ColumnRobert van Gijssel

Al gloort er hoop, we koersen af op een extreem wankele festivalzomer

null Beeld

Wekelijks neemt Bor Beekman, Robert van Gijssel, Merlijn Kerkhof, Anna van Leeuwen of Herien Wensink stelling in de wereld van film, ­muziek, theater of beeldende kunst.

Als festivalliefhebber leefde je de afgelopen dagen tussen hoop en vrees. De mentale achtbaanrit begon twee weken geleden, en waar anders dan op de heilige festivalweide van Biddinghuizen. Op de enorme vlakte, waar je gewend bent tussen 50 duizend Lowlands- of Defqon-gangers te strompelen, was een minifestival gebouwd voor 1.500 man, een zoveelste zogeheten ‘fieldlab’. Er werd achtereenvolgens een dancefestival en een popfestival gevierd, met geteste bezoekers die eenmaal binnen alle remmen losgooiden.

Het was om meerdere redenen een verheugend weekend. In de eerste plaats omdat je kon zien dat het oude festivalgevoel razendsnel terugkeerde, zoals dat hopelijk ook postcovid gebeurt. Maar ook omdat je voor je zag hoe een festival toch ook mogelijk zou moeten zijn gedúrende corona, met test- en vaccinbewijzen en desnoods nog een handvol maatregelen. Ja, de festivallente leek even aangebroken.

Maar daarna werd het frisjes. Omdat de realiteit zijn nare kop om de deur kwam steken. Pinkpop, dat gepland stond voor half juni, maakte bekend dat ook de editie van 2021 niet doorgaat. Of, in de terminologie die corona aan het festivalwoordenboek toevoegde: het is ‘uitgesteld’. Naar 2022. Net als Best Kept Secret. Woensdag volgde het hiphopfestival Woo Hah, dat ook voor de tweede keer de handdoek in de ring moest gooien.

Voor deze festivals, die het vooral moeten hebben van grote namen uit de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk, is het niet mogelijk gebleken een meerdaags festival op te bouwen rond het idee dat de internationale artiesten straks juichend in het vliegtuig stappen, op weg naar ons. Dat idee is namelijk op drijfzand gebouwd.

Nog even los van de vraag hoe we het hier over acht weken voor elkaar hebben (de tijd vliegt), en hoe het ervoor staat met de vaccinatiegraad en de besmettingscijfers: een internationale festivaltournee lijkt er dit jaar gewoon niet in te zitten. Daarvoor hebben we nu eenmaal gunstige vaccinatiegraden en besmettingscijfers van tientallen landen nodig, oftewel: het lonkende einde van de pandemie.

Het lijkt erop dat we ons festivalheil moeten zoeken bij het nationale aanbod en een kleinschaliger aanpak. Het Amsterdam Dance Event (ADE) maakte vorige week bekend te koersen op een best mooie editie, met een spaarzame buitenlandse dj en vooral veel moois uit eigen land. Het ADE heeft ook iets meer speelruimte: de 25ste editie staat gepland voor oktober. Ook bemoedigend: het festival voor klassieke muziek en relaxte levensgevoelens Wonderfeel maakte deze week bekend toch ook een editie voor te bereiden voor juli. Met hangmatten, yoga, een watertje en een bosrand: met zo’n opzet loop je als organisatie ook niet overdreven veel risico.

Grappig was ook een aankondiging van Gelderpop, dat van de treurige gelegenheid gebruik wil maken om iets groots te presteren. Het festival (met Kensington, Suzan & Freek en Snollebollekes) wil op 3 juli doorgaan als ‘officiële opening van het festivalseizoen’, een eretitel die in normale tijden is gereserveerd voor Paaspop te Schijndel, dat al in april zou moeten beginnen. Maar dat dit jaar dus ook is ‘verplaatst’ naar september.

Daarmee sluit Paaspop het festivalseizoen dit jaar misschien af. Een half jaar ná Pasen. Die curiositeit zegt alles over de extreem wankele festivalzomer die we voor de boeg hebben. Hou u vast, en hou de moed erin.

Meer over