Interview

We worden geregeerd door een ‘spookmidden’ dat kwetsbaar is voor populisme. De klimaatcrisis kan uitkomst bieden

Catherine Fieschi in Parijs. ‘Het idee dat je trouw moet zijn aan een bepaalde partij of stroming is bijna dood.’ Beeld Pauline Niks
Catherine Fieschi in Parijs. ‘Het idee dat je trouw moet zijn aan een bepaalde partij of stroming is bijna dood.’Beeld Pauline Niks

In onze gefragmenteerde samenleving kan een populistische minderheid de regering terroriseren, als zij maar hard genoeg schreeuwt, ziet politicoloog Catherine Fieschi. Gelukkig kan de klimaatcrisis als gemeenschappelijke vijand ons nog verbinden.

In Den Haag wordt binnenkort weer getimmerd aan een coalitie die zich kan uitstrekken van de VVD tot GroenLinks. In veel Europese landen leidt de fragmentatie van het politieke landschap tot de vorming van onwaarschijnlijke coalities van linkse en rechtse partijen die samenklonteren in het centrum. Zo wordt Europa geregeerd door een ‘spookmidden’, een centrum dat ideologisch zo betekenisloos is dat de flanken er uiteindelijk van zullen profiteren, schreef de Frans-Britse politicoloog ­Catherine Fieschi onlangs in een scherp artikel in de Financial Times.

‘Hoe breder een coalitie is, hoe gemakkelijker populisten kunnen claimen dat deze regeringen nergens voor staan’, zegt Fieschi. ‘Ze hebben een heel krachtige boodschap: links en rechts doen er niet meer toe, het is allemaal één pot nat en ze hebben jullie in de steek gelaten. Ze zijn geïnteresseerder in hun eigen privileges dan in jullie vertegenwoordigen.’

We zitten op een even pretentieloos als karakteristiek terras in Parijs, rieten stoeltjes langs een drukke weg die naar de 19de-eeuwse kerk de Madeleine voert. Fieschi (53) is directeur van de Britse denktank Counterpoint en heeft de politieke omwentelingen van de afgelopen decennia van dichtbij meegemaakt. Ze promoveerde in 2000 op een onderzoek naar het Front National van Jean-Marie Le Pen. Destijds werd haar vaak gevraagd waarom ze zich verdiepte in zo’n marginale figuur, leider van een partij die niets te betekenen had.

In de jaren negentig was ze al verhuisd naar het Verenigd Koninkrijk, waar ze onder meer werkte voor Demos, een denktank gelieerd aan het New Labour van premier Tony Blair. ‘Toen Blair in 1997 de verkiezingen won, was er een gevoel van: wij zijn het coolste land van Europa. Het VK was zo open, Blair zo pro-Europees’, zegt Fieschi. Daarna zag ze hoe Blairs pragmatische, op materiële voorspoed gerichte koers uiteindelijk tot de Brexit leidde, omdat veel Britten een verlies aan gemeenschapszin ervoeren.

In andere Europese landen leidde de opkomst van het populisme tot een ‘spookmidden’ waarin voormalige rivalen net genoeg zetels bij elkaar sprokkelen om een regering te vormen. In Duitsland zullen de christen-democraten waarschijnlijk in zee gaan met de groenen. In Zweden wordt een zwakke roodgroene minderheidsregering gedoogd door liberalen en voormalige communisten. In België regeren liberalen, socialisten, democraten en groenen. Nog bonter is de regering van nationale eenheid in Italië: negen partijen, waaronder de populistische Lega, Vijfsterren­beweging en Berlusconi’s Forza Italia. In Frankrijk wordt de fragmentatie gemaskeerd door een presidentieel systeem dat veel macht bij één man concentreert. Maar Emmanuel Macron is er volgens Fieschi niet in geslaagd een overtuigende ideologie van het centrum te formuleren, zoals hij in 2017 beloofde.

Zullen de flanken werkelijk profiteren van het ‘spookmidden’? In veel landen blijven de populisten op 25 tot 30 procent steken.

‘De omstandigheden variëren per land. In landen die ervaring hebben met het sluiten van compromissen, zoals Nederland, is het risico kleiner. In Italië kunnen de populisten opnieuw aan de macht komen. In de peilingen staan de Lega en de rechtsere Fratelli d’Italia samen op 40 procent. Ze zullen sterker worden zolang Mario Draghi aan de macht blijft. Draghi is een aartstechnocraat. Het is niet zo belangrijk of hij het goed doet of niet. Mensen zullen het gevoel hebben dat hij het land managet in plaats van regeert. Dat heeft nooit veel opgeleverd.’

En in Frankrijk? Kan Marine Le Pen de presidentsverkiezingen van volgend jaar winnen?

‘Ze zal het goed doen, maar ik geloof niet dat ze president kan worden. Waar ik van wakker lig: dat Macron de tweede ronde niet haalt omdat een kandidaat als Xavier Bertrand van de rechtse Republikeinen in de eerste ronde net iets meer stemmen trekt. Xavier Bertrand is voor mij net zo iemand als de christendemocraat Armin Laschet in Duitsland (voorzitter van de CDU en de beoogde opvolger van Angela Merkel, red.). Laten we vijf jaar verspillen en niets doen!’

Sommige politicologen pleiten voor een minderheidsregering met een scherp ideologisch profiel die per kwestie een parlementaire meerderheid moet zien te halen. Is dat de uitweg?

‘Naar mijn gevoel leidt dat alleen maar tot nog meer koehandel. Zo’n regering kan in gijzeling worden genomen door kleine partijen die concessies afdwingen in ruil voor hun steun. En de populisten zullen zeggen: zie je wel, ze doen werkelijk alles om aan de macht te blijven.’

Veel gematigde denkers zeggen: we moeten sociale ongelijkheid bestrijden en immigratie beheersen om de populisten de wind uit de zeilen te nemen.

‘Het is sowieso goed om ongelijkheid te bestrijden en immigratie kan beter beheerst worden dan tot dusverre is gebeurd. Maar voor de populistische kiezer doet beleid er niet zoveel toe. Trumps Republikeinen kunnen volgend jaar de midterm-verkiezingen winnen, surfend op het succes van Bidens herstelbeleid.’

Het is een tragisch misverstand dat de populistische kiezer kan worden teruggewonnen door aan zijn politieke wensen tegemoet te komen, schreef Fieschi in haar boek Populocracy uit 2019. Het populisme draait niet om specifiek beleid, maar om de relatie tussen de leider en zijn aanhangers en de vorming van een gemeenschap op basis van woede en verontwaardiging. ‘En er is een nooit eindigende aanvoer van verontwaardiging’, zegt Fieschi.

Zelfs als de middenpartijen erin zouden slagen immigratie tot nul te reduceren, zouden populisten nieuwe thema’s vinden om de woede van hun aanhangers te mobiliseren, van Zwarte Piet in Nederland tot het homoseksuele ‘gevaar’ in Hongarije.

‘Ik merkte dat al lang geleden, toen ik onderzoek deed naar Jean-Marie Le Pen. Hij was totaal cynisch. Hij overlegde met zijn vertrouwelingen: law and order werkt niet meer zo goed, kunnen we niet iets anders verzinnen? Immigratie, dat wordt het volgende grote thema!

‘Nu heb ik het idee dat immigratie als favoriete thema van het populisme langzaam maar zeker wordt vervangen door het klimaat. Bij Counterpoint hebben we een project dat het gesprek over klimaat en Europese Green Deal op sociale media volgt in acht Europese landen, helaas niet in Nederland. Greta Thunberg wordt afgeschilderd als Hitlerjunge, de groenen worden ecofascisten genoemd. Populisten hebben gezien dat ze zich kunnen positioneren als de verdedigers van de persoonlijke vrijheid. Ze komen op voor keuzevrijheid, autonomie, mobiliteit.’

Toch gelooft u dat het klimaat de gevestigde partijen een kans biedt om hun vitaliteit te hervinden.

‘Ja. De kracht van de populisten is dat zij appelleren aan het verlangen naar gemeenschap, de gemeenschap van de oorspronkelijke witte burgers. Ik denk dat de gevestigde partijen een alternatieve visie van een politieke gemeenschap moeten ontwikkelen. Zulke gemeenschappen ontstaan door een crisis. En de moeder aller crises komt eraan, het klimaatprobleem. Een gemeenschappelijke vijand kan verbinding tot stand brengen. Het klimaatprobleem is zo’n ‘vijand’. Er is een mondiale noodsituatie, dat is een kans om samen te komen, schouder aan schouder. In Nederland heb je het polderverhaal, de strijd tegen het water. Dit is het volgende polderverhaal. Je moet het klimaatbeleid een beetje heroïek meegeven.’

Daarmee geef je de populisten toch de kans om er vol tegenin te gaan?

‘Ik denk dat we een enorme polarisatie rond dit thema zullen zien. De populisten zullen zeggen: de anderen zijn hysterisch, ze voeren emotionele politiek, wij zijn de partij van de rede. Dat is een perfecte gelegenheid om te antwoorden: ja, we zijn hier emotioneel over, omdat we om onze beschaving geven, onze planeet, onze kinderen. Het is een interessante omkering. Tot nu toe werden de populisten als emotioneel gezien en de gevestigde partijen als technocratisch.’

Catherine Fieschi werd in Senegal geboren, als kind van Franse diplomaten. Ze ging naar school in Frankrijk, Italië en de Verenigde Staten, en studeerde in Canada. Sinds kort woont ze weer in Parijs, na dertig jaar in het Verenigd Koninkrijk te hebben doorgebracht. ‘Het was een moeilijke beslissing’, zegt ze. ‘Ik houd van de openheid en vriendelijkheid van het VK, vooral van Londen. Maar die ‘tolerantie’ voor verschillen maakt het leven ook een beetje transactioneel: jij doet jouw ding, ik doe het mijne, en we zitten elkaar niet dwars. Bovendien ben ik me door de jaren heen steeds meer Europeaan gaan voelen. Ik wilde in de EU wonen, voor mijn werk, maar ook om emotionele en politieke redenen.’

Op een mooie zomerochtend straalt Parijs plezier uit, ontwakend uit een lange lockdown. Maar drie jaar geleden werd de stad nog kort en klein geslagen bij gevechten tussen de gilets jaunes en de oproerpolitie. De ongestructureerde volksbeweging van de gele hesjes liet zien hoezeer het politieke spel veranderd is, mede door de opkomst van sociale media. ‘Een totale minderheid van een paar honderdduizend mensen, gemobiliseerd op Facebook, verlamde de vijfde economie van de wereld. In een gefragmenteerde samenleving kan een minderheid de regering terroriseren, als zij maar hard genoeg schreeuwt. Ze hebben Macron niet ten val gebracht, maar zijn ambtsperiode kapot gemaakt. Iedereen uit de regering-Macron die ik ken, adviseurs en ministers, lijdt aan een posttraumatisch stresssyndroom.’

De gele hesjes illustreerden de overgang van het ‘drukperskapitalisme’ naar het ‘sociale mediakapitalisme’ dat Fieschi in Populocracy beschrijft. Tijdens het drukperskapitalisme – een term van de historicus Benedict Anderson – werden politieke ideeën gefilterd door kranten en andere massamedia. Burgers werden vertegenwoordigd door politieke partijen.

null Beeld Pauline Niks
Beeld Pauline Niks

Onder het sociale mediakapitalisme zijn de filters en tussenpersonen verzwakt of verdwenen. Politieke ideeën komen meteen aan de oppervlakte, in al hun rauwheid. De gele hesjes wilden niet eens vertegenwoordigd worden. Toen een van de voorlieden, Ingrid Levavasseur, een politieke partij wilde oprichten, kreeg ze meteen andere gele hesjes over zich heen.

Is dat de toekomst? Politiek zonder vertegenwoordiging?

‘Aan de ene kant is dat bijna onvermijdelijk. Door de toenemende diversiteit en de fragmentatie van de samenleving wordt het voor politieke partijen steeds moeilijker om een grote groep mensen te vertegenwoordigen.

‘Je ziet ook een grote generatiekloof. Jongeren vinden stemmen nog wel belangrijk, maar niet meer fundamenteel. Ik zag interviews met jonge mensen die zeiden: stemmen is een daad van onderwerping. Dat vond ik wel zorgwekkend.

‘Jongeren stemmen ook per issue. Het idee dat je trouw moet zijn aan een bepaalde partij of stroming is bijna dood. Of politieke partijen vinden een manier om hiermee om te gaan, of we gaan in de richting van een afvink-democratie, waarin per onderwerp beslist wordt door referenda, burgerfora en dergelijke.

‘Aan de andere kant moeten we de komende vijf tot tien jaar ongelooflijk moeilijke keuzes maken vanwege het klimaat. Ik denk dat regeringen daardoor iets minder rekening zullen houden met voorkeuren van burgers. Politiek zal directiever worden. Mijn zus woont in Vancouver, waar het nu vijftig graden is. Overal zie je rook omdat er vroeger in de zomer branden uitbreken. Ze zegt: nu kunnen we mensen opdragen om thuis te blijven. Wellicht zullen regeringen hard ingrijpen en de vrijheid van burgers beperken.’

Zoals tijdens deze pandemie ook gebeurt.

‘Corona heeft laten zien dat het mogelijk is. Dat kan weer leiden tot meer fragmentatie en zeker tot allerlei samenzweringstheorieën. De vraag is of die politieke agitatie kan worden getemd door de enorme taak om het klimaatprobleem aan te pakken.’

Bent u daar hoopvol over?

‘De noodsituatie van het klimaat zal misschien een geweldige tegenkracht tegen fragmentatie zijn, zoals oorlogen dat ook kunnen zijn. Het klimaat is een urgenter probleem dan de identiteit van de verschillende bevolkingsgroepen. De laatste 25 jaar hebben we voortdurend een oorlog gevochten op de termen van de populisten. Zij lieten ons praten over migratie, over law and order. Met het klimaat kunnen de andere partijen weer een eigen verhaal vertellen. Ze kunnen tegen de populisten zeggen: geven jullie dan niets om de beschaving die we hebben opgebouwd?’