Overheidsonderzoek

Overheid, schrap het publicatieverbod

In contracten over onderzoek mag de overheid publicatie van de resultaten niet meer verbieden. Publiceren moet, en wel binnen een maand.

Eind 2013 bleek dat autopsierapporten van Molukse treinkapers 36 jaar geheim waren gehouden. Beeld anp
Eind 2013 bleek dat autopsierapporten van Molukse treinkapers 36 jaar geheim waren gehouden.Beeld anp

Ministeries die onderzoek laten doen verbieden in contracten de publicatie van uitkomsten. Dat past niet bij een democratie waarin informatie in beginsel voor iedereen beschikbaar moet zijn. Burgers en bedrijven moeten ongehinderd kennis kunnen nemen van onderzoek, behalve in een beperkt aantal uitzonderingsgevallen.

Door de contractvoorwaarden kunnen onderzoeken bij een ministerie in een diepe bureaulade belanden. Het risico bestaat dat ministeries alleen resultaten publiceren die hun bevallen. Burgers kunnen weliswaar documenten opvragen met een beroep op de Wet openbaarheid van bestuur (Wob), maar dat werkt niet als het bestaan van het onderzoek geheim is.

Ophef

Soms ontstaat ophef als een rapport uitlekt, maar dat is het topje van een ijsberg. Zo was er in 2013 veel te doen over een onderzoek naar schaliegaswinning dat werd gepubliceerd nadat het was uitgelekt. Eind 2013 bleek dat autopsierapporten van Molukse treinkapers 36 jaar geheim waren gehouden. Een rapport over persoonsgebonden budgetten in de zorg van begin 2011 werd pas eind 2012 openbaar gemaakt na een beroep op de Wob. Er is kennelijk sprake van een groot aantal onderzoeken waarvan er soms toevallig een opduikt in de openbaarheid.

Er is een tendens naar meer openbaarheid. De Tweede Kamer bespreekt binnenkort een wetsvoorstel waarvan het actief openbaar maken van informatie door de overheid een belangrijk onderdeel is. Deze Wet open overheid (Woo) moet de Wob vervangen. Overheidsorganen moeten op termijn een website bijhouden met documenten.

De Kamer heeft een motie aangenomen waarin wordt gevraagd om als principe vast te stellen dat alle definitieve onderzoeksrapporten binnen twee weken naar de Kamer worden gestuurd. De minister van Binnenlandse Zaken schrijft echter dat er geen algemene regel kan zijn dat onderzoeksrapporten binnen twee weken openbaar worden gemaakt. Hij kondigt kleinschalige experimenten aan, maar verwijst ook naar bezwaren tegen openbaarmaking waarop deze experimenten kunnen stuiten.

Onderzoeksdirecteur Carl Koopmans Beeld Marco De Swart Fotografie
Onderzoeksdirecteur Carl KoopmansBeeld Marco De Swart Fotografie

Openbaarheid

Er zijn veel argumenten voor openbaarheid. Allereerst leidt het tot betere maatschappelijke discussies. Op basis van volledige informatie kunnen argumenten beter worden afgewogen. Bovendien zorgt openbaarheid voor beter onderzoek, want het maakt toetsing door vakgenoten mogelijk. Dit zal onderzoekers extra aansporen onafhankelijk onderzoek van hoge kwaliteit af te leveren. Verder kan worden verdedigd dat burgers recht hebben op inzage in de onderzoeksresultaten omdat de overheid van iedereen is.

Openbaarheid kan ook zorgen voor meer vertrouwen in de overheid. De suggestie van geheimzinnigheid die van (de mogelijkheid van) niet-publiceren uitgaat, kan een beeld oproepen dat de overheid vreemde spelletjes speelt. En tot slot geldt dat geheimhouding moeilijk is. Eén enkele 'slip of the tongue' leidt tot een sterke wettelijke of morele druk om het onderzoek te publiceren. Het is niet goed als dergelijke toevalligheden invloed hebben op maatschappelijke discussies.

Geheimhouding

Pleitbezorgers van geheimhouding verwijzen graag naar de beslotenheid die nu eenmaal bij beleidsvoorbereiding hoort. Als elke bijdrage aan een beleidsdiscussie openbaar wordt, zullen ambtenaren zich niet meer durven uitspreken. Dit argument heeft echter geen betrekking op onderzoek, want daarbij gaat het niet om meningen van ambtenaren, maar om informatie. Een ander bezwaar is dat conceptrapporten beter niet openbaar kunnen zijn omdat deze nog niet de definitieve resultaten bevatten. Daarom zou verplichte openbaarmaking zich moeten beperken tot afgeronde rapporten.

Daarbij moet overigens worden voorkomen dat ministeries de rapporten voortdurend van het stempel concept blijven voorzien, ook als ze allang klaar zijn. Dit kan door in het contract niet alleen vast te leggen wanneer het definitieve rapport gereed moet zijn, maar ook wanneer het wordt gepubliceerd.

Uitzondering

Het spreekt vanzelf dat niet alle informatie meteen openbaar kan worden. Een onderzoek naar de gevechtskracht van het Nederlandse leger zou bijvoorbeeld beter niet beschikbaar kunnen zijn voor potentiële vijanden. Dergelijke uitzonderingen zouden echter alleen moeten gelden als de nationale veiligheid in het geding is of andere zaken van een hogere orde zoals de privacy van personen.

Nog een uitzondering zou kunnen gelden in situaties waarin de overheid onderhandelt met bedrijven over contracten en de onderhandelingspositie van de overheid door publicatie zou kunnen worden aangetast.

Het beste uitgangspunt is daarom 'ja, tenzij': openbaarheid met goed omschreven uitzonderingen. Verder willen ministers het onderzoek soms tegelijk publiceren met een beleidsreactie. Hiervoor lijkt twee weken erg kort, maar een maand zou voldoende moeten zijn.

In contracten over onderzoek staat dan geen verbod op publiceren meer. Er staat in dat publiceren moet, binnen een maand.

Carl Koopmans is onderzoeksdirecteur bij SEO Economisch Onderzoek en hoogleraar beleidsevaluatie aan de Vrije Universiteit.

Meer over