Als Rudelsheim vindt dat het moet, dan moet het

Ze stelt een jonge cabaretier wel eens voorzichtig voor een regisseur in de arm te nemen. De grappenmaker kijkt 'die oude vrouw' dan met een vermoeide blik aan en zegt dat hij er zeker aan zal denken....

Van onze verslaggever Patrick van den Hanenberg

Hanneke Rudelsheim (1944) is dertien jaar directeur geweest van de Amsterdamse Theatercombinatie Bellevue/Nieuwe de la Mar. De simpele cijfers laten zien dat het een bijna bespottelijke baan is: vier zalen, 180 verschillende producties met ongeveer 800 voorstellingen per jaar, zowel 's middags als 's avonds, variërend van kleinschalig cabaret in Klein Bellevue, dans in Groot Bellevue tot toneel en musical in het Nieuwe de la Mar, met een gemiddelde zaalbezetting van 72 procent. Dit alles met 25 vaste medewerkers en enkele tientallen oproepkrachten. En als ze tegen haar hardwerkende 'Combi-kids' heeft gezegd dat 31 december echt een vrije dag is, komt Youp van 't Hek op het laatste moment aanzetten met het verzoek of hij zijn oudejaarsconférence in het Nieuwe de la Mar kan spelen. Natuurlijk kan dat.

Dan worden de huisjes op Terschelling afgezegd, want onder het personeel klinkt al vele jaren de kreet: Als Rudelsheim vindt dat het moet, dan doen we het.

Aan die tropenjaren komt aanstaande maandag een eind. Dan neemt Jeannette Smit haar plek in. De enorme diversiteit ervaart Rudelsheim als de grote charme van het werk, maar die is haar in zekere zin ook noodlottig geworden. Ze heeft geen zin meer om zaterdagochtend als een verdwaasde de spullen uit de schappen van Albert Heijn te grissen omdat ze het script nog moet lezen en die video nog moet regelen.

Onder haar leiding is de Theatercombinatie uitgegroeid tot een van de meest invloedrijke kunstbolwerken van Nederland. Dat is niet af te zien aan het kantoor van Rudelsheim. Het is een gehorige bouwkeet op het dak van Bellevue. Op een warme zomerdag is het daar niet te harden. Dan pakt ze haar spullen en werkt ze in de grote zaal. Het zou eigenlijk wel tijd worden voor airconditioning op kantoor, maar het bescheiden budget gaat volledig op aan theatervoorzieningen en de bespelers.

Maar ook die hoeven geen wondergages te verwachten. 'Gelukkig groeit bij de gemeente eindelijk het besef dat het programmeringsbudget omhoog moet.'

De vertrekkende directeur heeft de afgelopen jaren wel eens met enige jaloezie naar de financiële mogelijkheden van grote broer Carré gekeken. Ook al wordt er voor Bellevue/Nieuwe de la Mar zeer internationaal geprogrammeerd, zij komt ambtshalve niet verder dan Delfzijl en Zierikzee.

Recensies, video's, vertrouwen in eigenzinnige producenten als Frans Ruhl, die de Amerikaanse stand up comedians aanbood, en Wim Visser, die met de Zuid-Afrikaanse cabaretier Pieter Dirk Uys kwam aanzetten, moeten het ontbreken van een reisbudget compenseren. Zij heeft artiesten als Hans Liberg de gang zien maken van Klein Bellevue via Nieuwe de la Mar naar Carré.

Toch zou zij zelf weinig trek hebben in zo'n loopbaanlijn. 'Ik moet er niet aan denken om vier maanden de ene musical te programmeren en drie maanden de andere. Dat vind ik niet dynamisch genoeg.'

Dynamiek is er in overvloed. Haar inzet voor multi-cultureel theater (behalve in de buurthuizen kom je vrijwel alleen in haar theaters allochtoon publiek tegen) en promotie van de moderne dans leverden haar op de valreep de Prijs van de Kriktiek 2000 op.

Ondanks de lof erkent zij ook fouten te hebben gemaakt. Zo neemt zij het zichzelf kwalijk dat zij de mogelijkheden van Herman Finkers niet goed heeft ingeschat. Die heeft zij vanuit Klein Bellevue gewoon naar De Kleine Komedie laten wegglippen, terwijl hij vele avonden Nieuwe de la Mar zou hebben uitverkocht.

Finkers had juist zo goed gepast in het Nieuwe de la Mar dat zij bij haar aantreden voor ogen had. Dertien jaar geleden maakte zij schoon schip in dat verburgerlijkte theater. De vrije producenten probeerden haar nog met een 'Rudelsheim moet weg-actie' te lozen, maar zij laat zich niet wegjagen.

Ook de gemeente Amsterdam treft in haar een vasthoudende knokker. Nu moet er 45 miljoen op tafel komen om het Nieuwe de la Mar te redden. Tijdens een concert van Frank Boeijen eerder dit jaar kwam het plafond van de foyer onder de zaal vervaarlijk in beweging. Noodmaatregelen zorgen ervoor dat de programmering gewoon kan worden afgemaakt, maar oplappen heeft geen zin meer.

De kleedkamer van Wim Kan moet in tact blijven, anders komen de cabaretiers met historisch besef niet meer. Maar verder mogen de slopers wat haar betreft aan de slag.

Meer over