ColumnErdal Balci

Waarom lukt het complotdenkers niet om de mensheid voor zich te winnen?

Het was te verwachten: dat in deze tijd van pandemie en economische onzekerheden occultisme, kwakzalverij en complotdenken een vlucht zouden nemen. Vóór corona verbaasde ik mij al over de percentages mensen die ervan overtuigd waren dat de Twin Towers in opdracht van de Amerikaanse regering zijn neergehaald. De laatste maanden is het hek helemaal van de dam. De 5G-technologie zou covid-19 verspreiden. Het verhaal over het kleine clubje rijke mensen, aangeduid als illuminati, dat in het geheim kwaadaardige plannen uitvoert, vindt gretig aftrek. De theorie dat Bill Gates vanwege zijn belangen in de farmaceutische industrie het virus heeft laten ontwerpen en verspreiden is bij miljoenen aangeslagen.

Leugens van deze orde van grootte zijn langzamerhand zo populair dat een complotdenker als Janet Ossebaard, van wie ik tot voor kort niet van had gehoord, zichzelf tegenwoordig een sterrenstatus mag aanrekenen. Op verschillende podia mag ze uitgebreid over haar fantasiewereld vertellen. Op Twitter is zij trending topic. Kwaliteitskranten ontkomen niet aan haar, ze wordt in menige serieuze column genoemd.

Even voor de duidelijkheid, ik ben niet tegen de leugen. Ik weet dat wanneer de mens in het nauw wordt gedreven, hij een uitweg zal zoeken. Is de leugen de foute gids, dan zij het zo. Zo heb ik ook geredeneerd in de zomer van het jaar 2000, toen ik noodgedwongen een maand in het Turkse leger zat. Onder de zware omstandigheden van extreme hitte, een overvolle, naar zweet stinkende slaapruimte waar slapen onmogelijk was en propagandatoespraken van officieren onder de verzengende zon waar maar geen einde aan kwam, ben ik ook teruggevallen op de zalvende kracht van de leugen.

Het was misschien de vijfde dag van mijn soldatenleven dat een maatje en ik de leugen uitspraken waar alle tienduizend soldaten in de kazerne naar snakten: ‘Via contacten in de hoogste regeringskringen hebben we vernomen dat de verplichte duur van de afgekochte militaire dienst is verlaagd van een maand naar twee weken.’ We wisten dat onze leugen rond zou gaan onder de duizenden jongemannen. Een paar dagen later was de cirkel rond en kregen mijn vriend en ik hem van anderen te horen: ‘Iemand met contacten in regeringskringen heeft gehoord dat we volgende week naar huis mogen...’ Ondanks dat die leugen ons en niemand anders toehoorde, begonnen we er in te geloven. We omarmden het verzinsel en sliepen die nacht eindelijk een keer heerlijk.

En dat precies is de waanzin. Zodra je je overgeeft aan het comfort, de gemakzucht en de luiheid van de onwaarheid, heb je de eerste stap naar de gekte gezet. De vraag is niet of die gekte wel of niet heerlijk is, maar waarom niet de hele mensheid vroeg of laat die zoete leugen in de armen sluit. Waarom lukt het de complotten verzinnende en verspreidende gekkies van onze tijd niet om met hun heerlijke simplisme, hun eenvoudige antwoorden op de meest complexe vraagstukken, hun verleidelijke belofte van comfort niet om de mensheid in zijn geheel voor zich te winnen?

Omdat homo sapiens als soort allang beseft dat het plezier dat de luiheid van het brein verschaft, van korte duur is. De mens wil niet verslaafd zijn aan die drug, herpakt zich iedere keer en vindt de uitgang van de tunnel door te denken, door te weten, door te onderzoeken. De mens vond het eerste wapengerei uit en kwam uit de oertijd. In de ijver van zijn denken nestelde zich de heerlijke complexiteit van de liefde. Filosoof Soren Kierkegaard bijvoorbeeld kwam in opstand tegen zijn tijdgenoten die alles simpel uitgelegd wilden hebben en heeft de toekomstige generaties het existentialisme geschonken. Omdat we bereid zijn om het moeilijke te omarmen zien wij dierbaren uit de wurggreep komen van ziektes die voorheen ongeneeslijk waren.

Het klopt dat de complotdenkers, de gekken, de waanzinnigen, in tijden als deze een voorsprong hebben. Verslaafd als ze zijn aan het geluk van de heroïne in hun bloed, reiken ze de hele mensheid de naald, de lepel en de aansteker aan. Maar we beginnen er niet aan. Want, niemand minder dan Ludwig van Beethoven is uit ons midden opgestaan. Iedere dag deed hij zodanig aan het zware denkwerk dat zijn hoofd op ontploffen heeft moeten staan. Sinds de mens naar zijn muziek luistert, weet die dat het echte geluk de product van dat moeilijke, complexe denken is. 

Erdal Balci is journalist en schrijver

Meer over