Opinie

Opinie: In deze crisis zijn we aangekomen op ‘Punt Mannheim’, opgeven is geen optie meer

En nu zitten we dan in een harde lockdown. Hebben we ons de strijd tegen het coronavirus te rooskleurig voorgesteld? In elk geval vraagt het omgaan met tegenspoed en onzekerheid om iets anders dan optimisme of pessimisme.

Simone Atangana Bekono
null Beeld Sjoerd van Leeuwen
Beeld Sjoerd van Leeuwen

Eind juli kreeg ik mijn tweede injectie met het Pfizer-vaccin. De laatste keer dat ik zoveel opluchting voelde, kan ik me niet herinneren. Gezien de zwakke gezondheid van mijn moeder, en het feit dat ik tijdelijk bij haar in huis woonde, was ik al meer dan een jaar extreem voorzichtig geweest met menselijk contact. Maar was ik weer vrij.

Er dienden zich plotselinge reismogelijkheden aan. Een vriendin, ook schrijver, ging in augustus voor werk naar Wenen. Een andere vriendin had halsoverkop besloten met haar Deense partner te trouwen in Kopenhagen. Vers geprikt en volgepompt met levenslust smeet ik een verwarrende combinatie kleding in mijn koffer, zocht uit hoe veilig het was naar beide landen te reizen en boekte trein en vlucht.

In Wenen huppelde ik zowat door de straten van geluk. Spritzer hier, spritzer daar. Toen ik echter de ochtend van de bruiloft op Flughafen Wien probeerde door te reizen naar Kopenhagen, mocht ik door een misverstand het vliegtuig niet in. IJsberend probeerde ik een nieuwe vlucht te boeken maar de prijzen waren bizar, de vliegroutes onmogelijk. Ik ging de bruiloft niet redden. Ik belde mijn vriendin op met het slechte nieuws en spendeerde die nacht op een luchtbed bij een oude vriend in Salzburg. Om toch nog iets van mijn reis te maken, bleef ik twee nachten, dronk Zirbenschnaps, ontdekte de universiteitsstad, maakte een bergwandeling.

Boostercampagne

Nu is het eind december. Vorige week dinsdag kondigde het kabinet een verlenging van de avondlockdown aan tot 14 januari. Afgelopen zaterdag, vier dagen later, werd Jaap van Dissel bij de extra persconferentie naast Mark Rutte en Hugo de Jonge op het podium gezet om de ernst van de situatie te benadrukken. De vaccins, de sloom van start gegane boostercampagne en ook de verlengde maatregelen waren volgens de berekeningen toch niet genoeg om een golf besmettingen met de omikronvariant te vermijden.

Van Dissel zei somber ondertussen wel beter te weten dan van het gunstigste scenario uit te gaan. Het OMT en kabinet maakten zich grote zorgen, Rutte had er blijkbaar niet van geslapen. Met het vertrouwen in de overheid op een dieptepunt en deze harde lockdown om de besmettingsstijging tegen te houden, bleek de pot politiek optimisme nu leeg.

Ik denk steeds aan die reis in de zomer. Over of ik naïef was geweest toen ik vertrok, te optimistisch. De bekende psycholoog Esther Perel sprak in september met schrijver en wetenschapper Brené Brown voor de podcast Unlocking Us over leven in en met onzekerheid, vooral tijdens deze pandemie. Perel en Brown benoemen twee soorten mensen in de wereld: zij die leven met het gevoel dat je door middel van agency en zelfredzaamheid je eigen rol in de wereld vorm kunt geven en zij die leven vanuit de wetenschap dat, op elk moment, shit might hit the fan.

Spanningsveld

Volgens Perel neigt iedereen (onder invloed van onze leefomstandigheden, relaties en achtergronden) naar de ene of de andere modus, maar sluiten ze elkaar niet uit. Bewegen in het paradoxale spanningsveld tussen het gevoel controle over je leven te hebben en de acceptatie dat dat leven constant onderhevig is aan externe factoren is vaak de enige manier om tegenspoed en (langdurige) onzekerheid te kunnen verdragen. Het vraagt veer- en daadkracht van een mens, maar ook een realistisch beeld van je omstandigheden. Het vraagt ook iets anders dan optimisme of pessimisme.

Zondag wenste een columnist van deze krant ons landsbestuur ‘meer pessimisme toe’. Hoofdredacteur Pieter Klok schreef eerder al over hoe zowel optimisme als pessimisme slechte raadgevers zijn in tijden van onzekerheid. Van Dissel nam het woord verleiding in de mond toen hij in gesprek met Nieuwsuur-presentator Jeroen Wollaars zei niet meer vanuit vals optimisme te willen handelen. Interessante woordkeus.

Klok refereerde aan een onderzoek onder Amerikaanse krijgsgevangenen die terugkeerden na de oorlog in Vietnam. Juist de optimisten bezweken als eerste aan hun omstandigheden. The paradox of uncertainty, noemt Brown het: soms lukt het je hoop te houden, maar vaak genoeg blijkt die misplaatst. Als je dan je omstandigheden niet kan accepteren, ga je eraan onderdoor.

Staking spoorwegpersoneel

Toen ik vanuit Salzburg terug naar Nederland wilde, vertrok ik precies de dag dat het spoorwegpersoneel van Deutsche Bahn besloot te staken. In Duitsland kwam ik nog wel maar door de enorme vertragingen strandde ik in Mannheim en miste mijn aansluiting. Ik besloot uit koppigheid via het regionale treinnet te proberen Nederland te betreden: vijf keer moest ik met mijn loodzware koffer overstappen, een aantal keer rennend, en ik zou tot thuiskomst geen mogelijkheid hebben te eten.

Een van de wieltjes van de koffer brak tussen Aken en Sittard in tweeën, ik moest ’m tillen tijdens het lopen. Ik kwam ’s nachts in de Randstad aan, stinkend, chagrijnig, mijn armen verzuurd. Misschien denk ik daarom nu ook aan die reis. Het einde van dit jaar voelt toch een beetje als dat overvolle Duitse perron. Het Punt Mannheim: waarop optimisme niet van toepassing mag zijn, maar opgeven geen optie meer is.

Simone Atangana Bekono is schrijver.

Meer over