Columnmax pam

Rijk is de Nederlander het liefst in het geniep. Dus een vermogen ‘plaatsen we op afstand’

Max Pam columnist artikel Beeld -
Max Pam columnist artikelBeeld -

Ook in Nederland klonk verontwaardiging toen Donald Trump weigerde zijn belastingaanslagen openbaar te maken. Onder Amerikaanse presidenten is het traditie – geen verplichting – om inzicht te geven in hun financiële staat, maar Trump brak met die gewoonte. Tot op heden woedt een heftige strijd om de cijfers van Trump, vooral omdat men vermoedt dat The Donald, ondanks zijn enorme vermogen, weinig tot niets aan belasting heeft betaald.

Maar zijn we in Nederland met onze politici beter af?

Over het algemeen zijn vermogende Amerikanen trots op hun rijkdom en zijn ze daar tamelijk open over. Sommige christelijke stromingen zien financiële welvaart zelfs als een beloning van God. Dat vinden veel Nederlanders schaamteloos, maar in diepste wezen is het een zeer calvinistisch inzicht. Alleen het uiterlijke vertoon wordt in Nederland anders beleefd. Vermogende Nederlanders staan zich van oudsher niet voor op hun rijkdom. Wat iemand verdient, wordt zelden openbaar. Ga in Nederland naar een gala en je ziet geen vrouwen, beladen met juwelen, flaneren.

Laatst las ik dat charitas en goede doelen in Nederland een zieltogend bestaan leiden, vergeleken met die in het buitenland – en dat verbaast mij niets. Als een gast van de Nederlandse nouveau riche zich in de Caraïben toch openlijk vermaakt op een jacht, dan is er altijd een Gert-Jan Dröge in de buurt om hem en zijn familie belachelijk te maken. Zelfs onze koning kan maar beter niet betrapt worden aan het roer van zijn speedboot. Onder invloed van Amerika is het enigszins aan het veranderen, maar rijk zijn in Nederland is nog altijd meer iets voor in het geniep.

Over Willem Drees gaat het verhaal dat zijn zuinigheid zoveel indruk maakte dat Nederland na de Tweede Wereldoorlog onmiddellijk Marshallhulp kreeg. Het simpele kopje thee en het Mariakoekje dat mevrouw Drees aan de Amerikaanse diplomaten serveerde, schijnt de doorslag te hebben gegeven. Er valt veel op de huidige premier Mark Rutte af te dingen, maar ik verdenk hem er niet dat van dat hij vanaf zijn thuiscomputer ’s nachts met geldstromen zit te spelen. Maar schijn kan bedriegen, dat geef ik toe.

Van andere ministers zijn we minder zeker. Onlangs las ik in NRC/Handelsblad een stuk van Camil Driessen over de fraude van notaris Frank Oranje bij het kantoor van de landsadvocaat Pels Rijcken. Daarin kwam ik het volgende tegen: ‘Als de voornaamste notaris van het kantoor doet Oranje zeer discrete zaken. Voor het aantreden van het kabinet-Rutte III wordt hij ingeschakeld om de zakelijke belangen van aankomende ministers als Ferd Grapperhaus, Wopke Hoekstra en Sigrid Kaag ‘op afstand’ te plaatsen. Terwijl hij met zijn neus in de financiële geheimen van de aanstaande bewindspersonen zit, fraudeert hij al jaren op grote schaal met geld van klanten dat op de kwaliteitsrekening van Pels Rijcken staat.’

Mijn oog bleef hangen aan: ‘op afstand plaatsen’. Dat is vermoedelijk een eufemisme voor ‘net doen alsof het niet van mij is’, dit om alle schijn van belangenverstrengeling te voorkomen. Van Hoekstra weten we dat hij eigenlijk precies het omgekeerde deed. Zijn beleggingen in een safaribedrijfje bracht hij eerst naar de Britse Maagdeneilanden (fysiek 15 uur vliegen) en vandaar naar Afrika (25 uur vliegen), wat neerkomt op 40 uur vliegen, oftewel zo’n dikke 25 duizend kilometer. Dat noem ik nog eens op afstand! Helaas mocht dat nou juist weer niet.

Van onze minister van Financiën zou ik best willen weten hoeveel liggende gelden hijzelf bezit. Van Sigrid Kaag trouwens ook. Jarenlang heeft zij internationale ervaring opgedaan bij de Verenigde Naties, waarbij ze een grotendeels belastingvrij inkomen heeft genoten. Zou ik ook wel willen.

Op de site Bekende Buren stond onlangs dat zij in Den Haag voor 1,4 miljoen een kapitaal pand heeft gekocht, waarbij zij op haar vorige woning een winst heeft gemaakt van 225.000 euro. Overigens lees ik daar ook dat in het kadaster niets over haar echtgenoot te vinden is, sterker nog dat zij in het kadaster wordt aangemerkt als ‘ongehuwd’.

Her en daar, op afstand in het buitenland, bezit zij nog zo wat huizen. Ouwe koek misschien, en wellicht komt het geld van haar man die – zoals bekend – werkte voor Yasser Arafat, wiens nagelaten vermogen weer op 300 miljoen dollar wordt geschat – de verdwenen miljoenen daar gelaten.

Wat mij betreft mag dat allemaal, in de geest van Joe Biden, openbaar worden gemaakt. Maar laat nou net Ferd Grapperhaus, die zelf ook door Frank Oranje ‘op afstand werd geplaatst’, toevallig als minister van Justitie fungeren in de tijd dat de fraude bij Pels Rijcken aan het licht kwam. Sinds zijn in de soep gelopen huwelijksfeestje heeft Ferd in talkshows alweer het hoogste woord. Ik schat hem in op four more years.

Meer over