OpinieAbortuspil

Opinie: hoogste tijd om de abortuszorg te moderniseren

Het is juist een uitstekend idee om de abortuspil te laten verstrekken door de huisarts, betoogt Peter Leusink. Abortus hoort gewoon thuis in de basiszorg.

Belangstellenden tijdens een demonstratie voor het recht op abortus van de feministische actiegroep De Bovengrondse.  Beeld ANP
Belangstellenden tijdens een demonstratie voor het recht op abortus van de feministische actiegroep De Bovengrondse.Beeld ANP

Onlangs schreven de bestuurders van de gezamenlijke abortusklinieken in de Volkskrant dat ze de verstrekking van de abortuspil door de huisarts geen goed idee vinden. Het zou de kwaliteit van de abortuszorg aantasten. De bestuurders illustreren in het opiniestuk geen kennis te hebben van de huisartsenzorg en veronachtzamen de wens van vrouwen.

Ze creëren op verkeerde gronden een tegenstelling tussen de abortuspil via de huisarts of kliniek. Alsof internet afgeschaft moet worden om de kwaliteit van tv-programma’s niet aan te tasten. Het is tijd deze discussie naar een ander niveau te tillen. Is de abortuszorg niet aan modernisering toe?

Allereerst is het nodig vast te stellen dat de huisarts op verantwoorde wijze de abortuspil kan verstrekken aan vrouwen die tot 9 weken ongewenst zwanger zijn. In Zweden, Frankrijk en Ierland doen huisartsen dit al langer. Op wetenschappelijke gronden heeft het Nederlands Huisartsen Genootschap vastgesteld dat er geen medisch-inhoudelijke argumenten zijn waarom vrouwen niet zelf zouden kunnen kiezen voor een abortuspil via de huisarts.

De bestuurders van de abortusklinieken betwijfelen echter of de huisarts nog wel een vertrouwenspersoon is. Zij argumenteren dat ‘door de opkomst van groepspraktijken, de huisarts voor veel vrouwen tegenwoordig een ‘vreemde dokter’ is.’ Deze redenatie strookt volstrekt niet met de praktijk en met onderzoek daarnaar. Patiënten kunnen in een groepspraktijk gewoon kiezen voor een vaste vertrouwde huisarts en de tevredenheid met, en het vertrouwen in de huisarts is erg groot.

En daar waar de vrouw juist een onbekende arts zou verkiezen boven de eigen huisarts, is er niets op tegen dat zij een kliniek bezoekt. Hetzelfde geldt voor het argument dat ‘de cliënt vooraf niet weet of haar specifieke huisarts bereid is de abortuspil voor te schrijven’. Mocht een huisarts de abortuspil niet willen voorschrijven dan is een verwijzing naar een collega of kliniek uiteraard geboden. Wat betreft de noodzakelijke echo die voorafgaand aan het voorschrijven van de abortuspil elders moet worden gemaakt: dit is geen teken van slechte praktijkvoering of extra drempel, maar normale huisartsenzorg.

Beroepsgeheim

Een ander gehanteerd argument is dat de anonimiteit niet gegarandeerd kan worden bij de huisarts. Natuurlijk niet, en uiteraard bij de abortuskliniek óók niet. De abortusklinieken hebben voor het medisch dossier en om te kunnen declareren persoonsgegevens nodig. Waarschijnlijk verwarren de abortusklinieken hier anonimiteit met privacy? Uiteraard kan de huisarts dan privacy garanderen.

De huisarts heeft een beroepsgeheim en kan specifieke consulten in het elektronisch dossier afschermen voor derden. En mocht het in het zeer zeldzame geval gaan over een minderjarige die via de ouders is verzekerd, dan kan zij er nog steeds voor kiezen naar een kliniek te gaan of de abortuspil rechtstreeks te betalen aan de huisartspraktijk die deze verstrekt kan krijgen op naam van de huisarts.

De genoemde tegenargumenten, evenals vele andere, zijn de abortusklinieken al jaren bekend zolang deze discussie sleept. Ze zijn oneigenlijk omdat de pijn, net als de oplossing, elders ligt. De kern van het probleem is dat abortusklinieken sinds 1984 afhankelijk zijn van overheidsfinanciering en onder curatele staan van de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd waaraan ze elk kwartaal (!) moeten rapporteren. De klinieken staan buiten de reguliere zorg.

De oplossing bestaat niet uit het diskwalificeren van huisartsen, maar uit het opnieuw vormgeven van de abortuszorg in Nederland die recht doet aan de autonomie van vrouwen zonder dat aan kwaliteit wordt ingeboet. Dat is mogelijk door gezamenlijk te streven naar verwijderen van abortus uit het Wetboek van Strafrecht.

Basiszorg

Abortus is een normale medische handeling, er zijn voldoende wetsartikelen om de kwaliteit van de abortuszorg te waarborgen. Vervolgens zou abortus in de basiszorg opgenomen moeten worden. Ook vrouwen binnen de EU blijven dan toegang houden tot abortuszorg. Klinieken kunnen geïntegreerd worden binnen de tweedelijnszorg en/of als zelfstandig behandelcentrum (ZBC) vrij toegankelijk.

Hun blijvende financiering wordt juist gewaarborgd doordat de tweedelijnszorg (verleend door specialisten, red.) samenwerkt met de beste eerstelijnszorg (verleend door huisartsen, red.) ter wereld. Volgens het zorg-op-maatprincipe kan de huisarts de medicamenteuze zwangerschapsafbreking op zich nemen en de klinieken de instrumentele.

Het uitbreiden van het keuzeaanbod met de optie van abortuspil via de huisarts is de vrouwvriendelijkste, laagdrempeligste en goedkoopste abortushulp die er is. De modernisering van de abortuszorg maakt abortus meer zichtbaar als reguliere zorg en helpt daarmee het stigma op abortus te verminderen.

Peter Leusink is huisarts, arts seksuele gezondheid en voorzitter van Expertgroep Seksuele gezondheid van het NHG.

Verder lezen
Na jaren van voorsprong loopt Nederland inmiddels achter in de abortuszorg. Gezamenlijke actie is nodig, betoogt Mirella Buurman.

Meer over