dagboekStephen Spender (1909-1995)

Beat poet Allen Ginsberg zingt liedjes van eigen makelij

Erik van den Berg deelt dagelijks een opmerkelijk fragment uit zijn verzameling historische dagboeken.

Erik van den Berg
Allen Ginsberg in 1974 in New York. Beeld Getty Images
Allen Ginsberg in 1974 in New York.Beeld Getty Images

New Orleans, 24 maart 1979

De eerste mens die ik hier gisteren op straat zag, was Allen Ginsberg. Hij zei dat hij een symposium volgde over meditatie aan de Tulane-universiteit en er ook een voordracht hield. De ontmoeting had diverse plezierige gevolgen. Om te beginnen werd ik uitgenodigd voor de lunch bij mevrouw X.

We namen een taxi naar mevrouw X.’s riante woning, vol schilderijen van haar echtgenoot (een van de drie of vier). Er was ook nogal veel primitieve kunst, van haar kinderen of van Haïtianen, of van allebei. Mevrouw X. had een air van vaagheid, dwalende blauwe ogen en een zachte stem die dingen zei uit een eindeloos lange, vrij associërende monologue intérieur.

Na de lunch vroeg Ginsberg of ik zijn muziek op teksten van William Blake kende. Ik zei nee, maar Auden had me verteld dat ze behoorlijk goed waren. ‘Zei hij dat? Weet je dat zeker?’, vroeg hij scherp. Ja, zei ik, Auden zei dat ze beter waren dan hij had verwacht.

Daarop haalde Ginsberg een tas met een draagbaar harmonium tevoorschijn en zei: ‘Maar hij wilde ze niet horen. Zodra ik er een begon te zingen, zei hij: ‘Hou alsjeblieft op. Mensen die liedjes zingen die ze zelf hebben gecomponeerd verdraag ik niet. Ik kan er niet tegen.’

Daarop zong hij Little Lamb, who made thee?, Tyger, Tyger en nog minstens zes andere.

Stephen Spender (1909-1995), Engelse schrijver en dichter. Ingekort fragment uit Journals 1939-1983.

Faber and Faber, 1986.

Meer over