CommentaarCarlijne Vos

Verantwoord ondernemen reikt ook voor Shell voortaan tot diep in de jungle

Het is heuglijk nieuws dat een multinational wordt aangesproken op zijn zorgplicht in het buitenland.

Dit gebied in de Nigerdelta is aangetast door olielekken door zowel oliedieven als Shell. Beeld AFP
Dit gebied in de Nigerdelta is aangetast door olielekken door zowel oliedieven als Shell.Beeld AFP

‘Eindelijk gerechtigheid’, zo reageerde Eric Dooh, de zoon van een van de vier Nigeriaanse boeren die Shell voor de rechter sleepten vanwege de vervuiling van hun leefgebied in de Nigerdelta. Afgelopen vrijdag achtte het Gerechtshof in Den Haag moederbedrijf Shell verantwoordelijk voor de vervuiling en sommeerde het bedrijf een schadevergoeding te betalen en een waarschuwingssysteem te installeren langs de kilometerslange oliepijplijnen in het gebied om toekomstige schade te voorkomen.

Voor de vader van Dooh die de rechtszaak al in 2008 samen met Milieudefensie startte, komt de uitspraak te laat: hij is inmiddels overleden, net als een van de andere drie aanklagers. Maar de betekenis voor de boeren en vissers in Ogoniland en ver daarbuiten is verstrekkend. Voor het eerst is een Nederlands moederbedrijf aansprakelijk gesteld voor nalatigheid of wanpraktijken van een dochteronderneming elders in de wereld, en dat is ronduit heuglijk nieuws.

Al decennia lopen milieu- en mensenrechtenorganisaties aan tegen muren van onwil bij bedrijven om mogelijke schadelijke gevolgen van hun bedrijfsactiviteiten in verre landen onder ogen te zien. Of het nu gaat om landonteigening, milieuverontreiniging of kinderarbeid, steevast grijpen multinationals naar juridische uitvluchten om hun verantwoordelijkheid te ontlopen. Met diep gevulde zakken kunnen bedrijven net zolang procederen tot hun zwakkere tegenstanders de strijd opgeven en het leed is geleden.

Nu heeft Milieudefensie dan eindelijk met een lange adem – van 13 jaar – de strijd gewonnen. En nog blijft Shell volhouden dat de schade is veroorzaakt door sabotage, waarvoor het via de Nigeriaanse dochter en dus volgens de Nigeriaanse wetgeving niet verantwoordelijk kan worden gesteld.

Met deze reactie geeft Shell aan dat het nog steeds niet begrijpt dat MVO – Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen – meer behelst dan mooie pr-beloftes vanuit een hoofdkantoor. De consument moet erop kunnen vertrouwen dat een bedrijf pal staat voor zijn hele productieproces tot diep in de oerwouden van Brazilië, Congo of Nigeria. Als dit na 13 jaar procederen nog niet duidelijk is, wordt het tijd om kwetsbare burgers met internationale wetgeving te beschermen tegen de wanprakijken van multinationals in het verre buitenland.

Meer over