Opinie: RTL-debat of niet, zonder echte samenwerking kan links het wel schudden

Als het de linkse partijen niet eens lukt om echt samen te werken, hoe denken ze dan ooit Nederland op de schop te mogen nemen, schrijft Wilfred Scholten.

Lodewijk Asscher (PvdA), Lilian Marijnissen (SP) en Jesse Klaver (Groen Links) tijdens hun gezamenlijke optreden in de Tolhuistuin, vorig jaar maart. Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant
Lodewijk Asscher (PvdA), Lilian Marijnissen (SP) en Jesse Klaver (Groen Links) tijdens hun gezamenlijke optreden in de Tolhuistuin, vorig jaar maart.Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant

De Partij van de Arbeid mag dus niet meedoen aan het RTL-‘premiersdebat’. Eigen schuld, denk je dan. Waarom dachten de linkse oppositiepartijen dat ze los van elkaar de verkiezingen wel eens zouden kunnen winnen? Een zelfoverschatting die ze duur is komen te staan. De VVD van Mark Rutte gaat mede daardoor op haar sloffen de verkiezingen winnen.

Wie erbij was denkt er met weemoed aan terug. Dinsdag 4 maart 2020. Nog geen jaar geleden, maar lichtjaren ver weg. Een stampvolle Tolhuistuin in Amsterdam-Noord. Honderden leden van GroenLinks, SP en PvdA wachtten op de opkomst van de hun drie politiek leiders. Er hing een verwachtingsvolle sfeer in de zaal. Mensen waren gelokt met een cryptisch bericht dat er iets te gebeuren stond. Vanuit het hele land kwamen de leden.

Maar wat een afknapper werd het. Nadat Klaver, Marijnissen en Asscher onder luid gejuich het podium op waren gekomen, was er maar één boodschap goed genoeg om de verwachtingen waar te maken: ‘We gaan als drie linkse partijen gezamenlijk de verkiezingen in’. Misschien geen fusie, zelfs geen federatie maar op zijn minst een stembusakkoord, vergelijkbaar met Keerpunt’71, het gezamenlijke linkse program dat de basis zou worden van het kabinet-Den Uyl, het meest linkse kabinet ooit.

Anticlimax

Helaas. Na drie kwartier kwam de vraag waar iedereen op wachtte: links is tamelijk versplinterd, zijn jullie bereid je verschillen neer te leggen?’ Lilian Marijnissen mocht het zeggen: ‘Nee, je zult niets over een fusie horen of een gezamenlijk verkiezingsprogram.’ De anticlimax was groot. Het boegeroep van de aanwezige leden sprak boekdelen.

Natuurlijk, het zijn drie eigenzinnige partijleiders van partijen die politiek dicht bij elkaar zitten, maar net even anders zijn. De avond in de Tolhuistuin was een soort van verzoening tussen de drie die in naam samenwerkten, maar ondertussen hun eigen gang gingen. Bij de Algemene Politieke Beschouwingen dienden ze dan wel een alternatieve begroting in - waar premier Rutte nauwelijks een woord aan vuil maakte. Ze versterken ze elkaar in het ijveren voor meer salaris voor leraren en zorgpersoneel en tegen de dividendbelasting trokken ze één lijn, maar dan hield het wel zo’n beetje op.

Bij de Algemene Beschouwingen van 2019 bleek Klaver bekeerd te zijn en verwierp hij elke vorm van ‘scorebordpolitiek’. De consequentie was dat hij klakkeloos akkoord ging met alle begrotingen, waardoor Asscher gefrustreerd moest toezien dat de spilpositie van de PvdA in de Eerste Kamer niet benut kon worden om het kabinet tot concessies te dwingen.

Eerder dat jaar had de SP met de verkiezingsspotjes van ‘Hans Brusselmans’ de frontale aanval geopend op Frans Timmermans. De woede bij de PvdA was groot en Lodewijk Asscher reageerde met een onderkoeld telefoontje naar Lilian Marijnissen. Of dit het einde van de linkse samenwerking betekende, of een eenmalig incident was. ‘Dat laatste’, antwoordde ze. Maar het ging niet van harte.

Los zand

Ondanks hun maandelijkse gezamenlijke etentjes bleef het een bondgenootschap dat vooral los zand was. De alleingang van de SP bij de stikstofcrisis, toen de socialisten tot verbijstering van GroenLinks en PvdA plotseling het kabinet aan een meerderheid hielpen in de Eerste Kamer, was een veeg teken. Nee, die linkse samenwerking werd niets.

Verkiezingsonderzoeker Peter Kanne had ze nog zo mooi voorgerekend: als PvdA en GroenLinks samen zouden optrekken bij de verkiezingen zouden ze minstens 40 zetels halen, ongeveer net zo veel als de VVD nu in de peilingen heeft. Op het laatste congres voor de coronacrisis uitbrak pleitte 40 procent van de PvdA’ers voor een hechte samenwerking van de twee partijen om de aanval op rechts in te zetten. Oud-Kamerlid Niesco Dubbelboer was er zo van overtuigd dat de fusie er nu moest komen, dat hij even overwoog ter plekke zich kandidaat te stellen voor het lijsttrekkerschap, tegenover Asscher die er niets voor voelde. Maar hij was geen Don Quichot, dus liet het er maar bij.

Een poging tot een gezamenlijke lijst mislukte ook al bij de Europese verkiezingen van mei 2019. Paul Scheffer en Joost Lagendijk probeerden de partijleiders daartoe te verleiden - de stemwijzer zag immers geen verschil tussen. PvdA en GroenLinks - maar tevergeefs. De leden wisten ook wel dat Klaver en Asscher beiden geen stap opzij zouden doen om de ander de kans te geven premierskandidaat te zijn. En een nieuwe sterke kandidaat-lijsttrekker die voor iedereen acceptabel zou zijn, ontbrak.

Belofte

Het resultaat is bekend. Ja, Klaver en Ploumen hebben al beloofd niet zonder elkaars partij in een volgend kabinet te gaan zitten. Alsof VVD en CDA daar op zitten te wachten.

Bij zo’n gezamenlijk stembusakkoord en dito kandidatenlijst was de PvdA waarschijnlijk ook niet bij het RTL-debat geweest. Maar op dat moment had ‘gezamenlijk links’ wel een vuist kunnen maken en een echte bedreiging kunnen vormen voor de man die op weg is naar zijn vierde kabinet.

Nu zien de kiezers bij RTL straks twee kleine linkse partijen die met hun programma linkser zijn dan ooit en Nederland op de schop willen nemen, maar te onmachtig zijn om zelfs maar een kleine politieke hervorming ter hand te nemen. Rutte is de lachende derde.

Een gemiste kans, inderdaad.

Wilfred Scholten is politicoloog en journalist. Onlangs verscheen zijn boek Lodewijk, de val van een politiek talent (Ambo/Anthos).

Meer over