Wees niet langer slaaf van VS en Israel

Elke regimeverandering in Egypte leidt bijna onvermijdelijk tot een kritischer beleid tegenover de VS en Israël. Nederland moet dit ondersteunen.

Paul Aarts

Je zou er bijna tranen van in je ogen krijgen als je het naïeve pleidooi leest van CIDI-medewerkster Marthe Tholen: het Westen moet de anti-Mubarakdemonstranten helpen een ‘volwaardige democratie’ tot stand te brengen. Nou is er niks mis met democratie, integendeel, maar realiseert zij zich wel dat een democratischer Egypte ook aanzienlijk minder Amerika-vriendelijk en vooral ook minder Israël-vriendelijk zal zijn?

Gevaren
Tholen wijst op de gevaren van het aan de macht komen van de Moslimbroederschap - een scenario dat hoogst onwaarschijnlijk is, zoals elke Egyptekenner je snel kan uitleggen. Bovendien is de organisatie sterk verdeeld, zowel langs ideologische als generatielijnen. Pieter Hilhorst doet op zijn beurt, niet zozeer als Egyptekenner maar als scherp columnist en vooral met de nodige nuchterheid, in zijn laatste twee bijdragen zijn best de ‘angst voor de islam’ te ontzenuwen. Terecht suggereert hij dat het Egypte van na Mubarak zich moet spiegelen aan het Turkije van Erdogan en zijn AKP.

Wat zowel Tholen als Hilhorst mist, is het even sobere als - voor sommigen - schokkende gegeven dat elke regimeverandering welhaast onvermijdelijk tot een kritischer beleid tegenover zowel de Verenigde Staten als Israël zal leiden. Weliswaar ontbreken op het Tahrir-plein anti-Amerikaanse of anti-Israëlische slogans, dat wil niet zeggen dat die gevoelens er niet zijn.

En inderdaad, als we de resultaten bekijken van recente opiniepeilingen in de Arabische wereld (van PEW Research Center en van Brookings Institution/Zogby International, beide uit 2010) dan blijkt dat ook uit de harde gegevens. Negen van de tien Egyptenaren is voorstander van het afstand nemen van het kritiekloze Amerikaanse beleid ten aanzien van Israël (al is men, zoals Hilhorst terecht constateert, niet per se ‘anti-westers’). Elders in de regio is dat niet veel anders.

Sympathie
Uit dezelfde opiniepeilingen blijkt dat driekwart van de geïnterviewden (in Egypte, Saoedi-Arabië, Marokko, Jordanië, Libanon en de Verenigde Arabische Emiraten) de VS als een ‘bedreiging’ ziet en liefst 88 procent reserveert dat oordeel voor Israël. Er is nauwelijks verschil tussen ouderen en jongeren. Een op de twee Egyptenaren heeft ook sympathie voor Hamas (net als in Libanon; in Jordanië is dat 60 procent). Een nog saillanter gegeven is dat ruim driekwart vindt dat Iran wel degelijk recht heeft op een nucleair programma en 57 procent is van mening dat de regio zelfs beter af zou zijn als Iran een atoomwapen heeft. Tot slot, de meest gewaardeerde wereldleiders zijn Erdogan (20 procent), Chávez (13 procent), Ahmadinejad (12 procent) en Nasrallah (9 procent). Obama komt in het lijstje überhaupt niet voor.

Hoe moeten we dit plaatsen in relatie tot de gebeurtenissen in Egypte en vooral de reactie daarop vanuit Nederland en de rest van de wereld? De anti-Mubarakdemonstranten kunnen hier op welhaast onverdeelde sympathie rekenen en daar zijn goede redenen voor. Maar hoe ver gaat die sympathie? Beseffen we ook dat diezelfde demonstranten op ons rekenen waar het om de Israëlisch-Palestijnse kwestie gaat? Is het niet hoog tijd dat Nederland zijn slaafse houding ten aanzien van de VS bijstelt en, al dan niet in Europees verband, serieuze druk op Israël gaat uitoefenen? Alleen als dat gebeurt, is niet langer sprake van halfslachtige solidariteit met de demonstrerende massa’s op het Tahrirplein.

Meer over