Opinie

Weerstand tegen klimaatmaatregelen? Zet psychologen in om het klimaatbeleid een zetje te geven

 Actievoerders tegen windmolens op de plek waar in Amsterdam IJburg windmolens moeten komen op het water. Beeld Raymond Rutting / de Volkskrant
Actievoerders tegen windmolens op de plek waar in Amsterdam IJburg windmolens moeten komen op het water.Beeld Raymond Rutting / de Volkskrant

Zelfs degenen die de urgentie van klimaatbeleid onderstrepen, aarzelen of komen in verzet zodra maatregelen concreet worden - windmolens op land, wijken aardgasvrij. Waar komt deze kloof vandaan?

‘Steeds meer mensen roepen dat er echt iets moet gebeuren’, stelt Gerdien de Vries, gedragswetenschapper aan de TU Delft. ‘Maar als puntje bij paaltje komt en de impact van klimaatbeleid nadert, lijkt er weerstand te ontstaan. Kijk bijvoorbeeld naar de verhitte discussies over een vleestaks (‘Handen af van ons karbonaadje!”). Begint een beter milieu soms liever bij een ander dan bij jezelf?’

Imke de Boer, hoogleraar duurzame voedselsystemen aan de Universiteit Wageningen. ‘Duurzaam geproduceerd voedsel kan duurder zijn, windmolens kunnen het landschap minder mooi maken. Vrijwel niemand is tegen duurzame energie op zich, maar als die windmolen ineens vlak achter je tuin staat, denk je: hé, daar gaat mijn uitzicht. Of zijn er zorgen over het geluid.’ Maar volgens haar ontkomen we er niet aan om keuzes te maken. ‘We moeten zoeken naar oplossingen die meerdere doelen dienen: bijvoorbeeld zonnepanelen op alle daken en gevels, en in alle geluidswallen, en windmolens langs de snelweg.’

Mensen houden niet van verandering, legt De Vries uit. ‘Als we elke dinsdag een karbonaadje eten, krijg je ons niet zomaar aan de vegaburger. Gewoontegedrag kost weinig tijd en moeite. Nieuw gedrag, hoe goed ook voor het milieu en hoe graag je het ook wilt, is veel lastiger. Je moet erover nadenken, het kost tijd en het gaat gepaard met gedoe. Dit levert stress op: een belangrijke barrière voor duurzaam gedrag.’

Dan is het vervolgens de vraag hoe je die barrière overwint. De Vries: ‘Wat kun je doen als je wel groen wilt zijn, maar het niet lukt? Begin met acceptatie: alle verandering is moeilijk. Identificeer welke routines je tegenhouden en ga deze stap voor stap te lijf. Misschien eens per maand die vegaburger?’

De commissie-Brenninkmeijer stelde onlangs voor om een burgerforum in te stellen, om zo het draagvlak te vergroten voor maatregelen. ‘Ik voel daar wel voor’, aldus De Boer. ‘Het instellen van burgerberaden, met deelnemers uit alle geledingen van de maatschappij. Essentieel in dat proces is een onafhankelijke moderator en het verschaffen van betrouwbare informatie. Ook is het belangrijk dat zo’n burgerberaad daadkracht krijgt, dat het advies niet zomaar weggelegd kan worden.’

‘Maar uiteindelijk gaat het ook om onze waardeoordelen: het klimaatprobleem betekent dat je niet naar oneindige groei kunt streven op een eindige planeet. Dus is de consequentie misschien ook: minder consumeren, meer met de trein, en ga zo maar door.’

Volgens De Vries moet het nieuwe kabinet daarom gedragswetenschappers betrekken bij het maken van klimaatbeleid. Zelf heeft zij contact met andere ‘klimaatpsychologen’. ‘Maar het staat nog in de kinderschoenen. Op andere beleidsdomeinen gebeurt dit al vaker. Psychologie vormt een aanvulling op wetgeving of financiële prikkels - en wordt bijvoorbeeld ook al toegepast bij het coronabeleid. Het voordeel is dat het vaak om relatief simpele en goedkope aanpassingen gaat zoals woordkeuze of ‘nudging’, waarmee mensen worden aangespoord tot wenselijk gedrag.’

En dan is er nog het financiële plaatje, de onzekerheid over wat maatregelen de burger gaan kosten. ‘Natuurlijk is het makkelijk praten als je genoeg verdient’, zegt De Boer. ‘Dat krijg ik soms ook te horen: waar moet een gezin met een uitkering en drie kinderen dat duurzame voedsel van betalen?’

In Nieuw Nederlands Peil ontleden denkers en experts het maatschappelijk debat

Meer over