Opinie

Opinie: Het gesteggel over online of fysiek onderwijs gaat voorbij aan de voordelen van een hybride model

Online onderwijs kan tot beter fysiek onderwijs leiden. Met de juiste combinatie krijgen studenten de kans zich te ontpoppen tot creatieve denkers in hun vakgebied.

Studenten tijdens een college aan de Erasmus Universiteit in Rotterdam.  Beeld ANP
Studenten tijdens een college aan de Erasmus Universiteit in Rotterdam.Beeld ANP

De Tweede Kamer wil het online onderwijs aan banden leggen, zo meldde de Volkskrant. Los van de vraag of de Kamer zich moet bemoeien met de organisatie van het onderwijs, tekent dit voornemen van de Kamer de incidentenpolitiek waarmee op crises wordt gereageerd. Studenten hebben ruim anderhalf jaar geen fysiek onderwijs meer gehad en hebben daaronder geleden. Nu de coronacrisis hopelijk bijna voorbij is, vindt het parlement dat al het onderwijs weer fysiek gegeven moet worden.

Dat is nogal een contrast met hoe er voor de coronacrisis over online onderwijs werd gedacht. In januari 2014, bijvoorbeeld, beweerde Matthijs van Nieuwkerk in zijn televisieprogramma DWDD dat alle ‘mindere’ docenten in Nederland overbodig zouden zijn. Topdocenten van Harvard boden immers hun onderwijs online aan via de zogenaamde MOOCs, dus waarom zouden studenten nog naar de colleges van de ‘Nederlandse lakeien van de Harvard-toppers’ gaan? Het was een enorme overschatting van het belang van online onderwijs. Je wordt namelijk geen topwetenschapper door naar online topcolleges te kijken. Net zo min als je een popster wordt door naar een online popconcert te kijken.

Motie

Maar nu dreigt dus het omgekeerde. SP-Kamerlid Peter Kwint, bijvoorbeeld, diende deze zomer een motie in waarin fysiek onderwijs als norm wordt gesteld. Bovendien wil hij dat onderwijs alleen bij uitzondering digitaal wordt gegeven. Voor het hoger onderwijs zou dat in ieder geval een contraproductieve maatregel zijn. Een groot deel van het onderwijs, namelijk die waarbij kennisoverdracht van docenten naar studenten plaats vindt, kan net zo goed, of misschien zelfs beter online worden aangeboden. Deze vorm van kennisoverdracht is belangrijk om aan studenten de beginselen van hun vakgebied uit te leggen, maar ze worden er vooral passieve experts van, geen creatieve denkers in hun vakgebied.

Adam Grant maakt in zijn boek Think Again melding van onderzoek waaruit blijkt dat studenten door de meest inspirerende hoorcolleges zo overweldigd raken dat ze de inhoud van de hoorcolleges maar matig opnemen. De charismatische docent nodigt de student niet uit tot nadenken, maar tot verering van hem- of haarzelf. Deze vorm van overdracht kan dus, inderdaad, maar beter online worden gepresenteerd, in zakelijke hapklare brokken, zodat de student de kennis in zijn eigen tempo tot zich kan nemen. Gebaseerd op mijn eigen ervaring, schat ik dat daarmee minstens 50 procent van het hoger onderwijs online kan worden aangeboden.

Wat echter zeker niet online kan worden gegeven, is wat ik maar even het ‘activerend onderwijs’ noem. De beste herinneringen aan ongeveer 40 jaar economisch academisch onderwijs bewaar ik aan de momenten dat niet ik, maar de studenten zelf het onderwijs gaven. Ik gaf de studenten de opdracht een moeilijk, maar baanbrekend paper in de klas te behandelen. Het kenmerk van zulke papers was meestal dat de inzichten verborgen zaten onder een berg wiskundige logica. Mijn taak was de student te helpen die inzichten boven water te krijgen. Vervolgens moest de student die inzichten aan de hand van het paper aan de medestudenten presenteren.

Enthousiast

Bij deze vorm van activerend onderwijs zie je het inzicht groeien bij studenten. Zij willen het aanvankelijk niet weten, maar als studenten merken dat ze zelf kunnen ontdekken hoe theorieën in elkaar zitten, worden ze enthousiast. Door studenten zelf een deel van het onderwijs te laten verzorgen, worden ze aangezet tot creatief nadenken in plaats van tot het opzuigen van kennis. Opeens zien ze hoe de economische werkelijkheid in elkaar zou kunnen zitten (kunnen, want de economische logica hoeft niet echt de werkelijkheid te beschrijven).

Aan deze vorm van onderwijs moet kennisoverdracht vooraf gaan die dus online gegeven kan worden. In de loop van de studie kan het aandeel van die online colleges echter dalen en kunnen studenten meer en meer creatief aan de slag met economische modellen.

De keerzijde is dat deze onderwijsvorm veel individuele begeleiding door de docent vergt. Daarom kan het alleen gegeven worden als een groot deel van het overige onderwijs online wordt aangeboden. Dat vergt weliswaar ook een investering, maar die is deels eenmalig. Als dat van de Kamer niet meer zou mogen, gaat dat ten koste van het meest zinvolle deel van het onderwijs.

Harrie Verbon is emeritus hoogleraar aan de Universiteit van Tilburg.

Meer over