Reportage

Al (bijna) 250 afleveringen Dit was het nieuws. Hoe houden de makers het programma scherp?

Achter de schermen bij Dit was het nieuws. Beeld Hilde Harshagen
Achter de schermen bij Dit was het nieuws.Beeld Hilde Harshagen

Van Dit was het nieuws wordt donderdag de 250ste aflevering uitgezonden. Wie maken het programma tot een succes? De Volkskrant keek mee over de schouders van de makers.

Vier uur voor de opname van Dit was het nieuws galmt woensdagmiddag de onlosmakelijk met het programma verbonden stem van presentator Harm Edens door de studio. Van de autocue leest hij monter de ene na de andere grap voor die misschien de 249ste uitzending haalt, misschien ook niet.

De redacteuren die naar hem zitten te luisteren moeten de komende uren nog heel wat vondsten laten sneuvelen. Er is, zoals eindredacteur Koos Terpstra zegt, ‘nog veel, en veel teveel’. Hij kijkt om zich heen om te peilen hoe de grappen vallen.

Edens: ‘Veel ouders zijn bang dat hun kinderen een achterstand hebben die ze niet meer in kunnen halen. Beste ouders, geen paniek, kijk naar Hugo de Jonge. Die heeft al maanden een achterstand, kan niet rekenen en heeft nog steeds en topfunctie.’

Terpstra: ‘Leuk.’

‘Hugo de Jonge heeft op coronagebied zo’n zwalkend en inconsistent beleid, bij het OMT noemen ze hem al Hugo de Tjongejongejonge.’

- ‘Leuk.’

‘Hedgefundmanagers hebben veel geld verloren, maar hun verdiende loon hebben ze nog steeds niet gekregen: aids.’

Lacht: ‘Ja.’

‘De beurs stijgt, en de beurs daalt weer. Een beetje zoals mijn interesse als iemand over de beurs begint te vertellen.’

- ‘Eruit.’

Wat typeert nou precies de humor van Dit was het nieuws? Die vraag is ook voor de makers van de satirische spelshow die wekelijks meer dan een miljoen kijkers trekt nog niet zo eenvoudig te beantwoorden. Het programma viert een drietrapsjubileum: het bestaat 25 jaar, half januari begon het veertigste seizoen, donderdag 11 februari is de 250ste aflevering te zien op NPO 1.

De redactie van DWHN aan het werk, met in het midden Gerthein Boersma en rechts Sanne Verkaaik. Beeld Hilde Harshagen
De redactie van DWHN aan het werk, met in het midden Gerthein Boersma en rechts Sanne Verkaaik.Beeld Hilde Harshagen

Al bijna tien jaar was Rutger Lemm onderdeel van het schrijversteam van DWHN toen hij een verontwaardigde mail stuurde naar Eric van Sauers, ook eindredacteur. De eerste jaren gaf hij ‘echt alles’, zegt hij. ‘Tot ik begon te merken dat de selectie vrij willekeurig was’. Weer had hij een Word-document vol grappen bij Van Sauers ingeleverd, grappen die presentator Edens in de uitzending zou kunnen voorlezen, maar na het zien van die uitzending snapte hij weinig van de keuzes die de redactie had gemaakt. ‘Waarom haalde die grap het script wel, en die van mij niet?’

In zijn ogen werd het niveau platter. Hij lacht er nu om, want begrijp hem niet verkeerd: ‘Ik leverde zelf ook platte grappen in, ik stond daar niet boven ofzo. Het ging me er ook niet per se om dat mijn grappen beter waren. Ik begreep op dat moment gewoon niet wat er gevraagd werd, of diepzinnigere grappen wel zin hadden. Eric heeft me dat toen netjes per telefoon uitgelegd.’

Mede dankzij die mail zit Lemm sinds drie jaar zelf in de redactie. Koos Terpstra: ‘Als iemand vindt dat het anders moet, dan is ons antwoord altijd: kom maar op.’ Lemm: ‘Eerlijk gezegd begrijp ik nog steeds niet hoe het eindresultaat tot stand komt.’

Eric van Sauers behoorde tot de groep cabaretiers rondom Comedytrain-oprichter Raoul Heertje die in 1995 gevraagd werden door omroep Tros om een Nederlandse variant te maken van het BBC-programma Have I got news for you. Het jaar erop zond omroep Tros de eerste DWHN uit, op Nederland 2, met Heertje en Thomas Acda als teamleiders.

Zij werden later opgevolgd door verschillende comedycollega’s, onder wie Marc-Marie Huijbregts. In 2009 stopte het programma, omdat de toenmalige netmanager er na 150 afleveringen genoeg van had. Van 2011 tot en met 2015 was DWHN te zien op RTL4. Sinds de terugkeer bij Avrotros in 2017 zijn Peter Pannekoek en Jan Jaap van der Wal de teamcaptains, met iedere aflevering een andere gast aan hun zijde.

Van Sauers en theaterregisseur Koos Terpstra zijn vanaf het begin bij het programma betrokken, net als Harm Edens die sinds jaar en dag een keur aan vaste zinnetjes heeft waarvan ‘Dit was Dit was het nieuws, goedenavond’ er slechts eentje is. De producent is van meet af aan Angelique de Vries.

Eric van Sauers is sinds 1996 eindredacteur van het programma. Beeld Hilde Harshagen
Eric van Sauers is sinds 1996 eindredacteur van het programma.Beeld Hilde Harshagen

Naast de redactie is er nog een zwik medewerkers, een wisselend gezelschap dat meedenkt over invalshoeken en grappen verzint. Nu het programma op donderdag op tv komt, krijgen ongeveer tien schrijvers maandagmiddag een zo actueel mogelijke opzet voor de volgende aflevering toegestuurd met onderwerpen, foto’s en video’s voor de verschillende rubrieken.

Dinsdag, de avond voor de opname, leveren de schrijvers hun grappen en oneliners in bij de eindredactie. Koos Terpstra en Eric van Sauers nemen het hele grappenpakket door, thuis achter de computer. ‘Dan lach ik nul keer,’ zegt Terpstra. Vanochtend om zeven uur is hij nog eens door het hele zooitje heengegaan. ‘Eric en ik hebben allebei een andere benaderingswijze. Hij selecteert de grappen die hij erin wil hebben, ik zoek de grappen uit die ik er niet in wil hebben. Ik streep weg, tot ik één A4'tje per schrijver overhoud. Uiteindelijk heb ik in totaal nog negen of tien A4'tjes.’

Twee uur voor de opname zit hij ontspannen achter een bord eten. De redactie moet nog een paar betere grappen verzinnen bij een paar van de foto’s waarmee het programma elke week eindigt. Zat er helemaal niks tussen al die inzendingen? Pretogen achter zijn bril: ‘Nee. Of misschien ook wel, maar dan hebben we er overheen gekeken. Het punt is: we hebben zó’n pak grappen. Het is heus niet zo dat we altijd de goede keuzes maken. Ik zou ook niet weten hoe ik dat zou moeten doen. We gaan af op ons eerste gevoel, tijd om er langer over na te denken hebben we niet.’

null Beeld Hilde Harshagen
Beeld Hilde Harshagen

Van de grofweg zeshonderd ingeleverde grappen viel negentig procent al af voor de vergadering met de redactie, vanochtend. Hooguit twintig of dertig blijven er over in het eindscript voor de opname, die ongeveer anderhalf tot twee uur duurt. Nog minder halen er de uitzending, een montage van veertig minuten.

Ook vanavond zullen de anderhalve meter uit elkaar gezette bankjes in de studio leeg blijven. Alles is anders nu het programma zonder publiek moet worden opgenomen, moeilijker, niet in de laatste plaats voor Peter Pannekoek en Jan Jaap van der Wal. Terpstra: ‘Ik heb grote bewondering voor hoe zij de boel aan de gang houden in deze tijd.’

Van Sauers mist een referentiekader. ‘Het is heel lastig om zonder reactie uit de zaal te bepalen of de grappen die wij uitkiezen goed genoeg zijn. We moeten oppassen dat Dit was het nieuws niet teveel onze eigen smaak wordt.’

Als er al zoiets bestaat als één redactiegevoel voor humor, dan mag het niet de overhand krijgen, benadrukt ook Terpstra. ‘Als in de ochtendvergadering iedereen om een grap lacht, dan weet ik één ding zeker: die slaat helemaal dood in de zaal. Dat zijn vaak grappen met een driedubbele laag, of met een meta-element. Ik vermoedde zoiets bij die hedgefundmanagers-aidsgrap, daarom checkte ik vanmiddag of Paul, een van de cameramensen, erom moest lachen. Het is een typische makersgrap; als theatermaker snap je waar-ie vandaan komt, je ziet welke bocht er genomen wordt, en daarom vind je hem leuk.’

Comedians in de redactie neigen vaak naar grappen die ‘verantwoord’ zijn, zoals Terpstra het omschrijft. ‘Geen seksgrappen, niet wéér Gordon pakken, en een flauwe woordspeling is eigenlijk ook not done. Zo zijn er een heleboel dingen waarvan zij vinden: dat doe je gewoon niet, dat is te slecht. Maar ja, no fucking way dat het de kant op moet van alleen maar verantwoorde grappen. Het gaat om het evenwicht. Ik vind het heerlijk om met Dit was het nieuws het hele humorspectrum te bestrijken.’

null Beeld Hilde Harshagen
Beeld Hilde Harshagen

Makkelijk scoren, dat is volgens hem de combinatie niet geliefde bekende Nederlander in combinatie met seks. ‘Werkt altijd.’

Van Sauers: ‘Het gaat om een onvoorspelbare balans tussen slimme, talige grappen, subtiele grappen waar je niet keihard om lacht en inschieters op het randje van smakeloos. Wij durven het aan om een gelaagde grap te laten liggen, en in de eindmontage toch te kiezen voor drie ‘slechte’ grappen achter elkaar.’

De keuzes van de eindredactie hangen ook af van de dynamiek tussen Harm Edens, de teamleiders en gasten, weet Ruud Smulders intussen. Sinds drie seizoenen is hij redacteur. ‘Je wilt Skittles aanbieden, van alle kleuren een beetje. Niet alleen maar blauwe M&M’s. Nu ik in de redactie zit, begrijp ik beter hoe het kan dat een grap die iedereen leuk vindt toch de uitzending niet haalt.’

De manier van werken is soms nog een beetje 1996, viel Rutger Lemm op toen hij zich in 2018 bij de redactie voegde. ‘Alsof vorig jaar de fax is afgeschaft, bij wijze van spreken. Met analoge structuren die nu eenmaal zo werken, dus blijven we het zo maar doen. Nu we een redactie van alleen maar dertigers hebben, doen we alles via Google Docs. Dat zorgde eerst wel voor een soort paniek.’

Als vijftienjarige nam hij het programma op met de videorecorder. Sommige ‘heel stomme, heel goede grappen’ uit de begintijd kan hij zich letterlijk herinneren. ‘De stand is natuurlijk altijd 4-4 na de eerste ronde, en Harm zei: ‘De stand is net zoals die kleine zakjes chips: het gaat gelijk op.’ Dat zijn van die melige grappen waar je toch even over moet nadenken die ik typisch Dit was het nieuws vond, en vind.’

Hoe houd je een programma dat al 25 jaar bestaat goed? Daarover denkt Koos Terpstra dus liever niet te veel na. Er zit op geen enkele manier sleet in, zegt hij. ‘Echt nul, bij niemand niet. Ik weet ook helemaal niet of Dit was het nieuws wel zo’n goed programma is. We maken het gewoon. We zijn nooit bezig met dat het goed moet zijn. Echt nooit. Kan mij het wat schelen! Gooi ons eruit, zoals de zenderbazen een paar keer gedaan hebben. Klaar. Ga ik wel wat anders doen.’

Eindredacteur Koos Terpstra. Beeld Hilde Harshagen
Eindredacteur Koos Terpstra.Beeld Hilde Harshagen

Niemand mag zich beperkt voelen, dat vindt hij het belangrijkste. DWHN moet alle kanten op kunnen, juist ook in een richting die geen mens ziet aankomen. Er schiet hem een uitspraak te binnen van Jan Stelma, oud-directeur van het Grand Theatre in Groningen. ‘Hij zei: beleid, dat maak je achteraf. Doe maar gewoon wat je doen moet, en je zult na afloop zien dat er een lijn in zit.’ Dat vind ik een goeie.’

Deze week is hij blij met een gedicht van de Japanse dichter Toyo Shibata dat Harm Edens in de uitzending voorleest, in de droge rubriek ‘Harmverwarmend’. ‘Waarom? Ik vind het belangrijk dat er een gedicht op de Nederlandse tv te horen is, primetime. Dan vinden mensen het maar even niet grappig. Dat we dat soort dingen gewoon doen, daar ben ik trots op.’

null Beeld Hilde Harshagen
Beeld Hilde Harshagen

Iets na tienen zit de opname erop. Op een tafel in de gang staan blokjes kaas, worst, pinda’s en kaasstengels in geruite koffiebekers, een coronaborrelbuffetje dat vanavond weinig voor de sfeer kan betekenen. De redactie is moe en oogt niet héél voldaan. Deze aflevering wordt niet de sterkste van het seizoen, dat hebben zij al wel gezien.

Eric van Sauers en Koos Terpstra doen het ermee. Ze verdwijnen naar een ruimte achter de studio om het materiaal alvast terug te snoeien naar een voormontage – pot thee erbij. Tegen half één zullen ze wel klaar zijn. Een lange dag, ja, nou en? Terpstra, cynisch, weer die pretogen: ‘We doen het voor onze lol, kan ik je melden.’

Wat maakt een aflevering van DWHN volgens hem geslaagd? ‘Wij zitten hier om wat vermakelijks en interessants toe te voegen aan het nieuws. Tenminste, dat proberen we. Het gebeurt gemiddeld één keer per seizoen dat ik denk: wauw, hier hebben we ‘m te pakken, hier nailen we ‘m echt. Dan is me iets verteld over de wereld, heb ik een goed verhaal gehoord, ben ik ontroerd geweest én heb ik verschrikkelijk gelachen.’

De aidsgrap, een persoonlijke favoriet, gaat de uitzending niet halen. Maar het was wél een goeie grap.

Grappenschrijvers van Dit was het nieuws over het grappenschrijverschap

Cindy Pieterse (48) schrijft voor DWHN sinds 2001. Ze zat in de redactie van 2003 tot 2018.

‘Vroeger belde ik vaak mijn zus om de grappen die ik wilde inleveren hardop aan haar voor te lezen. Dan hoor je of het ritme klopt, wat wordt begrepen en wat niet. Harm moet het goed zijn strot uit krijgen, dus is het zaak te zorgen dat punten en komma’s op de juiste plek staan. Harm is een enorme kracht. Dat onderschatten mensen nog weleens, maar niemand die zo goed kan voorlezen als hij. Hij durft alles te zeggen, deinst nergens voor terug.

‘De ene keer heb ik meer en beter geschreven dan de andere keer. Deze week zat er een onderwerp bij over aandelen. Nou, daar heb ik helemaal niks mee. Ik heb er maar twee grappen bij ingeleverd - een unicum. Over de basisscholen die weer opengaan, had ik dan weer ruim anderhalf A4'tje. Alles bij elkaar opgeteld ben ik er een hele werkdag mee bezig.

‘De dag na de opname krijgen de schrijvers de autocue van het eindscript toegestuurd. Een beetje gênant, maar ik ga nog steeds eerst mijn eigen grappen zitten tellen. Stefan Pop en Kees van Amstel, met wie ik destijds in de redactie zat, deden altijd wedstrijdjes wie de meeste grappen in het script had.

‘Meestal zijn gemiddeld vijf, zes grappen van alle grappen in het eindscript van mij. Als je in de redactie zit, heb je er veel meer in het script, omdat je dan - naast de grappen die je thuis, net als de andere schrijvers, al had geschreven - op de opnamedag ook het script moet aanvullen, aanscherpen en veranderen.

‘Soms ben ik verbaasd over de keuzes die de redactie heeft gemaakt. Ingehaald worden door iemand die het nog beter heeft geformuleerd is niet erg, nieuwe dingen uitproberen is belangrijk, maar een paar weken geleden vond ik de grappen écht niet sterk. Ik heb er met Eric over gebeld, voor het eerst.

‘Als schrijver op afstand ken je de overwegingen van de dag niet. Omdat ik zo lang in de redactie heb gezeten, kan ik me daar beter bij neerleggen. Je moet het vooral niet persoonlijk nemen.’

Riza Tisserand (48) schrijft sinds 2020 weer mee, na eerder al eens twee seizoenen aan het programma te hebben meegewerkt.

‘Voor DWHN schrijven zie ik als een erebaantje. De eer zit ‘m deels in het feit dat het een iconisch programma is. Je wéét dat er een miljoen mensen kijken, en dat die mensen lachen om jouw grap. Alleen ik en degenen die de grap hebben uitgekozen weten dat-ie van mij afkomstig is. Dat heeft iets magisch, vind ik. Ik schrijf ook mee aan de oudejaarsconference van Guido Weijers, daarvoor geldt precies hetzelfde.

‘Om voeling te houden met de sfeer van het programma ben ik af en toe bij de opnamedag. Het is heerlijk als je grap in de studio wordt uitgesproken door Harm en hij valt goed. Maar geloof me, iedereen die grappen heeft geschreven waar niet om gelachen wordt, voelt dat tot in de kern van zijn ziel. Het doet pijn.

‘Je maakt voor jezelf een inschatting hoe grappig je bent, per grap. Van alle grappen die ik instuur zijn er altijd een paar waarin ik heilig geloof. Als die niet uitgekozen worden, denk ik weleens: why?! Wat heb ik misdaan? Dan ga ik die grap meestal ergens anders uitproberen, om te checken of-ie echt niet grappig was.

‘Iedereen heeft zijn eigen manier om te weten wanneer een gedachte grappig is. Ik weet het wanneer ik zelf in de lach schiet. Als dat niet gehonoreerd wordt door de redactie wil ik eigenlijk weten waarom niet, maar er is geen tijd om daar uitgebreid op te reflecteren. Dat snap ik hoor.

‘Ik stop er altijd een paar tussen die ik zelf mwoah vind - misschien dat Harm er wel wat mee kan. Als dáár dan vervolgens een grote lach op komt, zit ik vol verwondering naar het programma te kijken.’

Sander van Opzeeland (52) schrijft sinds 1996. Hij zat in de redactie van 1997 tot 2004.

‘Een van de weinige nadelen van zo lang voor hetzelfde programma schrijven, is dat een heleboel onderwerpen steeds terugkomen. Op een gegeven moment heb je alle grappen over James Bond wel gemaakt. Dat corona en Amerika nu zo dominant zijn, is ook best lastig. Als je aan alle zeven afleveringen van het seizoen meeschrijft, moet je toch elke week weer nieuwe invalshoeken zien te verzinnen.

‘Ik ben er ongeveer een halve dag mee bezig. Per onderwerp lever ik vijf of zes grappen in, bij elkaar iets van zes, zeven A4’tjes. Wat ervan overblijft in het eindscript check ik tegenwoordig niet meer. Ik neem serieus wat ik doe, maar daarna geef ik het helemaal uit handen. Met Eric en Koos heb ik een afspraak gemaakt: op het moment dat er een jaar lang niks van mij in het script komt mogen ze bellen, dan gaan we als vrienden uit elkaar.

‘Het is sterk dat de makers zo veel verschillende schrijvers aan het werk zetten, en dat die volledig hun eigen gang mogen gaan. Met één of twee schrijvers zou één bepaald gevoel voor humor de boventoon kunnen krijgen. Op deze manier blijft het aanbod gevarieerd. Ik probeer niet bezig te zijn met de smaak van de mensen die bepalen. Daar hebben zij volgens mij ook niets aan.

‘Gek genoeg schrijf ik makkelijker voor DWHN dan voor mezelf. Het geeft een bepaalde vrijheid dat de grappen niet aan mij gekoppeld zijn, anders dan wanneer ik ermee het podium op moet. Ze hoeven niet honderd procent bij mij te passen. Ik censureer mezelf veel minder, schrijf nooit vanuit een politieke kleur. De bedoeling is satire die ten koste van alles en iedereen kan gaan.’

Dure grappen

Wat schuift dat eigenlijk, grappen schrijven voor Dit was het nieuws? Eindredacteur Koos Terpstra wil het best vertellen, maar niet in de krant teruglezen. Iedereen die meeschrijft, krijgt een starttarief, ‘vergelijkbaar met wat je krijgt voor het schrijven van een column in de krant’. Per grap die het eindscript haalt, wordt bijbetaald. Laat Terpstra het zo zeggen: ‘Het kan alles bij elkaar een hartstikke leuk bedrag zijn, als je een beetje doorschrijft. Als je maar één grap in het eindscript hebt, is het niet veel.’

Comedytrain

De grondleggers van Dit was het nieuws zijn Raoul Heertje, Eric van Sauers, Koos Terpstra, Thomas Acda, Hans Sibbel, Dolf Jansen en Owen Schumacher. In de redactie zaten door de jaren heen allerhande leden van stand-up comedygezelschap Comedytrain, onder wie Micha Wertheim en Ronald Goedemondt. Op dit moment vormen Rutger Lemm, Vera van Zelm en Ruud Smulders de redactie, Sanne Verkaaik, Gerthein Boersma en Nico van der Knaap vullen hen aan.

Meer over