Rolstoel

Zelf rijden of geduwd worden?

Ineens had ik een rolstoel nodig, geen kracht meer in mijn benen. Goed voor het humeur is het niet, maar er is geen ontkomen aan.

Ik heb het nog niet geprobeerd, maar misschien kan de hond me voorttrekken. Op grond van het snurkende geweld waarmee ze in mijn leesstoel ligt te slapen, heb ik daar weinig fiducie in.

Verder schijnt de zon.

Een rolstoel kun je van je eigen geld kopen, maar er bleek ook een instantie te zijn waar je zo’n voertuig kunt lenen. Toepasselijk genoeg gevestigd aan de Gyroscoopstraat, zo’n winderige straat op een bedrijventerrein in de schaduw van een elektriciteitscentrale die prachtige witte wolken de blauwe hemel in pompt.

Maar daar kwamen we niet voor: we kwamen voor een rolstoel. Die bevond zich in klein kantoortje annex winkel waar het vol stond met hulpstukken voor de gehandicapte mens; van grosverpakkingen papieren luiers (niet te leen) tot rollators, uitvouwbare wandelstokken en geheimzinnige spullen voor in bad.

De jonge man voor ons leende vier pootophogers voor het bed waarin zijn vrouw ging bevallen. Dit om het werken van de kraamzorg straks te vergemakkelijken.

Ik dacht aan de bierkratten die onder onze kraambedden hadden gestaan. Toen waren we aan de beurt.

‘Een rolstoel graag’, zeiden we, alsof we een ijsje wilden.

‘Zelf rijden of geduwd worden?’ Al even geroutineerd kwam het uit het meisje achter de toonbank.

‘Allebei.’

‘Dat is geduwd worden.’

Inderdaad, logisch. Het meisje verdween in het magazijn achter haar winkeltje en ik vroeg me in acute eenzaamheid af of wellicht een steek en po niet ook goed van pas zouden komen.

Gelukkig was ze terug voor ik het antwoord had geraden.

Meer over