Het jaar vanexcuses aanbieden

2020 was een berouwvol jaar. Zelfs de koning en de Sint maakten excuses. Maar hoe zeg je succesvol sorry?

Compilatie sorry 2020 Beeld Getty/ANP/Studio V
Compilatie sorry 2020Beeld Getty/ANP/Studio V

Willem-Alexander, Famke Louise, Ferd Grapperhaus, zelfs de heilige Sint – allemaal zeiden ze publiekelijk sorry. Maar waarom lukt het excuses maken vaak zo beroerd, en hoe zeg je wél succesvol sorry? Een handleiding aan de hand van de minder geslaagde en betere excuses van het jaar.

Na vele ontkenningen en relativeringen was hij hier beland, en nu sprak hij dan toch de langverwachte woorden: ‘Het spijt me’. Minister van Veiligheid en Justitie Ferd Grapperhaus, wiens bruiloft veel knusser was geweest dan de coronaregels toelieten, keek in de Tweede Kamer deemoedig naar beneden. Maar meer nog dan om die spijtbetuiging, of de bekentenis dat die dag niet naar behoren was verlopen, deed de stilte die volgde ertoe. Een stilte waarin een traan werd weggeslikt. Precies tóén kon je het bijna horen: Grapperhaus werd vergeven. Althans, door zijn collega’s in de Tweede Kamer: de motie van wantrouwen die FvD-leider Thierry Baudet hierop indiende, kreeg nauwelijks steun.

Misschien wel omdat Grapperhaus’ vergrijp (geknuffel) óók invoelbaar was: in 2020 moest de hele samenleving geloven aan zotmakende en soms onhaalbare anderhalvemeterregels. Als een publieke figuur de regels van het nieuwe normaal overtrad, die breekbare nieuwe orde, werd er algauw om excuus gevraagd. 2020 werd dan ook een berouwvol jaar, misschien wel het spijtigste ooit. Het excuus van Grapperhaus was er een uit een lange reeks min of meer verplichte corona-excuses, van Famke Louise en René Froger, Doutzen Kroes en Anna Nooshin tot Willem-Alexander.

Ze boden allemaal dit jaar publieke excuses aan, aan iedereen, het Nederlandse volk. Aan u. Zand erover, zou u kunnen zeggen. Toch is er reden bij het publieke excuus zelf stil te staan. Want ook de sorry zelf is vaker onderwerp van gesprek. Met een ‘excuses als u zich gekwetst voelt’, kom je als bekendheid niet stilletjes meer weg. Het ene excuus is het andere niet. Ook dit jaar betreurden sommige bekendheden vooral de commotie zelf, waar anderen met een schitterende sorry juist sterker uit een rel herrezen. We bekijken het jaar in berouw, spijt en excuses om corona-overtredingen, om te zien waaraan een geslaagd excuus moet voldoen. Sorry zeggen, hoe doe je dat?

Hoe moet het niet?

‘Er wordt meer dan ooit publiekelijk sorry gezegd, omdat uit wetenschappelijk onderzoek is gebleken dat het helpt’, zegt professor in de bedrijfsethiek aan de Erasmus Universiteit, Muel Kaptein. ‘Mensen horen graag sorry en vergeven de overtreder dan ook. Maar’, zegt Kaptein, ‘het risico bestaat ook dat hierdoor excuses instrumenteel en opportunistisch worden ingezet.’

Dat is een symptoom van wat de ‘sorrycultuur’ is gaan heten: een sfeer waarin overtredingen worden afgedaan met holle excuses, waaraan geen consequenties worden verbonden. Een woord dat zijn oorsprong vindt in de politiek: SP’er Jan Marijnissen muntte ‘sorrydemocratie’ in 1997, vanwege de aanhoudende excuses van de bewindslieden van Paars II. Staatssecretarissen Michiel Patijn en Elizabeth Schmitz en minister Els Borst waren de uitvinders van het ‘paarse recept’: ze boden excuses aan bij fouten waar volgens Marijnissen aftreden had gepast – en ontkwamen zo aan forse consequenties.

Of er sinds die tijd echt vaker publiekelijk sorry wordt gezegd houdt niemand bij, maar het lijkt er in elk geval wél op dat er steeds meer is om sorry voor te zeggen: door emancipatoire bewegingen als #MeToo, en dit jaar ook een extra impuls van de antiracismebeweging Black Lives Matter, worden inmiddels excuses aangeboden voor misstanden en discriminerende uitspraken die tien jaar terug nog makkelijker konden worden weggewuifd. Hierdoor kwam bijvoorbeeld opnieuw het nationaal excuus voor de slavernij (zie kader) ter sprake. En Gordon bood dit jaar alsnog zijn excuus aan voor de racistische grap die hij maakte in 2013 (‘Nummer 39 met rijst’, toen een Chinese Nederlander bij Holland’s Got Talent optrad).

Tegelijk neemt door al die excuses de vrijblijvendheid ervan af. ‘Je ziet dat het publiek zich gaat afvragen wat excuses precies betekenen’, zegt Kaptein. ‘Ga je nu ook je gedrag aanpassen en de overtreding compenseren? Juist omdat er meer excuses worden gemaakt, nemen mensen geen genoegen meer met een doekje voor het bloeden.’ Dat is ook te zien op sociale media, waar ‘sorry voor de ophef’ inmiddels een staande uitdrukking is.

Zo betuigde Amsterdam Gay Pride-voorzitter Frits Huffnagel in maart spijt, nadat hij in het radioprogramma Spraakmakers over vluchtelingenkinderen had verklaard: ‘We zien een kind en denken ‘oh wat zielig’, terwijl we niet een vader zien die daarachter staat die misschien oorlogsmisdaden heeft gepleegd en een moeder die dat misschien heeft gefaciliteerd.’ Huffnagel verklaarde: ‘Het spijt mij dat mijn woorden een deel van onze achterban hebben gegriefd en pijn hebben gedaan.’ Op Facebook werd korte metten gemaakt met deze krukkige spijtbetuiging. ‘Beste AGP en Huffnagel, het spijt me ten zeerste dat jullie ouders je nooit geleerd hebben hoe je op een juiste manier excuses aanbiedt’, reageerde iemand onder het bericht. Huffnagel trad later alsnog af.

null Beeld Studio V
Beeld Studio V

Excuses als ‘het spijt me dat u zich gekwetst voelt’ en andere halffabrikaten zijn voorbeelden van zogenaamde neutralisaties – smoesjes in de volksmond. Neutralisaties verraden subtiel hoe de overtreder een daad voor zichzelf (deels) goedpraat. Volgens Kaptein is het normaal dat mensen dit soort verzachtende omstandigheden voor zichzelf verzinnen. ‘Overtreders weten doorgaans heel goed welke norm ze overtreden, maar verzinnen als vanzelf een manier om zichzelf in de spiegel aan te kunnen kijken.’ Natuurlijk zijn er gevallen waarin écht een verzachtende omstandigheid gold die je kunt vermelden, zegt Kaptein, maar die moet wel kloppen. Met veel mitsen en maren verminder je wel je verantwoordelijkheid in de kwestie en slik je je excuses deels in. ‘Neutralisaties zijn kwalijk, omdat je recht praat wat krom is. Dus om integer gedrag te bevorderen, moet je de smoesjes zichtbaar maken.’

Dat deed Kaptein: met Martien van Helvoort, inspecteur bij de Voedsel en Warenautoriteit, bracht hij honderden van dit soort neutralisaties in kaart in zijn ‘neutralisatiewekker’. Voor spijtoptanten biedt het een handig overzicht van wat-niet-te-doen. De verschillende smoezen zijn opgedeeld in kwartielen. Hoe dichter de wijzer bij de twaalf komt, hoe minder kans de overtreder nog maakt om aan verantwoordelijkheid voor de fout te ontkomen. Zo bevat het eerste kwartiel varianten van ‘ik heb het niet gedaan’, het tweede is het ontkennen van de norm: ‘Ik heb het wel gedaan, maar het was geen echte overtreding.’ Daarna volgt in kwartiel 3 het afschuiven van de overtreding op de omstandigheden (‘Ik was niet verantwoordelijk’), en als dat ook niet lukt, kun je je beroepen op karakterzwakte: ‘Ik ging privé door een zware periode’, bijvoorbeeld, of ‘Ik handelde in een vlaag van verstandsverbijstering.’

Grapperhaus doorliep al deze fasen: eerst zei hij dat de regels op zijn bruiloft ‘voortdurend’ in de gaten waren gehouden. Dat werd beaamd door staatssecretaris Ankie Broekers Knol, die het paar trouwde: ‘Ik kan het weten, want ik was erbij.’ Kwartiel 1 dus: niets aan de hand. Na het verschijnen van de eerste foto’s op 26 augustus in Shownieuws verklaarde Grapperhaus op Twitter dat er helaas ‘momenten’ waren geweest waarop die regels niet in acht waren genomen – het viel dus wel mee met die overtreding (kwartiel 2).

Ook benadrukte hij dat de gasten zich niet aan de regels hielden terwijl hij daar voortdurend op had gewezen (kwartiel 3). Daarnaast ging het slechts om ‘gezinnen en hele goede vrienden’. Maar er kwamen nieuwe foto’s, waarop de minister zélf zijn schoonmoeder knuffelde en naar het scheen ook driftig handen schudde. En zo belandde de minister op die woensdag in de Tweede Kamer in het vierde kwartiel: ‘Ik heb me laten meeslepen’, zei hij, en ‘Ik heb het zelf beslist niet goed gedaan.’ ‘Wat je vaak ziet’, zegt Kaptein, ‘is dat publieke figuren in opspraak eerst de drie andere fasen doorlopen. Maar het maakt veel verschil of je in één keer je excuses aanbiedt, of steeds met andere argumenten komt die niet gelden. Hoe meer argumenten je inzet, hoe minder je uiteindelijke excuses voorstellen.’

Pieter Desmet, gedragseconoom aan de Erasmus Universiteit die onderzoek deed naar de psychologie van verontschuldigingen, wijst nog op een andere, veelgemaakte fout: ‘Hij was erg emotioneel, waardoor het excuus oprecht kan overkomen omdat het schuldgevoel communiceert, maar het is oppassen dat het dan niet alleen over jouw schuldgevoel gaat in plaats van over de slachtoffers – dat zijn in dit geval de mensen die zich wél streng aan de maatregelen houden, en de regering die geloofwaardigheid verliest. Het excuus was nogal op hemzelf en zijn schuldgevoel gericht. Daarnaast zagen we die emotie ook pas toen er zwaardere gevolgen dreigden. Dat geeft niet het idee dat het excuus oprecht is.’

Sorry stoute kinderen

Sinterklaas zei in het Sinterklaasjournaal in november sorry tegen alle stoute kinderen die hij in het verleden heeft meegenomen in de zak naar Spanje. ‘Ik wil als Sinterklaas mijn oprechte excuses aanbieden voor dat verleden’, sprak hij in de camera. ‘Er zullen nooit meer stoute kinderen in de zak van Sinterklaas worden gestopt.’ Alle kinderen die waren meegenomen omdat zij niet braaf waren, zijn inmiddels teruggebracht, zei de Sint. Er was nog één kind te zien in het Sinterklaasjournaal dat in de zak meereisde, Bernhard het Stoute Kind.

Vaak bieden publieke figuren excuses wél in één stuk aan, maar met een disclaimer: bijvoorbeeld met ‘sorry-dat-u-gekwetst-bent’. Zo maakte in 2018 minister van Buitenlandse Zaken Stef Blok met deze variant halfslachtige excuses aan Suriname, dat hij een failed state had genoemd. Hij zei te betreuren ‘dat zijn beweringen aanstoot hebben gegeven in uw land en daarbuiten’. Suriname aanvaardde de excuses.

Een ‘sorry-als-u-gekwetst-bent’ is nóg erger, zegt Desmet, omdat je daarmee niet alleen betwijfelt of het kwetsen aan jou lag, maar ook in twijfel trekt óf er is gekwetst. ‘Sorry als’ wordt universeel gehaat en toch universeel gebruikt. Toen topmodel Doutzen Kroes dit voorjaar een filmpje plaatste waarin zij het coronavirus bedankte, wat in het verkeerde keelgat schoot bij veel van haar volgers, zei Kroes: ‘Het spijt me echt als ik mensen pijn heb gedaan.’ En ook René Froger, die felle kritiek kreeg nadat hij had verklaard dat artiesten het zwaarst leden onder de coronacrisis, zei: ‘Mochten mensen zich aangesproken en beledigd hebben gevoeld over mijn uitspraken, bij deze mijn welgemeende excuses.’ ‘Het is een woordspel waar veel achter zit’, zegt Kaptein. ‘Je betwijfelt hiermee de norm: eigenlijk heb jij niets fout gedaan, maar als de ander het zo ziet, dan sorry. Het probleem is: het woord ‘ik’ zit er niet in.’

Het is normaal dat mensen moeite hebben met échte excuses aanbieden, zegt Desmet. ‘Als je je excuses aanbiedt, toon je feilbaarheid en zwakte, en dat doen mensen niet graag. De angst is dat de zwakte aan je zal kleven. En er zitten consequenties aan vast, die we soms liever niet onder ogen komen.’ Maar met blijven ontkennen raak je alleen maar dieper in de problemen, zegt Desmet: ‘Daarmee maak je het verkeerde kwader: het wordt een dubbele leugen. Helaas weegt het publiek die fase ervoor, waarin je je gedrag hebt geminimaliseerd, ook mee.’ Toch kun je beter laat dan nooit je excuus aanbieden. ‘Zelfs al lijkt het een afgedwongen excuus, omdat iedereen het eist, is het nog beter om wél te doen. Er zijn altijd mensen die het zullen aanvaarden.’

Geen sorry

Johan Derksen prakkiseerde er niet over zijn excuses aan te bieden voor zijn felbekritiseerde grap over de zwarte rapper Akwasi. Akwasi had bij een anti-racismedemonstratie op de Dam in juni gezegd: ‘Als ik een zwarte piet zie, trap ik hem hoogstpersoonlijk op zijn gezicht.’ Derksen zei later in het programma Veronica Inside bij een beeld van een zwarte piet: ‘Weten we zeker dat het Akwasi niet was?’ In reactie op de kritiek zei hij: ‘Ik bied mijn excuses niet aan, trek het boetekleed niet aan en ga niet door het stof.’ Akwasi nam drie maanden later wel afstand van zijn uitspraak en verklaarde dat hij die als beeldspraak had bedoeld. ‘Ik ben tegen elke vorm van geweld en dit geldt ook voor geweld tegen zwarte piet.’

Hoe moet het wel?

Want sorry zeggen is één ding, het excuus moet ook nog worden geaccepteerd. Volgens Desmet zijn er vier elementen die het succes van een publiek excuus bepalen – die overigens net zo goed in de privésfeer gelden. ‘Het eerste is de uitdrukking van spijt. Je moet écht ‘het spijt me’ zeggen, want ‘sorry’ is een beetje afgekalfd in betekenis.’ Excuses zijn nog iets officiëler en zwaarder dan ‘het spijt me’, ook in de politiek. Zo zei Femke Halsema wél dat ze spijt had van de manier waarop de te drukbezochte antiracisme-demonstratie op de Dam in juni was verlopen, maar bood ze ondanks aandringen van de oppositie geen excuses aan. Ten tweede moet je verantwoordelijkheid nemen. ‘Je moet zeggen: ik heb dat gedaan, en het is fout.’ Ten derde moet je erkenning tonen van de schade en slachtoffers. Dus toon besef: voor wie was dit kwetsend? Het vierde aspect is het verbinden van consequenties aan de spijt: de belofte van verbetering, of het vergoeden van schade. Je kunt nog een vijfde element toevoegen: vragen om vergiffenis.

De excuses die artiest Famke Louise in september maakte, voldeden aan alle eisen. Ze was een van de deelnemers aan de actie #ikdoenietmeermee, waarbij een groep artiesten die geïnspireerd was door Viruswaanzin-leider Willem Engel verklaarde zich niet meer aan de coronaregels te houden. Na een optreden bij talkshow Jinek, waar Famke Louise haar standpunt gebrekkig verdedigde, werd ze het mikpunt van nationale spot én het gezicht van de omstreden actie. ‘Bij Jinek nam ze geen verantwoordelijkheid’, zegt Desmet, ‘ze wees naar andere factoren waardoor ze had besloten deel te nemen, zoals dat haar familie het moeilijk had’. Maar Famke herpakte zich razendsnel en zette de dag erop al een excuus op haar Instapagina.

Famke Louise bood haar excuses aan voor haar ongefundeerde uitspraken, sprak respect uit voor de mensen in de zorg en beloofde verbetering: ‘Ik ga op zoek naar een bijzonder, inspirerend iemand die gespecialiseerd is in pandemieën om mij te educaten (onderwijzen, red.) over deze situatie en wellicht met mij het podium wil delen.’ Die bijzondere persoon werd natuurlijk ic-arts en publiekslieveling Diederik Gommers, die tegenover Famke bij Jinek aan tafel al mild had gereageerd en een handreiking had gedaan. Afgaande op de reacties op sociale media, leek het publiek de leergierige Famke Louise even vertederd te vergeven als ze haar de dag ervoor door de stront hadden getrokken. Gommers en Famke Louise spraken nog een aantal keer af om haar te educaten, maar na een paar weken verklaarde Gommers dat hun geplande campagne om jongeren voor te lichten over corona niet van de grond was gekomen. Het enige smetje op de sorry: de goede voornemens bloedden dood.

Wie ook snapt hoe je sorry zegt, is influencer Anna Nooshin. De Telegraaf stelde haar in juli een kritische vraag voor de camera, over de lancering van haar museum waar de coronaregels schijnbaar niet golden. Nooshin reageerde kregelig. Later zei ze in een excuusfilmpje ronduit een beter voorbeeld te moeten geven. ‘Dat had ik gewoon niet zo moeten doen. Oprecht mijn excuses ervoor.’ En: ‘Ik voel me best wel dom. Weet dat ik ga proberen om een beter voorbeeld te zijn. Het spijt me.’

Het excuus dat het keurigst alle vakjes afvinkte, was het filmpje van koning Willem-Alexander, die eind oktober met zijn gezin naar hun huis in Griekenland vloog voor een vakantie. Verontwaardiging golfde door het koninkrijk, want vakanties werden op dat moment door het kabinet ontraden. Het excuus dat de koning vijf lange dagen later maakte, was per definitie opzienbarend, want hij hoeft geen excuses te maken: hij valt onder de ministeriële verantwoordelijkheid. Rutte nam de verantwoordelijkheid voor de reis al op zich, en toch was voelbaar dat voor deze uitglijder iets persoonlijkers werd verwacht.

En dus zat de koning thuis naast Máxima op de bank, voor een zorgvuldig opgesteld excuus. Ze zaten er beiden héél spijtig bij. ‘Hij betuigde direct duidelijk spijt’, zegt Desmet, ‘met: ‘Met spijt in het hart richt ik mij tot u. Daarnaast refereerde hij aan de mensen die hij heeft gekwetst, de mensen die het moeilijk hebben, en hij beloofde verbetering: ‘We blijven ons samen met u inzetten om het coronavirus eronder te krijgen.’ Een erg gepolijst excuus, er zat duidelijk een sterke communicatie-afdeling achter.’ De reacties waren dan ook vergevingsgezind. In de Tweede Kamer reageerden zelfs de meest kritische Kamerleden, zoals SP’er Ronald van Raak, enthousiast op de boetedoening: ‘Dit had ik niet verwacht en ik ben onder de indruk. De koning erkent zijn fouten en heeft duidelijk lessen getrokken voor de toekomst.’

Maar, waarschuwt Desmet, ook een formeel topexcuus kan wankelen door je gedrag. Niet iedereen kon vergeten dat de avond voor het filmpje was gebleken dat de prinsessen Amalia en Alexia nog vier dagen in Griekenland verbleven – volgens de Rijksvoorlichtingsdienst was er op zaterdag geen plek voor hen in het vliegtuig, maar een verklaring voor hun lange weekend bleef uit. Daardoor leefde in de nabespreking ook de onmogelijke vraag of de koning het nou had geméénd. Een lichaamstaalexpert die het filmpje had bestudeerd, zei in het AD zelfs dat ze in de koninklijke lichaamstaal ‘verdriet, teleurstelling en spijt’ had kunnen waarnemen. Een excuus gaat immers nooit alleen om de woorden zelf. Spijt willen we niet alleen horen, we willen het ook zien. Of zoals Desmet zegt: ‘Na het excuus geldt: put your money where your mouth is.

Sorry, maar geen excuses

Glibberige spijtbetuigingen zijn voor politici een gangbaar woordspel. Een politicus hoor je eerder spijt betuigen dan excuses maken, want excuses wegen wat zwaarder en brengen dus meer verantwoordelijkheid met zich mee. Zo werd mede door de Black Lives Matter-beweging dit jaar opnieuw de vraag opgeworpen of Nederland excuses behoort te maken voor het koloniale en slavernijverleden. Mark Rutte betuigde in juli ‘diepe spijt en berouw’ voor dat verleden, maar bood geen excuses aan. ‘Ik weet dat dat niet voor iedereen ver genoeg gaat. Waarom niet dat ene woord, excuses, om een stap verder van ons verleden af te zetten’, zei Rutte. ‘Tegelijkertijd: voor anderen gaat dat juist te ver. Want kun je mensen die vandaag leven verantwoordelijk houden voor het verleden?’ Ook Thierry Baudet maakte geen excuses voor zijn ‘treintweet’ waarin hij stelde dat zijn dierbare vriendinnen ernstig waren ‘lastiggevallen door vier Marokkanen’ in een trein. Het bleken NS-controleurs in burger te zijn. Fractievoorzitters van de coalitiepartijen riepen hem op zijn excuses aan te bieden. Die bood hij aan, maar dan aan de NS, en niet aan Marokkaanse Nederlanders. Ook bediende hij zichzelf van een sorry-vorm waarbij je jezelf positieve eigenschappen toedicht: hij verklaarde ‘te snel en te stevig’ te hebben gereageerd.

Meer over