ingezonden brieven

Tijd voor ‘de nationale vuilnisbak’

De lezersbrieven van woensdag 15 december.

Redactie
Viroloog en OMT-lid Marion Koopmans. Beeld AP
Viroloog en OMT-lid Marion Koopmans.Beeld AP

Brief van de dag

Het bericht over de verschrikkelijke hoeveelheid stompzinnige narigheid die viroloog en OMT-lid Marion Koopmans dagelijks in haar mailbox aantreft, en daarbij het besef dat die lafbekken kennelijk moeilijk te pakken zijn, bracht me op het idee van ‘de nationale vuilnisbak’.

Het idee is dat justitie een account opent onder die naam waarin alle smerige, haatdragende en beledigende mails kunnen worden gedeponeerd. Zo’n digitale stortplaats heeft een aantal voordelen.

De troostrijke gedachte dat je niet het enige mikpunt bent van deze hersen­loze kwezels. Ook de mogelijkheid dat je het bericht direct kunt adresseren en het daarna ook werkelijk kwijt bent moet enige verlichting geven. Daarnaast biedt zo’n digitale vuilnisbelt voor justitie de mogelijkheid om regelmatig uit die berg ‘afval’ misschien niet alle, maar wel enkele daders bij de kladden te pakken.

Dit en de wetenschap dat deze berichten vrijwel direct na verzending in de nationale vuilnisbak terecht komen, zal de animo voor dergelijke praktijken waarschijnlijk sterk verminderen.

Jan Zwetsloot, Spaarndam

Vaandeldrager

In het Commentaar van Pieter Klok over de omstreden aankoop van Rembrandts De vaandeldrager wordt een uitspraak van Van Haersma Buma weer eens aangehaald: ‘Erfgoed laat zien wie we waren en wie we zijn.’ Aansluitend stelt Klok de vraag: ‘Zou die 45ste Rembrandt in de Nederlandse collecties duidelijker maken wie wij zijn?’

Ja dus. Ik zie een dikke, slecht geschoren man, die het heel goed met zichzelf kan vinden. Hij neemt nogal wat ruimte in. En hij werkt heel goed met zijn ellebogen, waardoor hij zich nog breder maakt dan hij al is. Meer dan al die andere 44 Rembrandts in Nederlandse collecties laat deze zien wie de Nederlander is, en misschien ook altijd al geweest is.

Arie Wallert, Amersfoort

Geen cultuurbarbaar

Met als aanleiding de aanschaf van De vaandeldrager klaagt Henriëtte van der Linden over het feit dat de overheid te weinig geld aan cultuur besteedt. Niet helemaal ten onrechte. Afgezet naar de totale rijksbegroting wordt de culturele sector niet ruim bedeeld. Toch gaat Van der Linden, voormalig directeur van het Instituut Collectie Nederland, aan een paar zaken voorbij.

Er is in de culturele sector sprake van overproductie. Er is meer aanbod dan vraag. Economen kijken daar niet van op, gezien het verband dat er bestaat tussen subsidiëring en overschotten op de markt.

Autonome kunstenaars houden geen rekening met de wensen en behoeften van mogelijke klanten. Dat is hun goed recht, vaak ook een zegen en leidt soms tot prachtige kunst. Maar wees niet verbaasd dat mensen niet staan te springen om je product te kopen als je gewoon maakt wat je zelf mooi of belangrijk vindt. En zet kunstenaars die zich meer richten op de markt niet hautain weg als ‘commercieel’.

Deels is cultuur een elitair feestje geworden. Ook daar is niets mis mee, er zijn genoeg mensen die hogere vormen van cultuur zeer waarderen, maar kijk er dan niet van op dat grote groepen mensen zich van je afkeren.

Er wordt in meerderheid gestemd op partijen die weinig tot niets op hebben met (hogere) cultuur. Ga dus niet klagen bij de overheid, maar kijk eens hoe je meer draagvlak kunt verwerven onder degenen die zich afwenden van de culturele sector.

Het vervelende is dat als je dit soort argumenten naar voren brengt, je al vrij snel wordt weggezet als barbaar of doorgeslagen neo-liberaal. De boodschap wordt niet serieus genomen, de boodschapper wordt in een kwaad daglicht gezet. Er zijn ook genoeg redenen om de culturele sector wel ruimhartig te subsidiëren, maar verdiep je eerst eens in de redenen waarom dat maar mondjesmaat gebeurt.

Ruurd Mulder, auteur Schandalen in de kunst, Amsterdam

Zuster Marianne

Wat een verademing, het interview met zuster Marianne Hoefnagels – net als De Volkskrant 100 jaar jong. Even geen corona, boerenprotest, klimaat en formatie, maar een interview met een vrouw die haar leven toevertrouwde aan haar medemens. Ze eindigt met de woorden: ‘Het is klaar, want ik kan niks meer voor een ander doen.’

Sorry zuster, het is nog niet klaar. Ik werd direct vrolijk van uw verhaal en uw montere uitstraling. De maandagblues verdween als sneeuw voor de zon. Na dit weekend worden aan het rijtje ‘Rembrandt, Anne Frank, Johan Cruijff’ twee personen toegevoegd: Max Verstappen en zuster Marianne.

Nederland verdient toch ook een Captain Tom, de Britse legerofficier die 100 jaar werd en begin dit jaar overleed. Door in zijn tuin rondjes te lopen achter zijn rollator wilde hij 1.000 Britse pond ophalen voor de NHS Charities Together. Hij werd wereldberoemd: 1.000 pond werd 33 miljoen, hij werd bedolven onder meer dan 150.000 kerstkaarten en Queen Elizabeth sloeg hem tot ridder. Stuurt u haar ook een kaartje met Kerst? Zuster Marianne Hoefnagels, Klooster Zusters van Liefde, Oude Dijk 1, 5038 VL Tilburg. Doen!

Frank Kwinten, Maastricht

Max

De lezersbrieven over de victorie van Max Verstappen heb ik met ongelooflijk veel plezier gelezen. Dat de Nederlandse bevolking voor minstens de helft bestaat uit zeikerds, zeurpieten en zuurpruimen is bekend. Maar het is goed het onweerlegbare feit opnieuw bevestigd te zien.

Tegen het wereldleed kan niets en niemand op. Hebben de Afghaanse vluchtelingen iets met Max te schaften? De Oeigoeren misschien? De sombere brievenschrijvers hebben groot gelijk. Iedere dag zou Aswoensdag moeten zijn. En Max Verstappen is in geen enkel opzicht de Verlosser. Waarvan akte.

Alfons Lammers, Otterlo

Het Eeuwige Leven

Aan de ene, voornaamste, kant vind ik de rubriek Het Eeuwige Leven prachtig. De beschreven verscheiden ‘Onbekende Nederlanders’ verdienen stuk voor stuk het stralende voetlicht op hun leven. Aan de andere kant lijkt het een seculiere vorm van zaligverklaring en voel ik mij, hoewel ontworsteld aan een christelijke opvoeding, onmachtig om ook zo’n goed mens te worden.

Freek van der Ploeg, Haren

Grunberg

Arnon Grunberg wint de P.C. Hooftprijs. Geweldig! Ter ere daarvan een stuk in de krant met een foto van de schrijver. Ach arme, daar staat hij, gekleed in een (zo op het oog) te kleine trui, daaronder een versleten t-shirt op een wijde, zakkige donkerblauwe joggingbroek. Ik lees dat de P.C. Hooftprijs met een geldbedrag van 60 duizend euro komt. Wellicht kan de schrijver daar dan eens wat fotogeniekere kleding voor aanschaffen? Hij schrijft geweldige boeken, maar het oog wil ook wat.

Corien de Witte, Vlissingen

Lezersoproep

Na bijna twee jaar van vergezichten, analyses, internationale vergelijkingen, juridische scherpslijperij, maatschappijkritiek en polarisatiepaniek op onze pagina’s, willen we weten: hoe biedt u zelf weerstand tegen het chagrijn, de zorgen en de moedeloosheid die het coronavirus (en al zijn mutaties) met zich meebrengt? Wat zijn de ontdekte of herontdekte genoegens, wat voedt, wat verlicht, waar vindt u beschutting?

Is het de wandeling met de hond die een nieuwe dimensie heeft gekregen, online jagen op collector’s items, brieven schrijven aan personages van uw favoriete roman, of een eigen kamer inrichten in de trapkast - alles kan. Graag nodigen we u uit in een persoonlijke bijdrage te beschrijven wat uw ‘tegengif’ is.

De praktische kant: het gaat om een bijdrage van maximaal 150 woorden. De deadline is donderdag 23 december. Een selectie uit alle inzendingen zal op donderdag 30 december op onze opiniepagina’s worden gepubliceerd. Mail uw bijdrage naar brieven@volkskrant.nl o.v.v. ‘Tegengif’.

Meer over