Opinie op ZondagDirk-Jan van Baar

Opinie op Zondag: Tussen Londen en Brussel is geen vergelijk meer mogelijk

Prikkelende opinies op een dag dat u er tijd voor heeft: de Volkskrant presenteert elke zondag bijdragen van een vaste club auteurs. Nu is het de beurt aan historicus Dirk-Jan van Baar, die betoogt dat er pas hoop is voor de Brexit-kwestie als de Britten inzien dat ze helemaal fout zitten.

Dirk-Jan van Baar
De Britse premier Boris Johnson. Beeld AP
De Britse premier Boris Johnson.Beeld AP

In Brussel en Londen wordt nog volop gespeculeerd over deals en no-deals, alsof de Brexit iets met serieuze politiek te maken heeft. Maar Boris Johnson heeft alle bruggen achter zich verbrand en mikt erop de geschiedenis in te gaan als martelaar van het Britse volk. Dat heeft in juni 2016 op een zot moment met kleine meerderheid voor uittreden uit de EU gekozen en die wens zal gestand worden gedaan. Al was het maar om duidelijk te maken dat de EU een dwangsysteem is waaruit slechts na grootse heroïsche (dus Britse) strijd te ontsnappen valt.

Die beeldvorming, grotesk, middeleeuws en romantisch, moet niet onderschat worden. Met elke nieuwe verontwaardiging die Johnson met zijn politiek vandalisme weet te ontlokken, scoort hij bij zijn eigen achterban. Het doel van ‘BoJo’ is niet alleen een Brexit, met of zonder deal, maar ook de vernietiging van de EU. Dat past in het Britse ‘verdeel-en-heers’, maar is evengoed verbijsterend, omdat Engeland met die traditie gebroken leek te hebben door in 1973 lid te worden van een Europese rechtsgemeenschap, die het alternatief leek voor een revolutionair andere politiek waarbij oude naties over hun eigen historische schaduw heen zouden stappen. Maar anno 2019 wentelt de hele Britse politieke klasse zich in het verleden, vol afkeer en fascinatie. Voor Johnson en alle alt-right in de wereld is het idee van een rechtsgemeenschap vloeken in de kerk en daarom wil hij liever helemaal geen deal (zoals Hitler in september 1938 op ramkoers lag en geen vrede wilde).

De echte ellende

Zo’n ‘No-Deal-Brexit’ wordt door velen in Europa inmiddels ook als een soort uitweg gezien. Dan zijn we er maar vanaf en kunnen we verder. Maar uittreden uit een rechtsgemeenschap gaat alleen in overleg, wat Theresa May probeerde en waarin ze hopeloos faalde. Sinds haar heengaan is de stemming geradicaliseerd en zou de ongeveer veertig miljard euro die Groot-Brittannië nog aan EU-verplichtingen heeft openstaan het speelgeld kunnen zijn waarmee de betrekkingen na 1 november verder kunnen worden vergiftigd. De brexiteers zijn niet van plan daarvan ook maar iets te betalen en zien daarin een kans de EU met haar rigide opstelling tot zondebok van de hele Brexit maken. Wie denkt dat met een No-Deal-Brexit alles voorbij is, vergist zich. De ellende begint dan pas echt.

Dat geldt niet zozeer voor al die bedrijven die over en weer zaken doen. Zij willen weten waar zij aan toe zijn, maar zijn ook pragmatisch genoeg om tussen de regels door uitwegen te vinden en daaraan te verdienen. Tijdens de Tachtigjarige Oorlog ging de graanhandel tussen het Balticum, Amsterdam en Spanje gewoon door. Zoveel inventiviteit is het moderne bedrijfsleven ook wel toevertrouwd. Maar de EU definieert zichzelf als rechtsgemeenschap en kan het niet toestaan dat de Britten na 31 oktober alsnog een wig in een gesloten front van Europa drijven. De Britten rekenden er onder David Cameron op dat dit vanzelf uiteen zou vallen, maar dat is tot nu toe niet gebeurd. Toch speculeren ze erop dat hun Hollandse zakenvrienden, hun Franse wijnboeren en hun Duitse autofabrikanten de Britse markt niet graag willen verliezen. Alsof een verkochte Mercedes in Londen zwaarder weegt dan de Frans-Duitse verzoening. Dat blindstaren op de economie geeft aan hoe anders de Britten tegen Europa (dat voor hen nooit meer was dan een Gemeenschappelijke Markt waar je ook weer uit kunt stappen) aankijken dan wij.

Piratenstaat

Uit die catastrofale taxatiefouten (niks superieure Britse diplomatie!) spreekt een enorme Britse arrogantie, maar die leidt bij de EU ook weer tot gevaarlijke zelfgenoegzaamheid. Velen denken dat de Britten bakzeil zullen halen, terwijl dat moment allang voorbij is en er noch bij Labour, noch bij de gematigde Tories grote mannen klaar staan om het roer over te nemen. De rol van Churchill, die zelf overigens verre van gematigd was, is opgeëist door zijn doldrieste biograaf en Tony Blair is vanwege ‘Irak’ bij links persona non grata. Daarbij zien de Britten zichzelf nog steeds als de oudste en meest voorbeeldige democratie van het Westen en doen zij alsof de Europese ervaringen hen niks aangaan. Ondertussen gedragen ze zich al jaren nog veel onhebbelijker dan Grieken en Polen.

Hier wreekt zich dat het idee lid te zijn van een rechtsgemeenschap nooit werkelijk ingang heeft gevonden in het Verenigd Koninkrijk. Zelfs pro-Europese kranten als de Financial Times hebben de neiging Europa te willen beleren en bespotten. Tegelijk kan Brussel het zich niet permitteren dat er zich aan overzijde van de Noordzee een soort piratenstaat ontwikkelt die zich eenzijdig aan de verplichtingen van een internationale rechtsgemeenschap onttrekt. Zoiets is nog nooit vertoond. Dat moet wel tot EU-sancties leiden en tot het streven de hele Britse politiek onder Europese curatele te brengen. Precies wat eurosceptici in Londen altijd al vreesden. Hier is geen tussenweg. Pas als de Britten inzien dat ze helemaal fout zitten, gloort er licht aan het eind van de tunnel. Niet eerder.

Dirk-Jan van Baar is historicus.

Meer over