Opinie

Opinie op Zondag - 'Ik ga het deels falen van podiumkunst nu eens aan u wijten'

Prikkelende opinies op een dag dat u er tijd voor heeft: de Volkskrant presenteert elke zondag twee bijdragen van een vaste club van acht auteurs. Later vandaag historicus Geerten Waling, nu is het de beurt aan schrijver Sarah Sluimer.

Sarah Sluimer
Deelnemers aan de Mars der Beschaving in 2011. Beeld anp
Deelnemers aan de Mars der Beschaving in 2011.Beeld anp

Vandaag wil ik het met u hebben over iets waar de samenleving als geheel niet echt interesse in heeft: theater. Zelf ben ik mijn werkende leven begonnen als theaterdramaturg, een vak waar zo'n 5 procent van de Nederlanders van weet wat het inhoudt. En dan ben ik nog gul.

Ik ademde theater. Ik vrat voorstellingen en was ervan overtuigd dat wat daar, in die zaaltjes gebeurde van groot belang was voor de ziel van het volk. Zonder kunst geen leven.

Maar toen ik na verloop van tijd andere dingen ging doen, zag ik pas wat een microkosmos de theaterwereld feitelijk is. Een regelmatig theaterbezoek komt in het merendeel van mijn vrienden niet op: het wordt ervaren als een bijzonder uitstapje. En als vermoeiend ook wel, een kunstvorm die niet ter ontspanning dient, maar waar de toeschouwer hard voor moet werken.

En toen kwam Halbe er nog eens overheen klappen met z'n bezuinigingen en zag ik hoe bijna iedereen het vak waar ik het meest van houd schouderophalend de afvoerput in liet verdwijnen. In eerste instantie nam ik het de theaterwereld kwalijk met hun gekkige Mars der Beschaving. Wat een onvermogen de mensen van hun belang te overtuigen. Wat een wereldvreemdheid.

Lans breken
Maar nu zie ik de dingen toch wat anders. Ik ga u niet het belang van subsidies uitleggen, maar ik wil wel een lans breken voor degenen die op dat slagveld vol afgehakte ledematen trillerig blijven proberen hun werk aan de man te brengen.

Want of u het nu eens bent met het idee dat de overheid de kunsten zuurstof geeft of niet: u kunt theatermakers geen luiheid verwijten. Het veld bestaat momenteel uit wat grote gezelschappen en daarnaast een bende ploeteraars die geen cent te makken hebben en desondanks blijven proberen om schoonheid en vermaak aan de Nederlandse samenleving te geven.

Roependen in de woestijn kan je ze noemen, die voor halflege zalen monologen houden en treurig na afloop een gratis glaasje wijn van het theater krijgen om de dag daarop maar weer in een repetitielokaal dingen te fabriceren die u ook best mooi zou vinden, maar ja, weet u veel. Netflix is ook leuk.

Ik wil nu eens niet de verantwoordelijkheid voor het deels falen van de podiumkunsten leggen bij de theaters, de gezelschappen en de makers. Ik leg die verantwoordelijkheid bij u.

U die niet weet wat u mist. U die smalend over het Nederlandse theater doet, waarmee over de grenzen zoveel succes wordt geboekt. U die geen zin heeft om iets aan te gaan, u te laten overspoelen door iets wat u misschien wat ongemak oplevert, maar waar u zoveel plezier en levenskennis uit kunt halen.

U die al jaren kunstenaars ziet als klaplopers, uitbuiters, profiteurs, terwijl theatermakers doorzetters zijn die iedere zekerheid op een comfortabel bestaan opgeven om van de wind en de liefde voor hun werk te leven.

Aan uw haren
Iedereen die de podiumkunsten als overbodige luxe ziet, zou wat mij betreft eens aan z'n haren naar een voorstelling gesleept moeten worden om daar te ervaren hoe spelende mensen, een verhaal, het zweet en de hartstocht op de planken je leven een zwieper in de goede richting kan geven.

Je hoeft daar niet voor gestudeerd te hebben of moeilijk voor te kijken. Het is er gewoon, die Shakespeare die eigenlijk ook gaat over uw echtscheiding. Of die Tsjechov die uw eigen lamlendigheid in perspectief zet. Of die keiharde politieke voorstelling die u meer doet opleven dan welk opiniestuk dan ook.

Goed theater is onontkoombaar. Het zet je hart of hoofd in brand. Het is beter dan drank. Beter dan drugs. Beter dan meditatie, of wat u dan ook doet om de wereld even op z'n kop te zien. Het maakt je een groter mens.

Zeker in deze zure tijd is het helend om je zo nu en dan in een zaal op te sluiten waar men niet uit is op het makkelijke gewin, op politieke macht, op uitsluiting, op normaal doen en alles wat van het midden afwijkt in het gezicht te spugen. Theater is een uitweg die u zomaar in uw eigen schoot kan werpen.

En het is leuk. Lachen ook vaak. Niks oubolligs aan. Sexy, regelmatig. Dus koop een kaartje voor die verhalenverteller met dat kleine rotpostertje op die abri. Geef hem een kans.

Als u er spijt van krijgt, zal ik hem hoogstpersoonlijk z'n droge brood afpakken.

Sarah Sluimer (1985) is schrijver, interviewer en van oorsprong dramaturg. Ze werkt aan haar romandebuut bij Atlas/Contact en schrijft voor verschillende media waaronder De Correspondent. Ze staat graag op een podium. De columnbundel die ze met haar vriend Willem Bosch schreef over hun eerste jaar als ouders (Ontaarde Ouders, Lebowski Publishers) is net uitgekomen. Het komende jaar werkt ze onder meer aan een pamflet over feminisme.

Meer over