Peiling: Noodhulp kan niet zonder vuile handen

De internationale hulporganisatie Artsen zonder Grenzen heeft vaak concessies gedaan aan haar eigen principes van onafhankelijkheid en openheid. Om patiënten toch te kunnen helpen, lieten artsen zich door dictatoriale regimes vertellen waar zij wel en niet mochten werken, deden ze zaken met gewapende milities en verzwegen ze misstanden. Heiligt het doel de middelen? Moet je samenwerken met dictatoriale regimes om mensen te kunnen helpen?

Laura de Jong en Jeroen Visser
Een arts van Artsen zonder Grenzen aan het werk in Darfur, Soedan in 2005. Beeld
Een arts van Artsen zonder Grenzen aan het werk in Darfur, Soedan in 2005.

Mark Vogt, directeur War Child:

'Ik vind het lovenswaardig dat zo'n grote organisatie als Artsen zonder Grenzen (AZG) zo zelfkritisch wil zijn en kan zijn. Dat moet ook. Door dit interne rapport naar buiten te brengen zie je pas hoe moeilijk, smerig en ingewikkeld de context is waarbinnen AZG moet werken, op plekken waar mensen zonder interventie doodgaan. Dit rapport laat de ethische dilemma's zien waar AZG en de noodhulp in het algemeen mee kampen. Zij komen daardoor altijd voor een acute keuze te staan.'

'War Child staat niet voor deze dilemma's. Wij redden niet een leven tussen vandaag en morgen. Daardoor kunnen we een andere selectie maken. Daarnaast zijn we relatief klein; wij moeten dus kijken waar we onze beperkte capaciteit kunnen omzetten in maximale impact. Als we moeten betalen aan een regime om hulp te kunnen bieden dan kiezen we een ander land uit. We kunnen nog miljoenen andere kinderen helpen. Dat is natuurlijk een heel andere context dan de noodhulp: waarin je nu langs die slagboom moet, anders gaan er mensen dood.'

'Als relatief jonge organisatie zou ik bijna willen dat deze dilemma's vaker zouden langskomen. We willen ons werk naar nog veel meer gebieden uitbreiden. We werken nu in 12 landen. We zitten bijvoorbeeld ook in Sri Lanka waar AZG in het rapport ook naar verwijst. Maar het opbouwen van onderwijs of gemeenschappen is heel anders dan binnen 24 uur ergens willen staan. Wij kunnen alleen ergens werken indien de bevolking, haar leiders, haar overheden zelf meewerken. Bij noodhulp werkt dat anders en moet men soms ergens werken ondanks dat overheden niet meewerken.'

'Ook wij zitten in conflictgebieden als Congo, Afghanistan en Sudan. Maar we betalen nooit. Dat komt omdat wij een ander soort interventie, doel en programma opzetten dan noodhulporganisaties. Onze insteek is er juist op gericht om met alles en iedereen samen te werken- maar wel altijd onder onze eigen voorwaarden. Je spreekt af en toe ook met rebellenleiders die bijvoorbeeld kindsoldaten rekruteren. Onze insteek om toch met diegene aan tafel te gaan zitten, is om bij die kinderen te komen. Het is zeker niet altijd gemakkelijk om met iemand aan tafel te zitten die mogelijk gruweldaden heeft gepleegd. Maar het is nu eenmaal onvermijdelijk en een voorwaarde van ons werk.'

Linda Polman, onderzoeksjournalist en auteur van onder meer De Crisiskaravaan. Achter de schermen van de noodhulpindustrie:

'Artsen zonder Grenzen verdient een enorm compliment vanwege de moed om zo'n eerlijk rapport naar buiten te brengen. Ik hoop dat andere organisaties dit voorbeeld zullen volgen en ook met de billen bloot gaan, want dat is hard nodig. Hopelijk is dit ook een wake-up call voor de journalistiek. Die kan nu ook zien dat ze steken heeft laten vallen in de berichtgeving over het werk van hulporganisaties. Ze moeten de hulpindustrie veel strenger controleren.'

'Vuilen handen maken is inherent aan de hulpverlening. Hulporganisaties weten dat, maar zijn maar zelden bereid om dat toe te geven. Meestal blijft het bij een paar voorbeelden, maar nooit wordt toegegeven dat er structureel concessies worden gedaan bij de hulpverlening. Nu maakt elke hulporganisatie haar eigen afweging over wat in dat opzicht aanvaardbaar is en wat niet. Dat is niet goed, want zo kan elk fout regime onderhandelen met hulporganisaties over de te betalen prijs om in een gebied te mogen werken. Warlords in conflictgebieden weten dat en proberen organisaties zo tegen elkaar uit te spelen.'

'Hulporganisaties zouden dan ook één lijn moeten trekken over welke concessies ze wel en niet willen doen. Daarvoor zijn internationale afspraken nodig. Welke internationale organisatie dit proces op zich zou moeten nemen weet ik niet, maar ik ben er zeker van dat ontwikkelingsorganisaties daar allang onderzoek naar hebben gedaan en ook al suggesties hebben voor een gecoördineerde aanpak.'

'Eerst moet duidelijk worden gemaakt hoeveel er eigenlijk wordt samengewerkt met foute regimes en milities. Het moet kwantificeerbaar zijn. Daarom hoop ik dat andere hulporganisaties het voorbeeld van Artsen zonder Grenzen zullen volgen en eerlijk zijn over wat er gebeurd. Dat zou dapper zijn. Vervolgens kunnen de organisaties gezamenlijk een afspraak maken over wat toelaatbaar is. Alleen zo kan je samen een vuist maken.'

Thea Hilhorst, hoogleraar humanitaire hulp en wederopbouw aan de Wageningen Universiteit:

'Het is een goede zaak dat Artsen zonder Grenzen dit openbaar maakt. In de humanitaire hulpwereld wordt hier vaak naar buiten toe veel te rooskleurig over gedaan. Organisaties zijn soms bang dat zo'n bericht buiten de context wordt geplaatst. Ik denk dat het goed is dat hulporganisaties zo transparant mogelijk zijn en openlijk hun dilemma's bespreken. Je krijgt toch veel geld van de mensen. Uiteindelijk is het beter als de samenleving zo goed mogelijk begrijpt wat de controverses zijn waar je als hulporganisatie tegen aanloopt.'

'De wereld van de humanitaire hulp is niet voorspelbaar en hangt ook af van de politieke context, dus natuurlijk worden daar ook verkeerde keuzes gemaakt. Het is belangrijk om dit onder ogen te zien en daarvan te leren. Het zijn zelden ja-of-nee-keuzes. Als je heel veel mensenlevens kunt redden in ruil voor samenwerking met een dictatoriaal regime, vind ik dat je moet samenwerken. Maar als de balans naar het negatieve doorslaat moet je dat weer niet doen. Het zijn hele subtiele keuzes en zwaarwegende dilemma's.'

'Het is niet zo dat het doel altijd de middelen heiligt. Als je door aan een operatie mee te werken vele levens kunt redden, dan heb ik het niet over het bouwen van scholen of inentingsacties, dan is samenwerking met een dictatoriaal regime soms onvermijdelijk. Maar dat moet niet ten koste van alles gaan. Er zijn omslagpunten, dat je je moet terugtrekken. Je kunt geen algemene stelregel hierover geven.'

Tineke Ceelen, directeur Stichting Vluchteling:

'Het is logisch dat je ver gaat en concessies doet als je slachtoffers wil helpen in ontwikkelingslanden. Het is voor organisaties die noodhulp verlenen moeilijk om schone handen te houden. In landen waar zulke organisaties werken gebeuren nou eenmaal dingen die het daglicht niet kunnen verdragen. En toch wil je daar werken om mensen te helpen die dat nodig hebben. Daarvoor moet je soms onderhandelen met foute partijen met bloed aan hun handen of je laten begeleiden door gewapende escortes.'

'Stichting Vluchteling werkt zelf veelal met lokale organisaties dus is het lastig voorbeelden te geven van situaties waarin wij moesten werken met foute regimes. Maar toen ik hiervoor als hulpverlener in het veld werkte heb ik wel eens 'benzinegeld' moeten betalen aan een gouverneur zodat hij op een belangrijke vergadering aanwezig zou zijn.'

'Ik denk dat het goed is dat AZG kritisch kijkt naar haar eigen functioneren en reflecteert op de keuzes die ze heeft gemaakt in het verleden. Maar het blijft zo dat als je slachtoffers wilt helpen je vaak concessies moet doet. Anders gebeurt er niets en dat wil je ook niet.'

undefined

Meer over