VerslaggeverscolumnAriejan Korteweg in Den Haag

Weet iemand waar het lobbyverbod is gebleven?

x Beeld x
xBeeld x

Soms raakt iets gewoon zoek op het Binnenhof. Het was er net nog, je let even niet op en weg is het. Niemand weet waar het is gebleven. Het wordt pas gemist als het onvindbaar is.

Zoiets overkwam het lobbyverbod voor gewezen bewindspersonen, door Ronald Plasterk ingevoerd in de nadagen van zijn ministerschap bij Binnenlandse Zaken. Twee PvdA-Kamerleden, Lea Bouwmeester en Astrid Oosenbrug, hadden met de initiatiefnota Lobby in Daglicht lobbyen willen reguleren. Dat lobbyverbod, dat regelt dat ministeries twee jaar lang geen lobbycontact met hun vertrokken bewindspersoon mogen onderhouden, was het enige tastbare gevolg van die nota, die met wantrouwen door de Kamermeerderheid was ontvangen. Regels voor lobby-activiteiten? Nergens voor nodig.

De laatste maanden waait de Haagse wind uit een andere hoek: het is transparantie en integriteit waar je maar kijkt. Dus toen in januari bekend werd dat voormalig minister van Volksgezondheid Bruno Bruins commissaris werd bij Intravacc, overheidsinstituut voor vaccinonderzoek, gingen er wenkbrauwen omhoog. Twee SP-Kamerleden stelden Kamervragen, ze zagen een schijn van belangenverstrengeling. Minister Ollongren vond het maar onzin: Bruins werd namelijk geen lobbyist, maar commissaris. Alsof een commissaris niet kan lobbyen.

Net nu je het nodig had, bleek het lobbyverbod verdwenen. ‘Ingetrokken’, had het ministerie gezegd. Joost Sneller (D66) en Stephan van Baarle (Denk), stelden er eind mei vragen over, vanwege een artikel in NRC. Ze wachten nog op antwoord.

Het lobbyverbod werd opnieuw gemist toen vorige week bleek dat Menno Snel, voormalig staatssecretaris van Financiën, voorzitter werd van Nogepa, branchevereniging van de olie- en gasindustrie, terwijl hij ook bij pensioenfonds ABP werkt. Hij kan dus voorstellen pensioengeld te beleggen in fossiele brandstoffen. Weer was er verbazing.

Bij zo’n functiewisseling spreek je in Den Haag van de draaideur: de ene baan uit, de volgende in, alles op en om het Binnenhof. Voor ex-bewindspersonen gaat het om gouden draaideuren, maar ze komen ook voor in andere uitvoeringen.

De parlementaire draaideur. Beeld ANP
De parlementaire draaideur.Beeld ANP

Voor Kamerleden en topambtenaren zijn er geen afspraken over een lobbyverbod. Moet er voor hen ook een regeling komen, vraag ik Sneller, die zich vaker kritisch toont over lobby-activiteiten. Immers, ook daar ligt belangenverstrengeling op de loer. ‘Je wilt geen schijnzekerheid’, zegt Sneller. ‘Er moet geen onwerkbare situatie met administratieve rompslomp ontstaan, waarbij je in een register moet bijhouden wie je sprak.’ Dat gezegd hebbende, vindt hij wel degelijk dat er nu ‘iets te veel regelloosheid’ is.

Hoe die regels moeten zijn, laat zich niet met een schaartje knippen, zoals dat in Haags jargon heet. Dat blijkt als ik oud-Kamerlid Kees Verhoeven (D66) spreek. Hij was een van de zeldzame tech-specialisten in het parlement. Een begerenswaardige prooi voor techbedrijven die hun toegang tot de Haagse binnenwereld willen verbeteren.

Al lang voordat hij daadwerkelijk opstapte als Kamerlid werd hij door bedrijven benaderd, vertelt hij. Verhoeven wil graag in de techsector aan de slag. Hij heeft daarom een bedrijf, Bureau Digitale Zaken, opgezet. ‘Ik maak mijn eigen morele en inhoudelijke afwegingen.’ Dus gaat hij niet als lobbyist voor Facebook of Google werken, maar wil hij zich wel inzetten voor iets als digitale burgerrechten. ‘Er wordt altijd negatief gekeken naar een Kamerlid dat vervolgstappen maakt. De ene helft vraagt: ben je al van je wachtgeld af? De andere: ga je veel geld vangen in de techsector? Ik probeer er integer mee om te gaan.’

Een dergelijk parcours komt veel voor. Martijn van Helvert (CDA) begon Dutch Consultancy, voor lobby en reputatiebeheer. Tot zijn klanten behoort de kermisbranche, voor wier belangen hij als Kamerlid opkwam. John Kerstens (PvdA) had als Kamerlid pensioenen in zijn portefeuille. Hij mocht vorige week bij informateur Hamer aanschuiven als voorzitter van de Koepel Gepensioneerden.

Intussen is het ministerie met een antwoord gekomen op de vraag naar het verdwenen lobbyverbod. Als volgt: dat verbod had de vorm van een circulaire. Sinds januari 2020 is die vorm niet meer geschikt om ambtenaren iets te verbieden. Dus krijgt het lobbyverbod in de toekomst ‘een andere juridische vormgeving’.

Ambtenaren moeten het zolang doen met de Gedragscode Integriteit Rijk, een nogal vrijblijvend geformuleerd pakket aanbevelingen. Het lobbyverbod voor bewindspersonen wordt daarin genoemd. Al is er van sancties geen sprake.

Meer over