And Venus was her nameDoe Maar

Anita

Paul Onkenhout en John Schoorl schrijven elke week over een liedje waarvan de titel bestaat uit alleen een voornaam. In Anita blijft het ‘genieta’, ondanks de naargeestige bushalte.

John Schoorl en Paul Onkenhout

O Anita

ik kan zo van jou genieten

Anita, Doe Maar (1979)

Doe Maar: Anita Beeld
Doe Maar: Anita

Niet veel mensen kenden in 1979 het Nederlandse bandje dat in een swingend nummer een meisje bezong dat haar eigen weg ging. Anita, heette ze. Ze was onbereikbaar, maar verdween niet, want ze kon nog regelmatig bij de bushalte worden aangetroffen - wéér zo’n liefdesverhaal met een tragisch randje.

Ernst Jansz, de tekstschrijver en de componist, liet Anita rijmen op genieten; genieta, zingt hij. Door de steeldrums en de calypsoklanken riep Jansz een tropische sfeer op. Dat was althans de bedoeling, ondanks die naargeestige bushalte.

Doe Maar: dit is alles
vanaf links Piet Dekker, Ernst Jansz, Jan Hendriks en Carel Copier Beeld Amstelfilm
Doe Maar: dit is allesvanaf links Piet Dekker, Ernst Jansz, Jan Hendriks en Carel CopierBeeld Amstelfilm

Anita is de vrolijke opener van de eerste elpee van Doe Maar, de voortzetting van de Foels Bent Doe Maar. Een hit werd het niet. Van het album dat Ernst Jansz, Carel Copier, Piet Dekker en Jan Hendriks maakten, werden maar tweeduizend exemplaren verkocht. Op de hoesfoto zit Jansz op zijn knieën in een weiland tussen de koeien. Nog opmerkelijker is dat bassist (en vrachtwagenchauffeur) Dekker erbij staat als een ouderwetse potloodventer, inclusief regenjas en zicht op zijn blote kruis.

Met de tweede single, Ik Zou Het Willen Doen, haalde Doe Maar de tipparade én Op Volle Toeren, het welbekende TROS-programma dat werd gepresenteerd door de besnorde presentator Bert van Rheenen, beter bekend als Chiel Montagne. Dekker droeg een zwart pak en was lijkbleek en had nog het meeste weg van een doodgraver.

Tevergeefs probeerde platenmaatschappij Telstar hem buiten beeld te houden. Hier zat volgens Telstar niemand op te wachten. Hetzelfde gold helaas voor Anita. De eerste single van Doe Maar sloeg totaal niet aan.

Jansz begreep het wel, zei hij vele jaren later in de Stentor. Als liedjesschrijver had hij aanvankelijk grote tekortkomingen. ‘In het begin kon ik dat helemaal niet. Ik schaam me voor bepaalde nummers. Anita, o, Anita, ik kan zo van jou genieta, dat vind ik niet echt fijn om te horen. Wel genant, maar dat heb je als je jong bent.’

Het kwam goed. In 1980 werd Piet Dekker vervangen door Henny Vrienten en werd de muzikale koers verlegd naar een mengsel van ska en reggae. Het resultaat was onvoorstelbaar. Niet eerder was een Nederlandse band zo populair, Doe Maar leek The Beatles wel.

Doe Maar rond 1980. Met Jan Pijnenburg, Henny Vrienten, Jan Hendriks en Ernst Jansz.  Beeld Brunopress
Doe Maar rond 1980. Met Jan Pijnenburg, Henny Vrienten, Jan Hendriks en Ernst Jansz.Beeld Brunopress

En Piet Dekker? Zijn leven verliep rommelig. Hij bleef hangen in de muziek. Nadat bij hem thuis een wietplantage was ontdekt, belandde hij in de schuldsanering en werd hij taxichauffeur.

Op het eerste album van Doe Maar had hij als zanger een mal liedje voor zijn rekening genomen. Wees niet bang voor mijn lul was de B-side van het zoete Anita. De tekst was van Jansz, met onder meer zinnen als ‘Al is het soms een stijve pik, hij is net zo lief als ik’.

Dekker had trouwens de gewoonte om tijdens optredens zijn broek te laten zakken, onder het bekende motto ‘liever naakt dan namaak.’ Zulke tijden waren dat.

John & Paul

Meer over