Column

We moeten afvallen ter voorbereiding op de volgende pandemie

Bert Wagendorp columnist artikel Beeld -
Bert Wagendorp columnist artikelBeeld -

Chirurg Maurits de Brauw schreef donderdag in een opiniestuk op de site van de Volkskrant dat geen enkele politieke partij in het verkiezingsprogramma een duidelijk plan heeft voor het tegengaan van overgewicht en obesitas. Volgens hem is er een greep gedaan in de grabbelton van maatregelen: willekeurig, onsamenhangend en nauwelijks effectief. Het woord obesitas (body mass index van 30 of hoger) bleek alleen voor te komen in de programma’s van CDA en D66.

Dat is opmerkelijk, zeker in het licht van een rapport van de World Obesitas Federation (WOF), dat deze week verscheen. De verkiezingsprogrammamakers kenden dat rapport natuurlijk nog niet, maar dat de toename van overgewicht en obesitas een groeiend probleem vormen voor de volksgezondheid is al enige tijd bekend. De covid-pandemie heeft dat probleem, zoals wel meer problemen, aangescherpt en uitvergroot.

Uit het WOF-rapport blijkt het directe verband tussen corona-doden en de mate van overgewicht in landen. België, dat fijne land van bier en frietkot waar zestig procent van de inwoners ongezond zwaarlijvig is, staat bovenaan in de corona-sterfte. In de top-5 van coronadoden bevinden zich ook Slovenië (56 procent), Groot-Brittannië (63), Tsjechië (62) en Italië (58). Het Nederlandse percentage zwaargewichten bedraagt 51 – maar bij ongewijzigd beleid neemt dat in 2040 toe tot tweederde. Hopelijk heeft Hugo de Jonge corona er tegen die tijd onder.

Van de factoren die van invloed zijn op sterfte door corona staat leeftijd bovenaan, maar gewicht op twee. Van de 2,5 miljoen coronadoden tot dusver, vielen er 2,2 miljoen in landen met hoge percentages te zware mensen. In Vietnam zijn de mensen het best op gewicht en dat land telt percentueel het op één na laagste aantal sterfgevallen door corona.

Mocht het gezondheidsargument niet overtuigend genoeg zijn: hier de economische cijfers. Volgens het IMF bedraagt de achteruitgang van de wereldwijde productie door corona in de periode 2020-2025 22 duizend miljard dollar. Daarvan houdt, volgens een voorzichtige schatting, 6.000- tot 7.000 miljard direct verband met te zware burgers.

Er moet dus iets gebeuren. Er gebeurt ook wel iets, staatssecretaris van Volksgezondheid Paul Blokhuis doet zijn stinkende best. Hij heeft een Preventieakkoord met de voedingsmiddelenindustrie gesloten en een Akkoord Verbetering Productsamenstelling. Maar het is te vrijblijvend. Het doel, nog maar 38 procent tot dikkerd gemaakten in 2040, wordt er zeker niet mee gehaald. ‘De markt stuurt op ongezond,’ zei onderzoekster Sanne Djojosoeparto in januari in deze krant. En dat blijft de markt doen zolang wettelijke verplichtingen ontbreken. Ongezond is commercieel interessant want vet, suiker en zout zijn lekker, verleidelijk en goedkoop.

De accountants van PwC berekenden dat ongezonde voeding de Nederlandse samenleving jaarlijks 8,8 miljard euro kost, waarvan 6 miljard voor de zorg. Het zou redelijk zijn die kosten te verhalen op de producenten van de ongezonde troep. Of op de distributeurs ervan, zoals supermarkten en de Amerikaanse calorieëndealers die ons hun hamburgers, chicken-nuggets en vieze pizza’s door de strot duwen.

Maar de lobby’s zijn sterk en de overheid zoekt eerst naar draagvlak onder de bevolking, alvorens ingrijpende maatregelen te treffen. Dat is sympathiek, maar het schiet niet op. Zeker liberalen bemoeien zich niet graag met de voedselkeuzes van de burger. De angst voor betutteling zit diep, behalve wanneer het rokers of drinkers betreft. Covid heeft duidelijk gemaakt dat die bangigheid overboord moet. Al was het maar ter voorbereiding op de volgende pandemie.

Meer over