ColumnLoes Reijmer

Soms is iets ‘stront’, soms is het per ongeluk toch gewoon je eigen partij

null Beeld

‘Soms’, zei de Overijsselse VVD’er Ad Lagas deze week tegen De Telegraaf, ‘moet je stront stront noemen.’

Heerlijk quotetje natuurlijk, De T. tikte het begrijpelijkerwijs gretig op. Een prettige afwisseling ook met de bouwmetaforen die dezer dagen de kolommen domineren, over ‘de Kaag-coalitie’ die ‘op instorten staat’, maar waar de D66-leider desalniettemin ‘stug op hamert’. De lezers die schrijven naar de brievenrubriek zijn in het onderbewuste dan weer meer met asfalt bezig, getuige zinnen als ‘de afslag naar links is een doodlopende weg’ en ‘linkse koers botst met stembusuitslag’.

Op de burelen van de krant lijkt de paniek over een mogelijke regeringsdeelname van GroenLinks dermate groot dat het niet meer lang kan duren voordat een gefotoshopte Mark (‘Marx’) Rutte de voorpagina siert in de beruchte eikeltjespyjama van Jesse Klaver, om de lezers voor eens en voor altijd duidelijk te maken dat de apocalyps nakende is.

Stront dus. Zo noemt Lagas, voorzitter van een groep VVD’ers die zich roert onder de naam Klassiek Liberaal, de partij van Klaver. De beste man komt uit Ommen, ik googlede nog of het wellicht een lokaal gebruik is om mensen, dingen of organisaties met ontlasting te vergelijken, maar nee, de uitspraak lijkt geheel aan zijn eigen, keurige brein ontsproten.

Waar Lagas bang voor is? ‘Een land vol windmolens en zonneparken’, zei hij tegen Nieuwsuur, leunend tegen een hek in een weidse, groene omgeving. ‘Maar u heeft hier zelf een zonnepark’, merkte de verslaggever op. Ja, op het dak, corrigeerde de VVD’er hem lachend, die malle Randstadjongens toch, níét op het land.

De vraag of iets stront is of niet, luistert kennelijk nauw.

Dat zag je ook bij een andere vrees. ‘Straks moeten we ‘pang pang’ roepen, want dan hebben we door GroenLinks geen kogels meer’, zei Lagas tegen De Telegraaf, voor het gemak vergetend dat het onder VVD-minister Jeanine Hennis-Plasschaert was dat militairen tijdens oefeningen ‘pang pang’ moesten roepen. Dat dit kwam doordat er al sinds halverwege de jaren negentig hard werd bezuinigd op defensie en dat bijna alle ministers, met uitzondering van twee, toch echt van VVD-huize waren.

Soms is iets stront, soms is het per ongeluk toch gewoon je eigen partij.

Een van de grote politieke raadselen van deze tijd is de peilloze macht die links wordt toegedicht. Niet alleen in het steeds warriger hoofd van de spreekstalmeester van Circus Baudetti, maar kennelijk ook in de hoofden van Ralph Lauren-polodragende burgermannen. Klaver, die überhaupt nog nooit heeft meegeregeerd, hoeft maar één keer te lonken naar informateur Mariëtte Hamer en meteen staat het land vol zonneparken (het land dus, niet het dak, dat stond al vol).

Het getuigt, al met al, van weinig vertrouwen in de onderhandelingscapaciteiten van de eigen partijleider, maar wat de hysterie vooral zo bevreemdend maakt, is dat deze bij eerdere samenwerkingen van de VVD ontbrak. Toen Rutte in 2010 een gedoogcoalitie aanging met de PVV bijvoorbeeld, een partij die toen al in het verkiezingsprogramma had staan dat vrouwen met een hoofddoek niet bij de overheid, in de zorg of het onderwijs mogen werken, een partij die stelselmatig tornt aan de vrijheid van godsdienst. Dat lijkt me voor rechtgeaarde liberalen allemaal vrij problematisch, maar toen hoorden we de kritische VVD’ers niet. Samenwerking met Forum voor Democratie in Noord-Brabant? Idem.

Het klinkt zo ferm, dat van die ‘stront’. Maar in andere, tikkeltje nuchterder kringen, zeggen ze dan gewoon dat je poep praat.

Verbetering: in een eerdere versie van deze column stond dat Rutte in 2012 een gedoogcoalitie aanging met de PVV, dat was in 2010.

Meer over