COLUMNEva Hoeke

Stephania is geen moederkloek met thee en zelfgemaakte appeltaart, maar kom niet aan haar kroost

null Beeld Aisha Zeijpveld
Beeld Aisha Zeijpveld

Stephania Stevens (59 jaar, hoogblond, zwart kant, wimpers als baldakijnen) werd geboren in het Wilhelmina Gasthuis in Amsterdam, als dochter van een huisvrouw en een zeeman. Het gezin Stevens is arm en woont in een vochtig souterrain op de Hoogte Kadijk. Wanneer Stephania 7 is krijgt haar moeder een hersenbloeding, en omdat vader vaak op zee is, of gewoon weg, verschuift de zorg al snel naar haar. Elke dag brengt ze haar broertje naar school, daarna gaat ze snel terug voor het huishouden, de boodschappen en het wassen van haar moeder, die halfzijdig verlamd is geraakt. Door afasie is haar spraak bovendien verstomd. Haar moeder, altijd al een dominante vrouw, raakt verbitterd. Stephania: ‘Niets was goed. Achteraf begrijp ik dat wel, want als je niet kunt praten raak je gefrustreerd. En als je gefrustreerd bent, krijg je losse handjes.’

Omdat Stephania niet meer op school verschijnt, staat de kinderbescherming op een dag op de stoep. Zij en haar broertje worden naar Groot Kijkduin gebracht, een door nonnen gerund kindertehuis in Zandvoort. De meisjes gaan links en de jongens rechts, daarna ziet ze haar broertje bijna nooit meer.

Ze handhaaft zich, zo goed en zo kwaad als het gaat. Als een van de weinigen gaat ze naar school, eerst de mavo, dan de havo. Ze is er een vreemde eend – de meeste meisjes doen de huishoudschool en de jongens de technische school. Stephania zet door, ze moet en zal iets leren.

Zodra ze 18 jaar is, wordt ze op straat gezet. Daar ontmoet ze een man. Hij is loodgieter, krap een jaar ouder en ook hij komt uit een beschadigd gezin. Alcoholmisbruik, mishandeling, één en al herkenning – binnen een maand wonen ze samen. Samen krijgen ze zeven kinderen: Donny, Angelo, Sharon, Mitch, Diego, Chazz en Bijou. Amerikaans-Italiaanse maffianamen, houdt ze van. En zo ís ze ook: geen moederkloek met thee en zelfgemaakte appeltaart, dat niet, en ze is ook niet zo van de koetsie-koetsjie, maar kom niet aan haar kroost. Kom niet aan haar kroost.

Na een aantal jaren loopt het huwelijk spaak. Niet alleen willen zijn blijkt niet hetzelfde te wezen als liefde. Wat ook meespeelde, dat klinkt misschien arrogant maar zo bedoelt ze het niet, was dat ze altijd zo nieuwsgierig was. Naar kunst, naar biologie, naar wetenschap. Haar ex vond dat maar raar, dat geneus in boeken. Wat moest ze daarmee? Stephania: ‘Mensen vragen dan altijd meteen: maar waarom heb je dan toch zeven kinderen genomen als je huwelijk niet goed was?’ Nou, rara politiepet. Omdat ze zo de familie creëerde die ze zelf niet had gehad natuurlijk.

Ze gaat bij hem weg.

Meteen na de scheiding gaat ze studeren, voor het eerst, met het geld van de kinderbijslag en de hulp van haar dan 9-jarige dochter, die op de kleintjes past wanneer moeders stage loopt. ‘Daar heb ik heel veel mazzel mee gehad. Dat zeg ik ook altijd tegen haar: als ik jou niet had gehad, had ik dit nóóit kunnen doen.’

Ze haalt haar diploma verloskunde, begint een praktijk, en nu, vijftien jaar later, heeft ze – ruwe schatting hoor – meer dan 500 kinderen ter wereld gebracht. Ook haar eigen kinderen zijn goed terechtgekomen. Ze roken niet, ze drinken niet, ze werken allemaal en hebben een gezin, beter kan niet. Alleen dat gevoel van voor een dubbeltje geboren te zijn en nooit een kwartje worden, dat zal ze wel nooit helemaal kwijtraken. ‘Heel gek. Alsof intelligente mensen altijd boven me zullen staan.’

In mei zal Stephania Stevens me helpen met het op de wereld zetten van mijn derde kind. U hoort mij niet zeggen dat ik daar zin in heb, maar als het toch moet, dan met haar.

Meer over