OpinieDe kunst van ouder worden

Opinie: Wie het durft om oud te worden zoals Marianne Faithfull, heeft de toekomst

Want altijd jong willen blijven is een vorm van stagnatie, betoogt Ad Bergsma.

Marianne Faithfull in 2016. Beeld Brunopress
Marianne Faithfull in 2016.Beeld Brunopress

Als de musea open zouden zijn en corona geen roet in het eten had gestrooid, zou u tot 28 maart kunnen ronddwalen in het verleden van The Rolling Stones in het Groninger Museum. U, iets oudere lezer, zou terugkeren naar een tijd waarin het leven sprankelde en onbekommerd was. De bitterheid dat alles voorbij gaat, vermengt zich met het zoet over hoe mooi het was.

Psychologisch gezien heeft nostalgie de functie ons te verbinden met de mensen met wie we een verleden delen. Nostalgie smeedt de veranderende indrukken aaneen tot een coherent zelfbeeld. Wie we zijn, wordt gekoppeld aan wie we waren. Het verlangen naar vroeger, helpt te bepalen wie we straks willen zijn.

Zangeres Marianne Faithfull heeft onlangs het werk afgerond voor haar 21ste solo-album, She walks in beauty. Daarop koketteert ze met haar ouderdom, terwijl haar ex, Stones-icoon Mick Jagger, eeuwig jong blijft. Het roept de vraag op op welke manier, wij, u, zou willen verouderen.

Biedt Jagger, inmiddels 77 jaar, inspiratie voor onze persoonlijke veroudering? Wie aan zijn toekomst denkt, zal zich realiseren dat ook de nog altijd elastisch ogende Mick Jagger misschien ooit zal sterven. Waarschijnlijker lijkt het dat hij eerst nog een kind verwekt bij een fotomodel of een concert geeft waarin hij energiek de gebaren herhaalt uit zijn jeugd. De man die lang geleden aankondigde niet eeuwig I can’t get no satisfaction te willen zingen, blijft precies dat doen. Jong blijven, je kunt het ook een vorm van stagnatie noemen.

Marianne Faithfull, inmiddels 74 jaar en Jaggers jeugdliefde, heeft haar jeugd definitief achter zich gelaten. Faithfull is onlangs herrezen uit het ic-bed waar ze met covid-19 lag en poseert op de cover van haar vorige album Negative Capability met een aristocratische wandelstok.

De titel verwijst naar het idee van de romantische dichter John Keats (1795-1821), die sprak over het ‘negatieve vermogen’ om ‘onduidelijkheid, mysteries en twijfel te verdragen, zonder zich vast te klampen aan feiten en verstand’. Schoonheid ontstaat volgens Keats als het lukt het zelfbewustzijn los te laten en open te staan voor de ervaring.

Faithfull leeft dit voor als het gaat om ouder worden. Op haar vorige album heeft ze bijvoorbeeld As tears go by opnieuw opgenomen, een van de eerste nummers geschreven door Mick Jagger en Keith Richards.

Als Faithfull in 1964 haar eerste hit scoort, is haar stem lieflijk en kabbelt de melancholie van het liedje vriendelijk aan de oppervlakte. Inmiddels heeft Faithfull alle tranen, en meer, gestort die het liedje voorspelde.

De voor altijd met de wilde jaren zestig verbonden zangeres kreeg niet alleen te maken met corona, waarvoor ze drie weken in het ziekenhuis lag, maar ze overleefde ook zenuwinzinkingen, miskramen, anorexia, een poging tot zelfdoding, abortussen, jaren als dakloze drugsverslaafde, en borstkanker.

Haar rauwe, gebroken stem vertelt die turbulente geschiedenis en wordt op het album muzikaal omlijst met donkere tonen van piano, gitaar en viool. Faithfull vertolkt As tears go by haperend, maar het is de schoonheid van de imperfectie die mij tot tranen toe ontroert.

Faithfull slaagt erin de moeilijkheden van het verouderen te beklagen én te verdragen. Haar recente verblijf op de intensive care beschrijft ze als een donkere plaats, als de dood. Openhartig vertelt ze dat de dokter haar eigenlijk al had opgegeven en ‘alleen palliatieve zorg’ in haar dossier had gekrabbeld.

Na haar onverwachte herstel zijn haar kortetermijngeheugen, haar longen en haar energie enorm aangetast. ‘Oh man, had ik maar nooit gerookt.’ Haar stem is op dit moment zo zwak, dat haar nieuwe album tegelijk waarschijnlijk haar laatste zal zijn.

‘We zijn geboren om te leven en sterven’, zingt ze, en daar kunnen we ‘niemand de schuld van geven’. Wat rest is ‘hopen op een goede dood’. Faithfull zegt dat haar werk steeds eerlijker wordt. ‘Stuur me iemand om van te houden / Iemand die ook van mij zou kunnen houden.’ Het koor antwoordt dat Faithfull eindelijk klaar is voor liefde.

In mijn verbeelding is Mick Jagger een icoon van jeugdige vitaliteit. Faithfull laat je geloven dat het leed, de pijn en het verval beter te verdragen zijn, dan de stagnatie waarin alles bij het oude blijft. Faithfull verwoordt het zelf zo: ‘Ik weet dat ik jong ben en beschadigd / Maar ik ben nog steeds knap, aardig en grappig / Op mijn eigen bijzondere manier.’ Ondanks alles verblijft Faithfull in een rijk hier en nu.

Ik kan niet wachten tot She walks in beauty, begin april, uitkomt. Terwijl ik me bij een eventueel nieuw album van Jagger en co alleen zou afvragen of het in de buurt komt van het oude werk. Faithfull laat zien dat schoonheid zich kan verdiepen. Wie zo oud durft te worden, heeft de toekomst.

De Zwitserse psychiater Carl Gustav Jung (1875-1961) stelde ooit: ‘We worden ouder met het idee dat onze waarheden en idealen ons zullen dienen als daarvoor, maar we kunnen de levensavond niet leven volgens het programma van de morgen. Wat geweldig was in de morgen, is onbeduidend in de avond en wat vroeger waar was, is later een leugen.’ Jaggers vitaliteit is jaloersmakend, maar als ik me wil laven aan levenskracht, luister ik naar Faithfull. Ze maakt het oud-zijn avontuurlijk. De spanning die ik nu beleef, crossend op een mountainbike in het bos, zal straks ook voorhanden zijn als ik uit mijn badkuip stap of de trap afga.

Ad Bergsma is psycholoog, geluksonderzoeker en auteur van het Handboek Werkgeluk.

Meer over