‘Alles gaat over kijken en herinneren’

Processie moet de Arnhemse bevolking bij Sonsbeek betrekken. ‘De gemeente met ezels op de rug, wie bedenkt het.’..

De gilde van hockeyclub Upward rijdt een lindeboom op een steekkar. Ze zijn gekleed in een zwarte broek en een witte bloes. De slag van een grote trommel geeft het ritme van hun beweging aan. Stap, tik, stap.

De lindeboom is een kleinere en jongere variant van het 25 jaar oude en 20 duizend kilo zware exemplaar dat vanaf volgend weekend horizontaal op een smalle sokkel zal liggen in het Sonsbeekpark.

Het is het beeld van de Belgische kunstenaar Michel Francois. Bezoekers aan het park zullen de komende zomer getuige kunnen zijn van de gevolgen van zijn ontworteling. Hoe een boom een beeld wordt.

In totaal werden er zondag 26 beelden door het zonnige centrum van Arnhem gedragen door speciaal daarvoor samengestelde groepen Arnhemmers. Deze ‘processie’ is de opmaat voor de tiende internationale beeldententoonstelling, Sonsbeek.

Het is de bedoeling van samenstelster Anna Tilroe om de bewoners van Arnhem bij de beeldententoonstelling te betrekken. Zij heeft overal in de stad haar boodschap uitgevent en uitleg gegeven over het thema Grandeur, ‘een verbindend streven naar menselijke grootheid’.

Daarop hebben mensen zich spontaan aangemeld en zijn de 26 gilden gevormd. Het idee spreekt het publiek aan de kant van de weg enorm aan. Marlon van Haren heeft al drie keer op verschillende plekken alle beelden voorbij zien komen. ‘Ik vind het een fantastisch idee om de kunst zo de stad in te dragen. Dit is werkelijk laagdrempelig.’ De combinatie van gilden en beelden, vindt ze helemaal hilarisch. ‘De gemeente met ezels op de rug, wie bedenkt het. Of het gilde van de vrouwen van Sonsbeek met hardcore porno.’

Het heeft weken van oefening gekost om de gilden in de pas te laten lopen. Per kunstwerk is door Adriaan Luteijn, choreograaf van Introdance, een eigen loopchoreografie bedacht. Zo wiegt het gilde van het Rode Kruis onder de kunst van de Nederlandse kunstenares Rini Hurkmans, een 8 bij 4 meter spierwit kleed van gedragen hemdjes, blouses en overhemden. En gaan levende krijgers op de wagens van de Noorse kunstenaar Charlie Roberts daadwerkelijk met elkaar de strijd aan.

Dit is het enige beeld dat de processie een carnavalesk karakter geeft. Voor de rest is de optocht door muziek, tromslag, en serieuze gezichten van de gildenaren een ontroerende plechtigheid. Kunst wordt door hen letterlijk op handen gedragen.

Het is geen gemakkelijke kost. Want behalve het beeld de Lazy King van de Franse Alain Séchas, een groot wit beeld van een liggende figuur met een kroon, spreken de beelden niet zomaar voor zich. Daardoor heeft de processie in de winkelstraten een harde dobber aan de koopzondag. Maar volgens gedeputeerde Hans Esmeijer van Cultuur prikkelt de processie juist de nieuwsgierigheid. ‘Dit is de manier waarop je zo’n evenement moet aankondigen. Zo gaan mensen uit Arnhem zelf ook naar het beeldenpark toe.’

De honderden mensen die beelden door Arnhem droegen, van daklozen, tuinders tot geleerden, hebben een grote voorsprong. Zij kregen na een paar avonden van droog oefenen, heel veel interesse in ‘hun beeld’ en ‘hun kunstenaar’, vertelt woordvoerder Meike Verhagen. Ook de beoogde verbinding kwam tot stand. ‘Mensen gingen zich aan elkaar voorstellen en bleven op de oefenavonden lang hangen.’

Klokslag twee uur krijgt het eerste beeld, een geborduurde kleed met een olifantsoog gedragen door de kunstenaarsgilde, op het Kerkplein zijn bestemming. In het midden van een volle tribune wordt het op een echte olifant gehangen.

In het park zal een gefilmd olifantsoog het bezoek observeren. ‘Alles gaat over kijken en herinneren’, zegt de Nederlandse kunstenares Marijke van Warmerdam. De olifant staat bekend om zijn scherpe blik en een enorm geheugen, maar ‘we hebben geen idee wat het ziet en zich herinnert.’

Meer over