'Als ik straks niets meer zie, is het voorbij'

De begin november met een ere-Oscar bekroonde nouvelle vague-regisseur Agnès Varda (89) laat zich niet tegenhouden door beperkt zicht. Ze maakte haar nieuwste documentaire Visages, Villages gewoon samen met fotograaf JR.

Agnès Varda en JR.

'Dit is een serieuze avond', zegt de Franse filmmaakster Agnès Varda begin november tegen een balzaal vol filmelite in Los Angeles, waar ze als eerste vrouw in de geschiedenis met een ere-Oscar wordt bekroond. 'Belangrijk. Vol betekenis en gewicht. Maar als ik mag kiezen tussen zwaarte en lichtheid, dan kies ik het lichte.' Ze begint steeds breder te lachen. Ze voelt zich zo licht en gelukkig, zegt ze, dat het lijkt alsof ze danst.

Ze zwaait met haar gekleurde sjaal naar de zaal. Actrice Angelina Jolie, die de Oscar even daarvoor aan Varda had uitgereikt ('Dankjewel dat je allesbehalve normaal bent'), pakt daarop haar handen en danst met de 89-jarige Française over het podium.

Het moment is vintage Varda. Ze palmt haar publiek in door haar kwetsbaarheid te tonen ('Ik word hier een beetje verlegen van'), spot vervolgens vrij subtiel met de mores van het filmgala (want wat ís zo'n avond vaak serieus en saai) en wipt iedereen in de zaal eventjes uit de filmavondetiquette. Varda is ontwapenend. Ze moedigt aan om, net als zij, lekker te doen waar je zin in hebt. Dansen op een plek waar dansen misschien een beetje gek wordt gevonden, bijvoorbeeld.

Precies een half jaar eerder zit Varda tegenover drie journalisten op het filmfestival van Cannes, naast de gelauwerde Franse fotograaf en beeldend kunstenaar JR (34 jaar, alleen bekend onder zijn initialen en volgens het Britse dagblad The Guardian 'de hipste straatkunstenaar sinds Banksy' - hij beplakte eens de volledige buitenmuur van het Tate Modern met zijn foto's) . Hun feelgooddocumentaire Visages, Villages is zojuist in wereldpremière gegaan en is - verrassend - in hoog tempo uitgegroeid tot een van de festivalfavorieten. (Onlangs draaide de documentaire op het Idfa en vanaf volgende week donderdag is de film door het hele land in de bioscopen te zien.)

Tekst gaat verder onder de afbeelding.

Up-to-date

Agnès Varda is vaak moe en haar zicht is de laatste jaren drastisch achteruitgehold, maar haar nieuwsgierigheid naar de wereld om haar heen heeft niet te lijden onder dat ouderdomsgedoe, zei ze in mei in Cannes. 'Ik ben vorige week begonnen met Instagram.' Twinkeling in de ogen. 'Nu ben ik een up to date old lady.' (zie Instagram)

Agnès Varda en JR.

Bloempotkapsel

In Cannes is Varda's grijze kenmerkende bloempotkapsel, afgezien van de roodbruin geverfd uiteinden, onveranderd ten opzichte van 1954, het jaar waarin ze als 26-jarige debuteerde met het vrij vertelde vissersdorpjesliefdesdrama La Pointe Courte. Met die film zou Varda volgens filmhistorici de basis leggen voor de nouvelle vague, de invloedrijke Franse filmstroming waarin door makers als Jean-Luc Godard, François Truffaut en Alain Resnais onder meer werd geëxperimenteerd met vernieuwende, losse vertelstructuren.

Voor Varda, weduwe van filmmaker Jacques Demy, leek al die jaren geen glazen plafond te bestaan. Ze regisseerde enkele opmerkelijke nouvelle vague-klassiekers, met als hoogtepunt Cléo de 5 à 7 uit 1962, dat zich in realtime afspeelt. In 1985 won ze de Gouden Leeuw in Venetië voor Vagabond, haar in documentairestijl gedraaide profiel van een zwerfster.

Met Visages, Villages, de eerste film die Varda samen met een ander regisseert, doen de filmmaker en fotograaf verslag van hun eigen fotografieproject: ze rijden met een busje kriskras door Frankrijk, fotograferen Fransen die gedurende hun leven ongezien bleven - mijnwerkers, boeren, vrouwen van dokwerkers - en plakken hun afbeeldingen in reuzenformaat op hun woningen of werkplaatsen. Een verlaten straat met oude mijnwerkershuisjes wordt opgesierd met een reeks foto's van de mijnwerkers - de enige overgebleven bewoonster schiet ter plekke vol. Een boer die in zijn eentje met geavanceerde tractors honderden hectares land bewerkt ziet zichzelf metershoog terug op een van zijn schuren. En, typisch Varda-humor: een watertoren wordt aan de buitenkant beplakt met foto's van vissen, die, zo suggereert de filmmaakster, als versiering van deze enorme waterbak nu vast heel vrolijk zijn.

'We wilden graag mensen filmen die normaal gesproken nooit voor een camera hun verhaal kunnen vertellen', zegt Varda zachtjes, haast fluisterend. We buigen naar elkaar toe om elkaar beter te verstaan. 'Dat gebeurt hen nooit, dat iemand met een camera zo lang met ze praat tot ze voldoende op hun gemak zijn. Dat zijn helemaal geen ingewikkelde gesprekken trouwens. Gewoon, een praatje. Als dat lukt, als ze mij vertrouwen, dan zeggen ze heel precies wat ze willen zeggen.'

Beeldsprokkelaar

Het is een bedrieglijk eenvoudig idee, maar de uitvoering ontroert keer op keer. Varda en JR laten zien hoe heden en verleden in één ruimte kunnen overlappen, hoe ook gewone mensen als helden kunnen worden beschouwd (zonder daar pathetisch over te doen) en hoe mensen gevormd worden door hun herinneringen. En dan steekt Visages, Villages ook nog slim in elkaar, gemonteerd vol fraaie persoonlijke beeldassociaties en charmante spanningsboogjes. Zal JR zijn met zijn gezicht vergroeide zonnebril ooit voor haar afzetten, zoals Varda hem dat geregeld speels-moederlijk vraagt? En zal het Varda lukken om weer in contact te komen met haar uit het oog verloren vriend, collega-filmer en levende legende Jean-Luc Godard, die als jong broekie ook dagelijks een zonnebril droeg en die toen wél voor Agnès afzette?

De afgelopen twee decennia onderscheidde Varda zich met documentaires, waaronder Les glaneurs et la glaneuse (2000), een fraaie schets over moderne sprokkelaars van weggegooid eten (van aardappelrapers op het platteland tot dumpsterdivers in de stad - zelf beschouwt Varda zich terloops als beeldsprokkelaar), die onlangs opnieuw op het Idfa werd vertoond. In Les glaneurs et la glaneuse spreekt ze, kijkend naar de rimpels op haar handen, voor het eerst hardop uit dat de eindfase van haar leven inmiddels is ingezet.

Agnès Varda en JR.

Slechte conditie

Zeventien jaar later gaat het in Visages, Villages over haar sterk achteruit geholde gezichtsvermogen. 'Mijn ogen zijn momenteel in een slechte conditie. Voor mij is het dragen van een bril al lang niet meer genoeg. Daar kan ik iets over uitleggen: de bril is als de lens van de camera, als die niet voldoende functioneert ontstaat er een probleem met de film. Thuis probeer ik mijn gebrek te compenseren met grote beeldschermen en veel licht, maar de kwaal blijft.'

Het leek logisch om haar slechte zicht een onderwerp van de film te maken. 'De film gaat ook over de kracht van het kijken. Over verschillende perspectieven op hetzelfde personage, onderwerp of object. Over hoe beelden mij helpen herinneren. En, uiteindelijk, over de vluchtigheid van het leven. Als ik straks niets meer zie, is het voorbij.'

Haar beperking is ook de reden waarom ze haar kompaan JR vrij liet in zijn werk. Hij maakte de foto's, plakte ze op gebouwen, ging op zoek naar de meeste locaties. Varda hield controle over de montage. Filmschrijven, noemt ze dat. 'Ik ben er na al die jaren van overtuigd dat een film wordt geschreven in de montagekamer. Ik vind het heerlijk om coherentie aan te brengen in alles wat er is gefilmd. Mijzelf de vrijheid geven om van de ene situatie naar de andere te gaan. Als een vogeltje, ziet u?'

Tekst gaat verder onder de afbeelding.

Visages, Villages.

Beautifully happy

In de montagekamer ontdekte ze ook dat ze zich via film met delen van haar eigen leven verzoent. 'Er zit bijvoorbeeld een sterk feministische sequentie in, wanneer we de vrouwen van dokwerkers in La Havre levensgroot afbeelden op gestapelde containers. Pas achteraf ontdekte ik: die scène gaat ook over mij.' Want Varda kon weliswaar ruim zestig jaar aan een uitgebreid film-cv werken, qua aandacht stond ze een leven in de schaduw van de mannelijke collega's met wie ze de nouvelle vague-beweging vormde.

In bredere zin is Visages, Villages een film over mensen die vrede sluiten met zichzelf en met elkaar, zegt ze. Over saamhorigheid, ook. Bewondering van de buren. Weg van politiek, machtsverschillen en imago. Is de film daarmee bedoeld als tegengif in een tijd waarin politici als Marine le Pen mensen juist tegen elkaar opzetten? 'Wellicht een beetje, ja. Ik ben me natuurlijk bewust van wat er gebeurt in de wereld, maar ik wil ook laten zien dat er mensen bestaan die op geen enkele manier te maken hebben met het alledaagse nieuws.'

Een subjectieve documentaire, noemt ze het. 'Daarom waren we zo beautifully happy gisteren, toen er zo hard geklapt werd tijdens de première. Zag u de film tijdens de persvoorstelling? Werd daar ook geapplaudisseerd? Ja? Daar hou ik van.'

Vindt ze na al die jaren het moment waarop haar film voor het eerst aan een publiek wordt vertoond dan nog steeds spannend? 'Nou, ik heb films gemaakt die zijn geflopt. Ik ken de keerzijde, het gevoel als je publiek het niks vindt. Maar ditmaal voelde ik mij vredig, vooraf. Ik was er zeker van dat we de film hebben gemaakt die we wilden maken. We hoefden onszelf niet te verraden omdat er te weinig geld was of iets dergelijks.'

Hopelijk blijft ze films maken, zeg ik als een pr-assistent handenwapperend een eind aan het gesprek maakt. Varda zucht. 'Je suis un peu fatiguée.' Ze steunt op mijn arm terwijl we de interviewruimte uitwandelen. Een beetje moe is ze. En ze wordt opgewacht door weer een nieuw legertje mensen dat vraagt om een beetje van haar tijd. 'Maar', zegt ze, 'ik vind het geweldig wat mij allemaal overkomt.'

Agnès Varda en JR.
Meer over