Reportage

Ballonhondjes vouwen met Jeff Koons in Masterclass: ‘Als ik het kan, kan jij het ook’

Jeff Koons vouwt een ballonhondje in Masterclass. Beeld
Jeff Koons vouwt een ballonhondje in Masterclass.

Anna van Leeuwen zag de succesvolle beeldend kunstenaar Jeff Koons altijd als de maker van kille, kitscherige kunst. Kan zijn Masterclass daar verandering in brengen? En leert ze nu eindelijk een hondje te ballonvouwen?

‘Ik ben opgeleid als schilder. In New York ging ik me met beeldhouwkunst bezighouden. Dat was nieuw voor me, ik had er geen opleiding voor gedaan. Daarom koos ik readymades, bestaande dingen, als uitgangspunt. Daarna ging ik een andere richting op. Ik zal een voorbeeld laten zien...’

De Amerikaanse kunstenaar Jeff Koons (66) pakt een ballonpomp en een rode langwerpige ballon van het tafeltje naast zich. Ondertussen houdt hij zijn blik strak op de camera gericht. Al acht lessen op het prijzige Amerikaanse platform Masterclass – 200 euro voor een jaarabonnement – heeft de kunstenaar volgepraat. Al anderhalf uur lang heeft Koons opgewekt gestrooid met wetenswaardigheden over kunstgeschiedenis (‘Er is geen hiërarchie’), over schaal (‘Het concept bepaalt de maat’) en over kleurgebruik (‘Ik hou zelf erg van turquoise’). En nu steekt hij ineens, onverwachts, de handen uit de mouwen. Verdomd, gaat hij echt een ballonhondje vouwen? Ik ga er eens goed voor zitten.

De eerste keer dat ik las over de Masterclass van Jeff Koons, dacht ik dat het een grap was. Ik ken het platform, waar beroemde mensen de fijne kneepjes van hun vak delen, van reclames op Instagram. Vooral de schrijvers van het platform kwamen regelmatig voorbij: Margaret Atwood, Dan Brown of Salman Rushdie prezen hun lespakket aan. Toen ik op datzelfde Instagram een bericht van het kritische kunstgrappenaccount Jerry Gogosian zag, in de herkenbare Masterclass-vormgeving, dacht ik dat het een grap was: ‘Jeff Koons leert je hoe geweldig het was om in de jaren tachtig een witte man te zijn.’ Dat was inderdaad een grap, maar die bleek gebaseerd op een echte lessenreeks, met natuurlijk een heel andere slogan ‘Jeff Koons Teaches Art and Creativity’.

Koons is sinds december vorig jaar de eerste beeldend kunstenaar met een eigen Masterclass. Om te leren schrijven zijn er al zeventien ervaringsdeskundigen om uit te kiezen, met als recentste aanwinst: actrice, schrijver en producent Issa Rae (36), bekend van de televisieserie Insecure. De discipline beeldende kunst werd dan ook gemist. September vorig jaar schreef Mathijs Verstegen op het discussieforum van Masterclass: ‘Waar is de beeldende kunst?’ Het bericht kreeg instemmende reacties. Iemand hoopte op ‘de hedendaagse Bob Ross’. Een andere gebruiker had tevergeefs gezocht naar lessen over ‘olieverf’, maar als zoekresultaat kreeg ze lessen over ‘olijfolie’. Kookkunst is met zestien verschillende lessenreeksen (van onder anderen Gordon Ramsay en Yotam Ottolenghi) goed vertegenwoordigd.

Masterclass werd in 2015 opgericht in San Francisco en biedt inmiddels meer dan honderd uiteenlopende cursussen van beroemde mensen. De coronacrisis heeft de start-up een extra impuls gegeven. Volgens Bloomberg is het private bedrijf al 650 miljoen euro waard en investeerde het vorig jaar 80 miljoen euro in nieuwe masterclasses. Hoeveel gebruikers er momenteel zijn, maakt het bedrijf niet bekend. Op Instagram wordt Masterclass door 2,4 miljoen mensen gevolgd. Waar gebruikers eerst per lespakket (per ‘meester’ dus) konden afrekenen, is nu de enige optie een jaarabonnement van 200 euro.

Als ik mijn jaarabonnement heb afgerekend, kan ik een wachtrij samenstellen van instructeurs, voor als ik klaar ben met Koons. Wil ik dat Christina Aguilera me leert zingen? Dat lijkt me nogal vervelend voor de buren. Wil ik dan liever comedy leren van Steve Martin? Gitaarles van Santana wellicht?

Het is opvallend dat uitgerekend Jeff Koons een Masterclass mag geven. Hij is natuurlijk wereldberoemd, maar met zijn achtergrond als handelaar op Wall Street en zijn kitscherige, glimmende, harde kunstwerken roept hij ook veel weerstand op bij publiek en bij kunstcritici. ‘Fantasieloos, werd een van zijn recente kunstwerken in de Volkskrant genoemd. Onlangs raakte een grote sculptuur die de kunstenaar aan de de stad Parijs wilde schenken in opspraak. Parijzenaren wilden Bouquet of Tulips liever niet hebben, het leek een boeket van ‘elf gekleurde anussen op stokjes’, was het oordeel. Toch kwam het beeld er.

‘Bouquet of Tulips’ van Jeff Koons in Parijs. Beeld Getty
‘Bouquet of Tulips’ van Jeff Koons in Parijs.Beeld Getty

Ook bij mij roept Koons weerstand op. Tien jaar geleden zag ik in Londen de serie expliciete foto’s en sculpturen Made in Heaven, die Koons maakte met zijn toenmalige vrouw Ilona Staller, destijds bekend als pornoster Cicciolina. Seks leek bij Koons iets hards en onpersoonlijks. Hetzelfde jaar bekeek ik zijn reeks Celebration in Berlijn, zijn beroemde bovenmaatse spiegelende felgekleurde kransen, harten en ballondieren. Die lijken al hun feestelijkheid verloren, ze kunnen alleen nog opzichtig glimmen. En geld opleveren: in 2019 veilde Christie’s in New York een uit de kluiten gewassen zilverkleurig opblaaskonijn voor 81,3 miljoen euro. Een record: dit konijn is het duurste geveilde kunstwerk van een levende kunstenaar. Tussen 2013 en 2018 kon Koons dat record ook al in zijn zak steken voor Balloon Dog (Orange), die meer dan 40 miljoen euro had opgeleverd. Redenen genoeg om kritisch en een beetje cynisch te zijn. Wat gaat Koons me leren, hoe ik roestvrijstaal moet oppoetsen?

Jaren nadat ik schouderophalend mijn eigen weerspiegeling in het geglim van Celebration had bekeken, las ik dat de serie is geïnspireerd door Koons’ zoon Ludwig (inmiddels 28 jaar oud). Over de voogdij van Ludwig voerde hij acht jaar lang een hevige strijd met zijn ex-vrouw Staller, die het kind had meegenomen naar Italië. Koons zou de kunstwerken hebben gemaakt om Ludwigs verwachte terugkeer te markeren: ‘Het was een manier om aan hem te laten merken hoe erg ik hem had gemist.’ Die liefdevolle uitleg over wat ik had gezien als koude machokunst zorgde voor een lichte kortsluiting in mijn hoofd. Ging Celebration over vaderliefde? Ik ben daarom ook benieuwd naar Koons. Misschien is hij minder kil en zakelijk dan ik dacht.

Mooi varken

In 1989 kocht het Stedelijk Museum in Amsterdam de sculptuur Ushering in Banality (1988) van Jeff Koons voor 250 duizend gulden. Het gaat om een uitvergroot kitscherig beeldje van een varken met een groene strik om, die wordt begeleid door twee engeltjes en een jongetje. De aankoop leidde tot grote verontwaardiging. Koons verklaarde: ‘Ik vind het mooi. Ik zie en reageer op de sentimentaliteit van het werk. Ik houd van de afwerking, hoe simpel de kleur groen kan worden geschilderd. Ik houd ervan als dingen op hun eigen waarde worden geschat.’

De kunstenaar geeft zijn kunstlessen vanuit een verduisterd atelier. Waar overdag in ploegendienst door assistenten aan zijn kunst wordt gewerkt, ontmoeten we Koons na werktijd. Wat direct opvalt als hij begint te praten: dat kan hij wonderbaarlijk goed, als een geoefend presentator. Hij kijkt gemoedelijk in de camera en glimlacht graag zijn kunstmatig witte tanden bloot.

Koons’ prettige rustige en lage (jawel, vaderlijke) stem is eerder in de Volkskrant treffend omschreven als de stem van een ‘pastoor of therapeut’. In Masterclass ontpopt hij zich tot allebei. Hij preekt over zijn eigen kunst en kunstopvatting, waarin alles kan en mag. Kunst gaat over communicatie, over ‘de menselijke ervaring’, vindt hij, over troost ook. Maar meer dan over kunst, en dat is dan de therapeut Koons, lijkt deze lessenreeks te gaan over zelfvertrouwen. Koons moedigt de argeloze kijker aan zelfverzekerd te zijn, niet te tobben over het verleden, zichzelf volledig te accepteren. Wie kunst wil maken, moet zijn of haar interesse vol overtuiging volgen. ‘Ik ben niet speciaal’, zegt hij: ‘Als ík het kan, als jongen uit York, Pennsylvania, kun jij het ook.’

Maar wat kan Koons dan precies, naast dat mooie praten? En heeft hij niet gewoon gigantisch veel geluk gehad? Ik moet door deze opmerking ‘als ík het kan...’ denken aan het grapje van Jerry Gogosian: ‘Jeff Koons leert je hoe geweldig het was om in de jaren tachtig een witte man te zijn.’ In de laatste les ‘Het leven als kunstenaar’ vertelt Koons dat hij grote tegenslagen heeft gekend. Twee keer moest hij als volwassen kunstenaar weer bij zijn ouders intrekken omdat hij blut was. Zijn vader had een meubelzaak.

Koons is zich er duidelijk niet van bewust dat dit gegeven, namelijk ouders die hun volwassen kind onderhouden, ook als een privilege kan worden opgevat. Onlangs begon instagramaccount The White Pube (net als Jerry Gogosian bekend om de kritische kunstgrappen) een posteractie in Londen en Liverpool met een oproep: iedereen die in de creatieve sector werkt zou moeten laten weten of dat beroep door ‘rijke ouders’ mogelijk wordt gemaakt. Koons’ opa (van moederskant) was een succesvolle makelaar in York en had een tiental paarden en ouderwetse rijtuigen, waarin Koons als kind werd rondgereden, bijvoorbeeld tijdens de lokale feestdag Colonial Day. ‘Ik voelde me toen ik opgroeide een beetje als een jonge prins’, vertelde Koons over die herinnering aan The New Yorker.

Praktijkopdrachten ontbreken in de cursus. Eén keer zegt de kunstenaar: ‘Misschien moet je een notitieboek gaan bijhouden.’ Daarnaast laat de meester wel uitgebreid zien hoe hij met hulp van een professionele ballonvouwer en de CT-scanner van een Duits wetenschappelijk instituut een metershoge, roze, roestvrijstalen sculptuur heeft gemaakt, geïnspireerd door de Venus van Willendorf. De uitleg die hij erbij geeft is boeiend, maar deze werkwijze is natuurlijk volslagen onbereikbaar voor gewone stervelingen.

‘The Venus’ van Jeff Koons. Beeld Alamy Stock Photo
‘The Venus’ van Jeff Koons.Beeld Alamy Stock Photo

Er is bij elke Masterclass een ‘gemeenschap’ (community) van leerlingen die ideeën uitwisselen. De gemeenschap rondom Koons is nog niet zo actief, ondanks aansporingen van medewerkers van het platform (er werken meer dan driehonderd mensen bij Masterclass). Wel wordt bediscussieerd of Koons een realistisch beeld geeft van de kunstenaarspraktijk. ‘Hij is een oplichter’, meent Tom Farren, die over Koons’ omstreden Parijse sculptuur Bouquet of Tulips toevoegt: ‘Het walgelijkste wat ik in mijn leven heb gezien.’ Anderen reageren positiever. Zo vindt Polley Pantcheva het goed dat Koons kijkers aanspoort inspiratie uit je directe omgeving te gebruiken: ‘Dat is vooral nu belangrijk in de wereld met covid-19, waardoor onze interacties en middelen beperkt zijn.’

Een ander forumonderwerp dat de tongen (toetsenborden) losmaakt is copyright. Naar aanleiding van Koons optimistische verhaal is men benieuwd of je zomaar iets mag namaken wat je tegenkomt, zoals Koons vaak heeft gedaan. Het antwoord luidt natuurlijk nee. Koons is dan ook meerdere malen veroordeeld voor copyrightschendingen. Daar heeft hij het in zijn Masterclass niet over.

Koons for Biden

Jeff Koons was een van de kunstenaars die vorig jaar kunstwerken maakten voor een grote benefietveiling voor de presidentscampagne van Joe Biden: ‘Artists for Biden’. Koons doneerde foto’s van een ballon in de vorm van de Amerikaanse vlag.

Matthijs Verstegen, de Masterclassgebruiker die vorig jaar had geklaagd over het aandeel beeldende kunst op het platform, vindt het niet zo erg dat Koons weinig praktische handvatten biedt. Nadat ik hem via het forum een berichtje stuur, reageert de 33-jarige Belgische art director uitgebreid per e-mail. Hij heeft al elf Masterclasses gedaan (van koken tot ‘avontuurfotografie’) en onderscheidt inmiddels twee soorten: de praktische, gericht op ‘harde vaardigheden’, met oefeningen en instructievideo’s, en de masterclasses gericht op ‘zachte vaardigheden’. Verstegen schaart de lessen van Koons onder de tweede categorie: ‘Dit soort masterclasses richt de aandacht op je aanpak, je manier van denken, en verruimt je blik op het onderwerp. De instructeur geeft je een kijkje achter de schermen en neemt je mee in zijn creatieve proces.’ Hij concludeert zijn e-mail met: ‘Leert de Masterclass van Jeff Koons je hoe je kunst moet maken? Nee. Maar hij leert je wel te denken en kijken als een kunstenaar.’

Jeff Koons vouwt een ballonhondje in Masterclass. Beeld
Jeff Koons vouwt een ballonhondje in Masterclass.

En Koons leert je dus ook een hondje te ballonvouwen. Of tenminste, hij doet het voor, in les 9. Maar terwijl zijn handen in het piepende rode latex knijpen, vallen wederom vooral zijn retorische kwaliteiten op. De kunstenaar geeft een kort, nogal eigenzinnig college ballonvouwtheorie, waarin de ballon ineens van heel diep blijkt te komen. Samengevat zegt Koons in anderhalve minuut: ‘Kijk naar deze ballon, dit is membraan en, wij zijn zelf membraan! Kijk naar het knoopje, dat is onze navel, het einde van de navelstreng... Het gaat om het innerlijk, onze geschiedenis, ons biologisch geheugen. Denk aan de prehistorie, mensen die net hebben gejaagd, die kijken naar de ingewanden van de dieren, de gassen die uitzetten. Ze konden een ritueel object maken dat lijkt op iets wat ik hier nu maak. Iets van betekenis, zoals de tekeningen in de grotten van Lascaux. Dit is een offer dat diep van binnen komt.’

Poeh, nou, daar is geen speld meer tussen te krijgen, toch? Of wacht, nee, je kunt het gewoon heel simpel doorprikken, dat membraan. Dan vliegt het ballonhondje snerpend door dat grote donkere atelier, misschien tikt het onderweg nog zo’n grote blauwe kerstbal aan. Pats! En wat blijft er dan over?

Ik zie Koons niet meer als hard en zakelijk, maar als een eigenwijze optimist, een tikkeltje megalomaan en wereldvreemd. Ik denk niet dat de kunstenaar een oplichter is, ik denk dat hij volledig in zichzelf gelooft. Hij heeft me zelfs wijs kunnen maken dat hij in mij gelooft: je kunt het! Jammer dat de feestwinkels nu dicht zijn, anders zou ik het absoluut zelf proberen, zo’n hondje vouwen.

Meer over Jeff Koons

Correspondent Michael Persson bezocht Jeff Koons in 2018 zijn atelier in New York, waar de kunstenaar vertelde over zijn reeks Gazing Balls: ‘Koons heeft het over transcendentie, een uitbreiding van het zelf, acceptatie van zichzelf en van anderen. De bal is bloedserieus.’

De bal die korte tijd later naar Nederland kwam, in gezelschap van een kopie van een 16de-eeuws altaarstuk, viel recensent Stefan Kuiper echter vies tegen: ‘De spiegelbal zou het schilderij van tweedimensionaal in multidimensionaal veranderen en de kijker ‘een totaal verbinding met het werk’ aanreiken. Om die zin moest ik hartelijk lachen.’ Vervolgens ging deze veelbesproken blauwe bal nog kapot ook.

Meer over