ColumnArnon Grunberg

Veel mag je je niet toe-eigenen schijnt, maar de levensmoeheid is godzijdank van iedereen

Arnon Grunberg artikel columnBeeld .

Moers is een stadje ten westen van Duisburg waar in totaal ongeveer honderdduizend mensen wonen. Met Logeetje was ik beland in een hotel waarvan we vermoedden dat het gefrequenteerd zou worden door bejaarden, maar er waren ook enkele jongeren, die zich een zekere levensmoeheid hadden toegeëigend, hoewel minstens een van hen zwanger was.

Veel mag je je niet toe-eigenen schijnt, maar de levensmoeheid is godzijdank van iedereen. Na de winterslaap die coronacrisis wordt genoemd lijkt de levensmoeheid nog aantrekkelijker; de eeuwige winterslaap als een alternatieve vorm van leven. Ontwaken doen we wel als het paradijs op aarde is bewerkstelligd.

Er waren grote parken waar mensen met honden in een soort roes doorheen slenterden. De mens en zijn huisdier, er zou meer sociologisch onderzoek naar moeten worden gedaan.

Kort daarvoor had ik het laatste deel van de Jezus-trilogie van Coetzee gelezen, De dood van Jezus. In dat boek komt Dmitri voor, een moordenaar die verpleegkundige is geworden en van het jongetje David houdt dat al dan niet naar Jezus is gemodelleerd.

Je kunt zeggen dat wij allemaal naar Jezus zijn gemodelleerd. De een neemt dat serieuzer dan de ander. Vragen: wie ben ik, is vragen: naar wie ben ik gemodelleerd, naar wie wil ik gemodelleerd zijn?

Deze Dmitri schrijft een brief aan de stiefvader c.q. voogd van David: ‘De boodschapper was de boodschap, een verblindende gedachte, vind je ook niet?’

Verblindend, misschien wel.

In Moers werd het avond. De sauna was open, maar je mocht er niet samen met andere hotelgasten in: besmettingsgevaar.

Overal zijn boodschappers die zélf de boodschap zijn. De gedachte dat je werkelijke macht over je boodschap hebt, lijkt me naïef, al was het maar omdat mensen niet in staat zijn altijd rationeel te handelen.

Steeds weer neemt de hartstocht het van ons over, zelfs in Moers.

Meer over