Baby Y vecht en bemint op de dansvloer

'Fuck the police!', schreeuwt het rappende drietal op het podium met zware stem en dreigend opgeheven vuisten. Een kreet die heel krantenlezend Nederland bekend voor zal komen sinds het uit de hand gelopen optreden van rapgroep Spookrijders op het Amsterdamse Mercatorplein....

Naar die rel wordt verwezen in de hiphop-musical Rapido, die afgelopen weekeinde in première ging.

Sterker nog: de hoofdpersoon van die rel grijpt de musical aan om zijn naam te zuiveren. Want de man die op het podium het gangsta-rappende drietal tot de orde roept, is niemand minder dan Clyde Lowell, de zanger van de Spookrijders. 'Stop met die shit!', roept Lowell. 'Hoe kun je dat in hemelsnaam zeggen!' Waarop hij de drie rappers aanvoert in een swingend statement tégen de agressieve gangsta-rap.

Goed, Lowell spreekt hier niet namens zichzelf. Hij speelt de rol van Platinum Power, producent bij platenlabel Rapido. Maar in deze groots opgezette hiphop-musical zijn de personages flinterdun. Wat de figuren op het toneel gewicht geeft zijn de omvangrijke ego's van de acteurs. Dat zijn bijna allemaal Nederlandse hiphop-coryfeeën die buiten het theater hun sporen hebben verdiend. Met als voordeel dat het rappen, scratchen en breakdansen overtuigend is. En het acteren van dik hout.

Vaag is in de perikelen rondom platenlabel Rapido Shakespeares King Lear te herkennen. De verschillen tussen de Shakespeare-figuren zijn vertaald naar tegengestelde hiphop-stijlen. Koning Lear, hier King Ra, is de enige ouderwetse reggae-toaster in de voorstelling.

Ruben La Cruz raast met zijn lange dreadlocks op rollerskates over het podium, een kleurrijke verschijning die zowel de hiphop-geschiedenis als de gekte-door-drugs belichaamt. Ra's platenlabel wordt bedreigd wordt door vijandige concurrenten, maar ook door de strijd binnen het bedrijf tussen de agressieve gangstarappers en de softere rijmers.

De Rapido-bodyguards, bereid om alle bazen te dienen, worden gespeeld door leden van de East-West Connexion, een opkomende Amsterdamse groep die melodieuze r & b en keiharde hiphop vermengt.

Lears jongste dochter en haar vriendje worden gespeeld door Eline la Croix en Sylvain Veldkamp, het prijswinnende breakdance-duo Just 4 Fun. 'Ik heb lief en zwijg', zegt de breakdansende Cordelia - hier Baby Y - kortaf als haar vader vraagt hoeveel ze van hem houdt. Een mooie parallel met Shakespeares personage, die haar vader niet met mooie woorden kan vleien zoals haar twee oudere zusters. Baby Y rapt niet, ze vecht en bemint via acrobatische kunsten op de vloer, en alleen haar minnaar overtroeft haar met de eenhandige spin op een colablikje.

Voor de pauze voltrekt de musical zich voornamelijk in woord- en dansgevechten, het terrein waarop de spelers thuis zijn. Dan valt er volop te genieten van de virtuositeit van de breakdansers, van de vingervlugge muzikale begeleiding door drievoudig scratchkampioen Thomas Elbers, en vooral van de geestige, goedbekkende teksten die Felix de Rooy samen met de rappers schreef. Bij vlagen krijgen de rappersrijmen een Shakespeariaanse poëzie: 'Vrucht van mijn vrouw / Troost in mijn rouw / Zeg me hoeveel je van me houdt', vraagt King Ra aan zijn dochters.

Maar in het tweede deel, als de handeling van Rapido zich verhardt, wordt er veel te veel geleund op de afwezige acteerkunst van de hiphoppers. Dan krijgt de musical potsierlijke trekjes: want de waanzinvisioenen van King Ra zijn veel te plat verbeeld, en de schietpartijen zijn lachwekkend knullig.

Het is onbegrijpelijk dat de makers in dat tweede deel niet meer hebben geput uit het potentieel dat de spelers met zich meebrengen. Had Clyde Lowell bij die schietpartij een soft Spookrijders-nummer laten rappen, zoals de ode van een vader aan zijn dochter, dan was Rapido niet alleen stoer en spectaculair geweest, maar had heel Nederland kunnen zien hoe gevoelig hiphoppers óók kunnen zijn.

Meer over