opinie

Opinie: Hoe kunnen turntrainers nog spontaan coachen, zonder angst te hebben iets verkeerd te zeggen?

Er is geen turntrainer die geen fout heeft gemaakt, maar zet ze niet weg als monsters, betoogt oud-trainster Rietje Bijlholt op de dag dat de Europese kampioenschappen turnen in Bazel beginnen.

De Roemeense topturnster Nadia Comaneci in 1976. Ze was de eerste turnster ooit die een 10 kreeg toegekend van de jury. Beeld AFP
De Roemeense topturnster Nadia Comaneci in 1976. Ze was de eerste turnster ooit die een 10 kreeg toegekend van de jury.Beeld AFP


Vanaf de begindagen van Papendal heb ik als turntrainster/choreografe gewerkt met veel turnsters die nu in de belangstelling staan. Ik ben niet iemand die graag de media zoekt, maar de berichten van de afgelopen tijd, en vooral die over de trainersstaf voor de Olympische Spelen raakten me zo, dat ik dit toch doe.

Ik wil duidelijk stellen dat ‘spugen en slaan’ voor mij natuurlijk zeer verwerpelijke zaken zijn en dat het goed is dat daar onderzoek naar gedaan wordt. Wat mij stoort, is dat een aantal trainers nu als monsters worden afgeschilderd. De waarheid ligt volgens mij, zoals zo vaak, in het midden, en ik vind het dan ook niet terecht wat hier met de trainers gebeurt. Ik ben ervan overtuigd dat er geen trainer bestaat die geen fouten heeft gemaakt. Maar bij deze ‘monsters’ wordt niets gezegd over hun gigantische inzet, turnsters die blij zijn dat ze kansen hebben gekregen, omdat het hun persoonlijkheid heeft gevormd, omdat ze er gezonder door zijn geworden, enzovoorts.

Een ander onderbelicht punt is de historische ontwikkeling van het turnen. Nadia Comaneci was het grote voorbeeld uit het Oost-Europese regime. Later was ook het Amerikaanse regime een voorbeeld. Er werden geen kritische vragen gesteld over pedagogische kwaliteiten, laat staan over eisen ten aanzien van een Nederlandse, ‘verantwoorde’ weg in de topsport. Ook niet door de K.N.G.U. (Koninklijke Nederlandse Gymnastiek Unie). Alleen resultaten telden, en er werd zowel nationaal als internationaal niet gekeken naar hoe die resultaten tot stand kwamen.

Wat me zorgen baart is hoe het verder moet met de sport. Hoe kunnen trainers nog spontaan training geven zonder angst te hebben iets verkeerd te zeggen of een ingreep te doen zonder op het beklaagdenbankje terecht te komen? Wat gaat de turnbond of het Nationaal Olympisch Comité doen om trainers daartegen te beschermen? Hier lees ik niets over.

En dan de aangekondigde trainersstaf op de komende Olympische Spelen. Hoe kunnen sportbestuurders tot zo’n besluit komen! Het zal toch duidelijk zijn dat een Sanne Wevers (en eventueel ook andere turnsters) het best kan presteren met de man die al twintig jaar aan haar zijde staat. Dat zullen ook de meeste turnsters die aanklachten indienen begrijpen. En als een Europees Kampioenschap wel kan, waarom de Olympische Spelen dan niet?

Ik heb respect voor de turnsters die met hun klachten naar voren zijn gekomen, en het is belangrijk te onderzoeken hoe het nu verder moet. Maar ik hoop dat dit stuk ertoe bijdraagt dat het mooie van de sport behouden blijft en dat er geen levens kapot gemaakt worden.

Rietje Bijlholt is turntrainster en oud-bondscoach van Nederland.

Meer over