Anneke Grönloh geen verzinsel van A.F.Th.

En nog is het A.F.Th. van der Heijden-jaar niet voorbij. Na 1996, toen hij de cyclus De Tandeloze Tijd voorlopig afrondde, verscheen er (behalve het brievenboekje Gevouwen woorden, bij zijn 50ste verjaardag in oktober 2001) geen nieuw werk meer van zijn hand....

Arjan Peters

Dit voorjaar verscheen De Movo Tapes, het vuistdikke nulde deel van zijn nieuwe cyclus Homo Duplex. Even later kwam De requiems, met daarin opgenomen het relaas over zijn moeders sterfbed onder de titel Uitdorsten. In de zomer werd daar Engelenplaque aan toegevoegd, autobiografische notities uit de periode 1966-2003. Op 18 november verscheen, zoals iedereen weet, tot zijn spijt géén herdruk van de verhalenbundel waarmee hij een kwart eeuw geleden debuteerde. Maar vorige week kwam weer wel een aan Van der Heijden gewijd dubbelnummer uit van het tijdschrift De Revisor, uitgegeven door Querido, het huis dat heeft gesidderd toen de auteur de vorige maand luid met de deuren sloeg, maar dat hem toch wist te behouden.

Twee onderdelen van deze vorstelijke tijdschriftaflevering vragen bijzondere aandacht: een interview van meer dan zestig pagina's dat Querido-redacteur Anthony Mertens en Revisor-redacteur Menno Lievers de schrijver afnamen, en een al even omvangrijke keuze uit de brieven met annotaties die Van der Heijden tussen 1993 en 2003 richtte aan zijn Duitse vertaalster Helga van Beuningen. Gesprek en correspondentie bevestigen de indruk, dat Van der Heijden niet beschouwd moet worden als een chroniqueur, maar als een mytholoog die er voortdurend naar streeft 'het onmogelijke boek' te schrijven: 'Elke volgende poging is weer een stapje hoger naar de volmaaktheid die je nooit zult bereiken', zegt hij tegen Mertens en Lievers tijdens hun marathoninterview. Via De Tandeloze Tijd heeft hij zich 'van een hoop ballast' bevrijd, daarna beseffende 'dat ik eigenlijk niet langer van die schijnbaar realistische romans wil schrijven. Ik wil alleen nog óf puur autobiografisch schrijven, dag- en brievenboeken uitgeven, óf kiezen voor de absolute literaire vrijheid en de sprookjeskant uitgaan.' Over het ontstaan en de ambitie van zijn breed opgezette Oedipus-hervertelling Homo Duplex geeft het gesprek veel intrigerende informatie. De hoofdpersoon Tibbolt ('Movo' van 'moeilijke voeten' ofwel Oedipus) wil zich ontfermen over zogeheten 'besmette verhalen' of 'leproza', die een schrijver gewoonlijk als ongeloofwaardig verwerpt. Movo's ideaal, het onmogelijke boek, is bevolkt met deze 'leprozenkolonie'. Hij zelf is gebaard toen zijn moeder op een autoloze zondag op de enige tegenligger van de dag is gebotst - het product van een ongelooflijk verhaal, zogezegd. Wat Van der Heijden uiteindelijk voor ogen staat, is 'het filosofische systeem van de wereld op het spoor komen zonder die wereld te beschrijven met de geijkte romanmiddelen.'

Vertaalster Helga van Beuningen kan nog veel mooie brieven tegemoet zien! In de afgelopen tien jaar heeft de schrijver haar gedetailleerde epistels gestuurd die ook voor de Nederlandse lezer verhelderend kunnen zijn. Hij legt uit wat een 'bijgeplakte Willem II-sigaar' betekent, verzekert dat Anneke Grönloh 'geen verzinsel van mij is' maar een bestaande zangeres, en dat de obers in het voormalige hotel Polen met 'lieberdepiep' een portie leverworst bedoelen. Duitse gasten bestelden er Leberwurst, en 'de verbastering daarvan tot lieberdepiep kan men gerust aan een Amsterdamse ober overlaten.'

Meer over