OpinieThomas von der Dunk

Opinie: Geen enkel falen zal Rutte zelf doen opstappen

Demissionair premier Mark Rutte loopt een cameraploeg tegen het lijf in Den Haag.  Beeld Getty Images
Demissionair premier Mark Rutte loopt een cameraploeg tegen het lijf in Den Haag.Beeld Getty Images

Met enige verbijstering heb ik na mijn terugkeer van vakantie de kranten van de laatste weken doorgenomen. Of misschien kan ik beter benadrukken: zonder échte verbijstering - en is dat wel het echt verbijsterende. Namelijk hoe snel je eraan gewend raakt dat in Nederland bestuurlijke blunders geen politieke gevolgen meer hebben. In een normaal functionerende democratie zou ik verslagen van felle parlementaire debatten hebben gelezen, waren er moties van wantrouwen ingediend, waren falende bewindslieden naar huis gestuurd.

Maar zo werkt Ruttocratie niet. Natuurlijk niet. Wat er ook gebeurt, wat je ook aanricht: als premier blijf je zitten. Twee miljoen aan verstandsverbijstering lijdende kiezers legitimeren alles. Er komen, als het echt niet anders kan en iedereen even over je heen valt, uiteindelijk desnoods wat excuses, en daarmee kom je dan weg.

Domheid

De ‘intelligente lockdown’ vorig jaar, ‘dansen met Jansen’ begin juli: intussen mogen de besmettingscijfers na de daaropvolgende ongekende explosie gelukkig weer dalen, Nederland is inmiddels de risee van Europa. Hoe wereldvreemd kun je zijn om het in Den Haag tot minister te brengen? Lang heb ik gemeend dat met Cora van Nieuwenhuizen het absolute nulpunt aan domheid was bereikt, maar het kan kennelijk nog dommer.

Daarbij komt nog het onuitstaanbare puberale taalgebruik - ‘wij balen er ook van’ - van Rutte, die eigenlijk nooit de juiste toon weet te treffen. Na die ene tv-toespraak vorig jaar waarin dat met een portret van Thorbecke achter zich net wel lukte, werden hem prompt staatsmanachtige kwaliteiten toegedicht, want waar men weinig gewend is, is een kinderhand snel gevuld. Dat ‘staatsmanschap’ hebben Rutte & Co dan ook snel weer met hun geklungel laten versloffen.

Beseft Tom de Bruijn - met Sigrid Kaag een van de weinige bewindslieden met ervaring en verstand van zaken op het eigen beleidsterrein, en met haar een verademing na die reeks van VVD-minkukels op Buitenlandse Zaken - wel in wat voor onbeleerbaar gezelschap hij is beland?

Protocoldenken

Kern van het probleem hier (maar ook in menig ander geval waar het niet loopt als gepland): de papieren wereld van het protocoldenken. Want ja, op papier ziet het er met al die afspraken prachtig uit. We gaan niet zingen en springen in het voetbalstadion. We houden voldoende afstand tijdens het dansen met Jansen. Jaja, vast en zeker. Ook jongeren met opspelende hormonen, en iets teveel drank en pillen op. Zelfs de paus snapt dat seks op anderhalve meter afstand niet kan.

Alles wat er vervolgens misging, was al door gedragswetenschappers voorspeld. Op papier ziet het er altijd mooi uit, met al die gedetailleerde draaiboeken - net als bij die exacte instructies voor schieten binnen en buiten de bebouwde kom tijdens onze militaire missies in Afghanistan.

Maar tussen droom en daad staan misschien niet eens zozeer wetten in de weg - die worden desnoods wel aangepast - als wel heel veel praktische bezwaren, omdat, als het om feitelijk menselijk gedrag gaat, de buiten-Haagse werkelijkheid niet altijd met de binnen Den Haag afgesproken wenselijkheid spoort. Zoals je oorlog kunt definiëren als een gewapende toestand waarin de vijand niet meewerkt, zo kun je een festival definiëren als een extatische toestand waarin de deelnemers óók vergeten dat ze geacht worden aan Binnenhofbeleid mee te werken.

Biezen pakken

Je zou verwachten dat een kabinet dat zo evident faalt, zelfs op dat Binnenhof alle legitimiteit verloren heeft, en dat de premier en de minister voor volksgezondheid, hoe demissionair ze nu ook al mogen zijn, hun biezen zouden pakken - zoals Wiebes en Asscher na het toeslagenschandaal wel als conclusie trokken. Maar nee: ‘Rutte gaat nergens heen’, dat is de vaste mantra van de VVD. Want ja, die twee miljoen kiezers.

Ook sommige helemaal door de Haagse kaasstolp opgezogen commentatoren nemen dat denken braaf over: de andere partijen moeten natuurlijk wel beseffen wie de verkiezingen gewonnen heeft. Dat de hele carrière van Rutte gebouwd is op leugens, lafheid en platitudes, waarbij elk moreel vraagstuk wordt ontweken en elke politieke kwestie tot een persoonlijk aanpassingsprobleem wordt gereduceerd, blijft zo buiten beschouwing.

Laat ik tot slot eentje van die platitudes nemen, een van die vele dooddoeners waarmee Rutte grote vraagstukken al een decennium voor zich uitschuift, zeer actueel door de recente natuurramp die Ardennen en Eifel trof, ook al is Limburg inmiddels weer boven water gekomen: de klimaatverandering. Nog steeds staat zijn partij op de rem als het om effectieve maatregelen gaat, want het moet wel een beetje leuk blijven, of, in Gooise VVD-terminologie: we moeten nog wel gewoon kunnen blijven barbecueën.

Rampzalig noodweer

Zo kan ook De Telegraaf op dezelfde voorpagina jengelen over de rampzalige gevolgen van het noodweer en over het ‘rampzalige’ van de noodzakelijke maatregelen die een te frequente herhaling daarvan moeten helpen voorkomen.

Het is dit infantiele sentiment waarvoor Rutte en de zijnen stelselmatig - en nog steeds - door de knieën gaan en die hem met afstand tot de meest miserabele en ruggegraatloze premier uit de recente Nederlandse geschiedenis maakt - niet een tweede Johan de Witt, zoals Jort Kelder eens gesuggereerd schijnt te hebben, maar een tweede Dirk Jan de Geer.

De miljoenenschade die in Limburg - electoraal bolwerk van klimaatontkenners PVV en FvD plus klimaatlijntrekkers VVD en CDA - thans deels uit de staatskas vergoed moet worden, wettigt daarbij langzaamaan een nieuw criterium: wie nu nog op zulke partijen stemt, draait daar voortaan maar zelf voor op.

Thomas von der Dunk is cultuurhistoricus.

Meer over