemt hem in Niemand is waterdicht consequent Bert, ‘omdat een afstandelijke benaming niet bij hem past’ – verwoordde goed waar het de jongeren om ging: een radicale breuk met het vermolmde, vooroorlogse verleden, een nieuwe, onbesmette taal scheppen waarin ze zich volledig konden uitdrukken. Waarin ze geëngageerd zouden zijn, maar niet verpolitiekt. Stelling namen ze wel. Ze keerden zich in 1947 tegen het bloedige ingrijpen van Nederland in Indonesië, eufemistisch ‘politionele acties’ genoemd. Zijn leven lang zou Schierbeek opkomen voor schrijvers die monddood werden gemaakt.

Schierbeek onderhield banden met de beeldende kunst, met onder anderen Karel Appel, Corneille, Constant, Theo Wolvecamp en fotograaf Cas Oorthuys, en schreef teksten bij hun werk. Hij zorgde ervoor dat het werk van de jonge dichters bij tijdschriften en uitgeverijen terechtkwam. Dat ging niet makkelijk, want ze stonden niet garant voor verkoopsucces; De Bezige Bij weigerde vier manuscripten van haar eigen redacteur. Met zijn in 1951 verschenen experimentele roman Het boek ik brak Schierbeek zelf door: associatief, ritmisch proza, een feest van taal. Eén lang protest tegen artistieke en politieke behoudzucht, maar ook zeer persoonlijk en autobiografisch. Het boek wordt nu, tegelijk met Boomsma’s biografie, heruitgegeven.

Schierbeek is geboren in Glanerbrug, ‘net 300 meter aan de goede kant van de grens’, zoals hij zei. Zijn moeder stierf negentien dagen na zijn geboorte. Hij werd opgevoed door zijn grootouders in Beerta, Groningen. Met zijn vader en stiefmoeder had hij geen goede band; het was zijn oma die hem opvoedde en van wie hij hield. Beerta was de plek waar hij naar bleef terugverlangen, het paradijs van zijn jeugd. Het dialect van Beerta was zijn oertaal.

Tijdens de oorlog woonde Schierbeek in Amsterdam, waar hij Joden aan een onderduikplek hielp en hand-en-spandiensten verrichtte voor een verzetsgroep. Bij boeren in Twente haalde hij ongebruikte voedselbonnen op voor hongerige Amsterdammers en voor de onderduikers. De verzetsgroep werd verraden, hij ontsprong de dans.

Lucebert

In de verzetskringen had Schierbeek zijn eerste vrouw, de keramist Frieda Koch, leren kennen, met wie hij twee kinderen kreeg. Zij woonden in een groot bovenhuis aan de Van Eeghenlaan in Amsterdam. Het was een zoete inval daar, alle dagen feest. Veel kunstenaarsvrienden woonden er een tijdje, ook Lucebert en Remco Campert. Het literaire blaadje Braak werd er gemaakt. Schierbeek en Lucebert werden vrienden voor het leven.

Schierbeek kende het oorlogsverleden van Lucebert, schrijft Boomsma, die dat van Schierbeeks weduwe hoorde. Hij wist dat Lucebert zich vrijwillig voor de Arbeitseinsatz had gemeld. Of hij ook wist van diens antisemitisme en nazi-gedweep wordt niet helemaal duidelijk. Lucebert had zich door Schierbeek en de andere vrienden ‘laten bijscholen’ en ‘zich politiek drastisch geheroriënteerd’, schrijft Boomsma. Schierbeek zou altijd zijn mond houden over het geheim van zijn vriend.

Maar Schierbeek had met deze vriend ook het onheil binnengehaald: Lucebert begon een verhouding met Frieda. In brieven aan haar, geciteerd door Boomsma, geeft Lucebert vilein Schierbeek de schuld van de pijnlijke driehoeksverhouding: die zou een burgerlijke huisvader zijn, uit op macht. Lucebert, die vijf kinderen zou krijgen, verwijt Frieda dat ze kinderen heeft. Schierbeek ontvlucht zijn eigen huis. Het is een wonder dat de mannen altijd grote vrienden zijn gebleven.

Geen kolossaal ego

Warmhartig, goedgehumeurd, wijs, open en loyaal; iemand zonder fratsen of dubbele agenda, zo zet Boomsma zijn hoofdpersoon neer. Een veelzijdig schrijver en organisator met een groot netwerk, die zich niet te goed voelde voor broodschrijverij en gelegenheidswerk en altijd tot een vriendendienst bereid was. Geen man met een kolossaal ego. Hij nam het leven zoals het kwam. Je kunt je voorstellen dat hij affiniteit voelde met het zen-boeddhisme.

Graa Boomsma legt zinnige verbanden tussen Schierbeeks werk en zijn schrijversleven en geeft een mooi tijdsbeeld. Schierbeeks privéleven blijft onscherp. Na Frieda trouwde hij nog twee keer. Margreetje, die in 1970 bij een auto-ongeluk op slag dood was, zou zijn ‘grote liefde’ zijn geweest, en het huwelijk daarna, met Thea, was ‘een verstandshuwelijk’, maar van beide vrouwen krijg je nauwelijks een beeld en van zijn vaderschap evenmin. Voor de schrijver Schierbeek doet deze biografie precies wat ze moet doen: zij geeft hem de plaats in de literatuur die hem toekomt.

Graa Boomsma: Niemand is waterdicht – De biografie van Bert Schierbeek. De Bezige Bij; 672 pagina’s; € 39,99.

null Beeld De Bezige Bij
Beeld De Bezige Bij
Meer over