Talenten van 2021Acteren

Actrice Aiko Beemsterboer is een tiener met een plan

null Beeld Eva Roefs
Beeld Eva Roefs

Aiko Beemsterboer (17) is een actrice die zich niet alleen met haar eigen rol bezighoudt, maar met wie regisseurs ook op dramaturgisch niveau kunnen praten. Al sinds haar 12de, welteverstaan.

In eerste instantie was Aiko Beemsterboer helemaal niet boven komen drijven bij de casting voor Mijn beste vriendin Anne Frank. 16 jaar was ze, ouder dan regisseur Ben Sombogaart en castingdirector Martha Mojet voor ogen hadden. Op basis van haar geboortedatum kwam ze simpelweg niet uit de computer gerold.

Maar goed, na een aantal auditierondes was er nog steeds geen geschikte Anne Frank gevonden. En toen Sombogaart naar de romantische komedie Wat is dan liefde zat te kijken, viel de blonde Beemsterboer hem plotseling op. ‘Niet dat ik meteen opsprong: dat is mijn Anne! Maar ze speelde een bijrol en die stond als een huis. Die wil ik weleens zien tijdens een auditie, dacht ik.’

Dat bleek niet zo makkelijk als Sombogaart dacht.

De vakjury van de Volkskrant voorspelt de talenten van 2021 in vijf vakgebieden. En we vroegen de talenten van 2019 hoe ‘hun’ jaar is verlopen.

‘Haar agent belde. ‘Aiko wil best komen voor een casting, maar dan wil ze vooraf een halfuurtje met je praten’, zei ze. Nogal uniek, ja. Een professionele acteur belt weleens vooraf, om even kennis te maken, maar dat een meisje van 16 zo’n voorwaarde stelt... Bijdehand? Enorm, natuurlijk. Maar ik vond het ook grappig. En ik dacht: dit betekent wel dat ze haar werk nu al uiterst serieus neemt.’

Eigenlijk doet de 17-jarige Beemsterboer dat al jaren. Ze mag dan nú verkozen zijn tot acteertalent van het jaar, maar haar carrière begon eigenlijk al op haar 6de. Eigenlijk op het moment dat ze actrice Lisa Smit zag in De Griezelbus, vertelt ze aan de telefoon. ‘Ze had lang blond haar, net als ik. Ik zag mezelf. Dat wil ik ook, dacht ik toen.’

En als Beemsterboer iets in haar hoofd heeft, dan móét het. Meteen toneellessen. Castings. Direct bij haar allereerste auditie werd ze uit 1200 meisjes gekozen voor de hoofdrol van een speelfilm. Na maanden repeteren werd het hele project plots gecanceld. ‘Ja, ik ga daar niet luchtig over doen: dat was behoorlijk slikken. Maar als mij iets niet lukt, leg ik me daar echt niet bij neer. Dan ga ik door.’ Voor de duidelijkheid: Beemsterboer was toen 8.

Na bijrollen in Leve boerenliefde (2013), Onze jongens (2016) en Hotel de grote L (2017) had ze in 2018 eindelijk echt een hoofdrol te pakken. In Vechtmeisje speelt ze de explosieve tiener Bo die de scheiding van haar ouders verwerkt door zich te storten op kickboksen. Regisseur Johan Timmers kan zich hun eerste ontmoeting nog makkelijk herinneren. Heldere oogopslag, gefocust, maar niet te zelfverzekerd: het klikte meteen. ‘Maar wat ik écht bijzonder aan haar vind’, zegt hij, ‘is dat ze een soort overzicht heeft. Er zijn twee soorten acteurs: degenen die zich alleen op hun eigen rol richten en degenen met wie je op een dramaturgisch niveau kunt praten. Als we dit zó doen, wat heeft dat dan voor effect op de rest van de film? En daar kon je het met haar over hebben: we hebben echt gelijkwaardig samengewerkt.’

Ze belde hem bijvoorbeeld, vanaf haar hotelkamer, de avond voordat ze een emotionele monoloog moest spelen. ‘Dat ze nog wat zinnetjes had die volgens haar niet helemaal lekker liepen. En zo hebben we nog twee uur samen aan die monoloog gewerkt. Zit je aan de telefoon met een meisje van 12, 13. Fantastisch. En de volgende dag kwam die tekst er zo in één keer uit. Omdat ze hem zich helemaal eigen had gemaakt.’

Zo heeft ze het het liefst, vertelt Beemsterboer. Dat ze de vrijheid krijgt om mee te denken. Dat was ook de reden dat ze met Sombogaart wilde praten vóór die auditie. ‘Sommige regisseurs zitten niet op bemoeienis te wachten en dan respecteer ik dat ook. Maar bij een icoon als Anne Frank vond ik het belangrijk om vooraf écht goed na te denken over hoe we haar zouden inkleuren. En als hij daar niet voor zou openstaan, had ik het misschien wel niet gedaan.’

Maar Sombogaart en zij stonden er op dezelfde manier in. Anne moest een meisje zijn van vlees en bloed. Niet te soft, maar ook niet onsympathiek. ‘We hebben ontzettend veel gepraat over die balans’, aldus Sombogaart. ‘En ze is heel precies. Ze heeft alles gelezen wat relevant zou kunnen zijn. Dat is soms best pittig. Voor ze op de set staat is ze enorm kritisch, stelt ontzettend veel vragen, is standvastig en weet gewoon heel veel. We hadden bijvoorbeeld donkere contactlenzen voor haar geregeld. Komt zij met haar research: klopt niet. Annes ogen waren niet bruin. Ze let op elk detail. ‘God weet alles, maar Anne weet het beter’, zegt iemand in de film over Anne Frank. Hetzelfde geldt voor Aiko.’

null Beeld Eva Roefs
Beeld Eva Roefs

‘Ik kom uit een filmgezin’, zegt Beemsterboer, die dit jaar eindexamen gymnasium-plus doet. ‘Niemand zit in het vak, maar we kijken heel veel. Ik ben met films opgegroeid. Als ik een script krijg, ga ik meteen kijken naar de ontwikkeling van de personages, de essentie van de scène, de thematiek. Op de set weet ik dan precies wat de kaders zijn, binnen welke lijntjes ik kan kleuren.’ Want ze geeft toe: ze is nogal een controlfreak, maar wat ze fijn vindt aan acteren is juist dat ze dan niet anders kan dan de teugels laten vieren. ‘Dát vind ik leuk: ik daag mezelf zo voortdurend uit.’

Het mag niet verbazen dat Beemsterboer vaak bijdehandjes speelt, meisjes die niet per se hoeven te behagen. De stemmers van de verkiezing roemen haar vooral vanwege haar krachtige uitstraling.

‘Dat eigenwijze, ondernemende, die enorme energie’, zegt Sombogaart, ‘past prachtig bij dat pedante dat Anne Frank ook kon hebben.’ Dat gedrevene van Bo in Vechtmeisje, vertelt Timmers, had ze zó in de vingers. ‘Haar kwetsbaarheid en radeloosheid, daar hebben we meer aan gewerkt. Hoe goed ze dat kan, zag ik toen ik op een gegeven moment bij mijn editor kwam. Hij had alle momenten achter elkaar gezet waar je iets van pijn ziet, of twijfel, de momenten waarop je bij haar naar binnen kunt kijken. Het verraste me hoe mooi dat was.’

In 2021 kan de hele wereld zien hoe Beemsterboer een eigen draai aan een legende geeft: Mijn beste vriendin Anne Frank komt ook op Netflix. ‘Daar probeer ik maar niet te veel over na te denken’, zegt ze zelf. ‘Al ambieer ik wel een internationale carrière. En dat gaat verder dan dromen hoor, ik heb al vijf jaar een ‘dialect coach’. Voor mij is het serious shit.

5 vragen aan Aiko Beemsterboer

Wat zijn je drie favoriete nummers van het afgelopen jaar?Trucks in Place - Ludwig Göransson (soundtrack Tenet), If You’re Too Shy (Let Me Know) - The 1975, Lost in Yesterday - Tame Impala’

Wie zou je zelf naar voren schuiven als het talent van 2020? ‘Acteur Thor Braun. Hij zat ook in Oogappels en was voor een Gouden Kalf genomineerd, voor De belofte van Pisa. Ik zou hem heel graag in een ander soort rollen willen zien.’

Aan welke goede raad heb je het meest gehad? ‘‘Zonder wrijving geen glans.’ Mijn ouders zeggen dat weleens tegen mij. Ik zie het als een soort slogan voor mijn carrière. Het lijkt misschien wel alsof het me makkelijk komt aanwaaien, maar er is steeds dikke bullshit aan voorafgegaan. Ik ben zo vaak ook afgewezen.’

Wat was je bewondermoment van 2020? ‘Toen mijn oma overleed, hoorde ik voor het eerst hoe ze ooit in Nederland is terechtgekomen. Ze werd in Zuid-Afrika gezien als kleurling en wilde aan het apartheidregime ontsnappen om met mijn witte opa in Nederland te kunnen trouwen. Om een paspoort te kunnen krijgen moest ze een jaar lang elke dag naar het politiebureau, waar ze alleen maar werd tegengewerkt door Zuid-Afrikaanse agenten. Dat doorzettingsvermogen bewonder ik enorm.’

Op welk moment had je zelf door dat je goed bezig bent? ‘Toen ik genomineerd werd voor een Gouden Kalf voor Wat is dan liefde. Ik sta er eigenlijk nooit zo bij stil of ik goed bezig ben of niet, maar als je 17 bent en de andere genomineerden zijn Anneke Blok en Noortje Herlaar, denk je daar wel even over na.’

Talent nummer twee

Frieda Barnhard (25)
Een Rifka Lodeizen in spe

‘Ik kan vliegen.’ Met die woorden maakt Frieda Barnhard haar onvergetelijke entree in de serie Vliegende Hollanders. Vervolgens maakt haar personage opgetogen gillend een vlucht door de lucht, in 1919, als een van de eerste Nederlanders ooit. Een pittig type is het, met talent en ambitie. Zo brengt Barnhard een belangrijk feministisch accent aan in een wereld, en een serie, die wordt gedomineerd door mannen. Ook niet onbelangrijk: de scène licht op zodra zij in beeld is.

En Vliegende Hollanders was niet eens haar eerste mooie tv-rol. Ze maakte ook al indruk in Ares, als de getergde Fleur Borms, en bewees een Rifka Lodeizen in spe te zijn, met haar vertolking van de jonge Astrid Holleeder in Judas. Ik kan vliegen is trouwens ook de titel van een aangrijpend grotestadssprookje waarin ze in 2017 al een hartverwarmende rol had. Dat kan geen toeval zijn.

Geen slecht cv, voor iemand die pas in 2018 afstudeerde en niet direct filmambities had. ‘Ik dacht dat ik meer geschikt was voor theater’, zegt Barnhard (25). Dat komt, zegt ze, door haar Stem, die laag, donker en geprononceerd is, met een ietwat slepende dictie en een scherp randje. Je hoort er de Rotterdamse herkomst in van haar vader, het Dordrecht van haar moeder, en misschien een beetje Sleeuwijk, het Noord-Brabantse dorp waar ze is opgegroeid. Het is een stem waarmee ze moeiteloos het derde balkon bereikt, bleek toen ze op haar 9de in Gorinchem naar de jeudtheaterschool ging, waarna de Amsterdamse Toneelschool volgde.

Haar vrees dat er weinig over zou blijven bij acteren voor de camera blijkt gelukkig onzin. Nog in het laatste jaar van haar studie werd ze gecast als Astrid Holleeder. Bescheiden: ‘Deels geluk ook, hoor. Omdat ik nou eenmaal een beetje op Rifka lijk.’

Ons doet ze denken aan een jonge Claire Danes, maar als voorbeelden noemt ze zelf Tilda Swinton en Anniek Pheifer. ‘Anniek heeft iets stoïcijns, waar ze heel subtiel de lichtheid doorheen kan laten schemeren. Ik vind haar enorm grappig.’ Zelf wil ze zich ook graag bekwamen in het komische genre. Een jeugddroom is spelen in een familievoorstelling van Pieter Kramer.

Want dat zouden we bijna vergeten, maar ook op toneel is Barnhard erg goed. Als opgefokte, boze, white trash-gymnasiast in Age of Rage, bijvoorbeeld. Gelukkig wil ze beide disciplines blijven combineren. Op komst, in 2021, zijn in elk geval de film Nr. 10 van Alex van Warmerdam en een mooie rol in Vrijdag van Hugo Claus bij Toneelgroep Maastricht, naast, onder anderen, Anniek Pheifer. We kunnen niet wachten.

Talent nummer drie

Jesse Mensah (27)
Fraaie combinatie van lichaam en taal.

‘Jesse Mensah kan, met glanzende ogen en een verlegen grijns, betoverend verliefd kijken.’ Dat schreven we in de recensie van de Oostpool-voorstelling Liefdesziek, waarin Mensah dit najaar indruk maakte. ‘Hij kan onmogelijk stil zitten, is wiebelig, wriemelig, nerveus.’ Voor zijn personage, dat haast uit elkaar barst van verlangen, zet Mensah zijn hele, beweeglijke lichaam in. Maar hij maakte evenzeer indruk met zijn lenige, muzikale tekstbehandeling.

Lichaam en taal. Mensah weet de twee op toneel fraai te combineren, dankzij tien jaar studie aan verschillende dansopleidingen, voordat hij overstapte naar toneel. ‘Bij het dansen werd ik mentaal niet zo uitgedaagd, en ik had ook altijd een grote liefde voor taal waarvan ik niet goed wist wat ik ermee moest. Na mijn overstap naar de Amsterdamse toneelschool viel alles op z’n plek. Toen heb ik nooit meer getwijfeld.’ In 2016 studeerde hij af. Afgelopen seizoen was een voorlopig hoogtepunt met ook de prachtvoorstelling Weg met Eddy Bellegueule, waarvoor hij, samen met zijn drie medespelers, is genomineerd voor de belangrijke toneelprijs Louis d’Or.

Eerder viel Mensah al op als Masja in Platonov van Theater Utrecht (2018). Later zagen we hem als Helena van Troje door de Terschellingse duinen schrijden, in de Ilias van Konvooi (2019). Als groot voorbeeld noemt hij (‘momenteel’) Ruth Wilson. Allemaal vrouwen. Hoe zit dat?

‘Ik kan me beter met vrouwen verbinden, denk ik. Ik ben een man, maar wel een man met een bepaald soort sierlijkheid. Ik heb affiniteit met elegantie, met het vrouwelijke. Vrouwen hebben vaak ook meer diepte, voor mijn gevoel. Er is meer innerlijke strijd, meer spanning, meer verborgen wereld. Mannen zijn soms gewoon iets platter, haha. Of althans: het beeld van mannelijkheid dat me altijd is voorgespiegeld, daar heb ik niet zoveel mee.’

Die affiniteit is misschien niet zo gebruikelijk in het huidige film- en theaterlandschap, zegt hij zelf, maar het zit hem zeker niet in de weg. Integendeel: dit voorjaar zal Mensah debuteren bij Internationaal Theater Amsterdam, het belangrijkste gezelschap van het land. In 2022 treedt hij bovendien toe tot het ensemble. ‘Als geboren en getogen Amsterdammer heb ik alles gezien wat daar speelde. Dat maakte altijd een verpletterende indruk. De ambiance van die grote schouwburg, midden in de stad, de weergaloze acteurs, de waanzinnige decors: alles was groots, episch en overweldigend. Dat ik daar straks mag spelen, tussen de acteurs die ik zo bewonder, is echt een jongensdroom die uitkomt.’

Herien Wensink

Talent Acteren van 2020

Shahine El-Hamus (20)

‘Aan de ene kant was dit een van de stomste en heftigste jaren, maar aan de andere kant vond ik het ook een van de mooiste jaren tot nu toe. Ik heb namelijk een heel mooie prijs gewonnen voor De belofte van Pisa, een film die veel voor me heeft betekend (een Gouden Kalf voor beste acteur, red.). Wat er in 2021 gaat komen weten we natuurlijk nog niet, maar er komt in ieder geval een nieuwe film uit waarin ik de hoofdrol heb: Met mes van Sam de Jong. En ik heb sowieso veel plannen in mijn eigen leven, los van werk. Ik heb zin in een fris nieuw jaar met nieuwe projecten. Zo ben ik bijvoorbeeld bezig om mijn muzikale kant steeds meer te ontwikkelen. Dus muziek gaat er in 2021 zeker komen!’

Meer over