Opinie

Opinie: de huidige neoconservatieve opleving is een langgerekte zwanenzang

De enige manier waarop zeer-rechts zich kan wapenen tegen pijnlijke maar onvermijdelijke ontwikkelingen is met behulp van complotdenken, betoogt filosoof Stephan Huijboom.

Stephan Huijboom
null Beeld anp
Beeld anp

Olaf Tempelman laat duidelijk zien (O&D, 21 september) dat tegenstanders van 'cultuurmarxisme' een stropop hebben opgetuigd die weinig tot niets met het historisch bestaande (sovjet)marxisme te maken heeft gehad. Het is echter de vraag of concrete weerleggingen voldoende zijn om 'anti-cultuurmarxisten' op andere gedachten te brengen.

Twee weken terug constateerden Daniël Korving en Jaap Tielbeeke in De Groene Amsterdammer dat anti-cultuurmarxisten aan een vervolgingswaan lijden en daarom niet voor argumenten vatbaar zijn. Men kan feitelijk vaststellen dat Antonio Gramsci (de vermeende grondlegger van het cultuurmarxisme) pas geboren werd nadat de eerste feministische golf zich allang zelfstandig uitrolde, of men kan er op wijzen dat Martin Luther King inspiratie haalde uit het christelijke geloof en niet uit de kritische theorie. 'Het punt is dat dit soort feitelijke weerleggingen weinig uithaalt tegen complotdenkers.'

Oprecht bang

Die analyse snijdt hout, hoewel ze vooral oog heeft voor de geschiedsvervalsing die anti-cultuurmarxisten plegen. De ontkrachting wordt niet in het heden voortgezet, bijvoorbeeld door de stropop van het toneel te vegen en te vervangen door het 'origineel', kortom, door te laten zien waar het hedendaagse marxisme daadwerkelijk voor staat. Dat is echter om meerdere redenen lastig, niet alleen vanwege marginalisering en fragmentarisering van het marxisme als zodanig, maar vooral omdat huidige marxistische stromingen veelal anti-identitair zijn. Er bestaan dus überhaupt geen 'marxisten' meer, hoogstens nog door het marxistische gedachtengoed geïnspireerde maatschappijcritici die ook uit vele andere - links-libertaire of vrijheidslievend socialistische - vaatjes tappen.

Misschien kan men beter gewoon trachten te begrijpen wat zeer-rechts drijft. In Nederland kan Thierry Baudet, opperhoofd der Nederlandsche anti-cultuurmarxisten, zich middels een nieuw vijandbeeld handig naast Wilders profileren. Maar louter profileringsstrategie is het niet. Zeer-rechts moet in een dubbele betekenis opgevat worden, ze is zowel erg rechts als gepijnigd rechts. Oerconservatieven zijn oprecht bang. Ze zien de wereld om zich heen gelijkwaardiger worden en gelijkheid tussen man en vrouw, tussen wit en zwart, dat kan natuurlijk niet.

De focus van zeer-rechts op cultuur is begrijpelijk, aangezien politiek rechts al decennia de kaarten schudt als het om economie gaat (die kapitalistisch blijft en de ongelijkheid tussen arm en rijk vergroot) of om bijvoorbeeld klimaat (waarvan de degradatie uiteindelijk onbelangrijker wordt gevonden dan winstmaximalisatie).

Het was de decennialange verzwakking van links, veroorzaakt door een doordenderend kapitalistisch systeem, die deels een politiek-thematische focusverschuiving naar cultuur betekende, waar immers nog veel te winnen viel. Dat was geen samenzwering, maar een historische reactie op veranderende omstandigheden. Het kapitalisme versla je niet eventjes; culturele overwinningen bleven mogelijk.

Culturele gelijkheid

Het hedendaagse marxisme heeft hier juist de nodige kritiek en aanvullingen op en is niet 'cultureel' van aard, maar veeleer 'materieel'. De nadruk ligt op universele emancipatie in plaats van (of in interactie met) particuliere identiteit, op het verbinden van thema's in plaats van de verdediging van 'eigen belangen'. Wat bovendien in al het gediscussiëer over vermeend marxisme vergeten wordt, is dat het kapitalisme aantoonbaar eindig is. Met een mondiale economische groei van 3 procent zou de wereldeconomie in driehonderd jaar tijd maar liefst vierduizend keer in omvang moeten groeien. Dat gaat wegens overschrijding van planetaire grenzen eenvoudigweg niet gebeuren, dus de motor van het kapitalisme (groei) zal deze eeuw al in toenemende mate gaan sputteren.

Zeer-rechts is niet achterlijk en voelt dit ergens aan. Zo bezien is de huidige neoconservatieve opleving een langgerekte zwanenzang. Meer culturele gelijkheid blijkt in onze samenleving een quasi-onvermijdelijke focus vanwege de huidige gang van het kapitalisme, hoewel ook de roep om klimaatactie zonder twijfel steeds luider wordt, en een basisinkomen zou zomaar voor de deur kunnen staan, wat het op wantrouwen gebaseerde, zeer-rechtse mensbeeld ('zonder zweep zwoegt men niet') voorgoed zou falsifiëren.

De interessantste vraag is dus: Hoe, anders dan via complotdenken, kan zeer-rechts zich tegen zulke langetermijn onvermijdelijkheden wapenen? Het antwoord luidt: niet.

Stephan Huijboom is filosoof.

Meer over