Opinie

Opinie: De catastrofe in Afghanistan leert ons: nooit weer zo'n militaire interventie

Verbijstering overheerst in Nederland bij de aanblik van het chaotische vertrek uit Afghanistan en de terugkeer van de Taliban. Maar het is tijd voor reflectie op de mislukkingen, de misleidende beeldvorming en de drama’s van de westerse bemoeienis.

Taliban-strijders heersen in de straten van Kabul.  Beeld The New York Times / HH
Taliban-strijders heersen in de straten van Kabul.Beeld The New York Times / HH

De westerse oorlog in Afghanistan is een catastrofe. Meer dan 150 duizend Afghanen zijn gedood, miljoenen zijn gevlucht. Het land is nog altijd straatarm en de Taliban zijn weer aan de macht. Duizenden Amerikaanse militairen en huurlingen zijn gesneuveld, evenals vijfentwintig Nederlandse militairen. Alle aanleiding voor de Nederlandse en Europese politieke en militaire top om in de toekomst niet opnieuw over te gaan tot dergelijk militair optreden

Na twintig jaar militaire aanwezigheid in Afghanistan heeft de Amerikaanse president Joe Biden de ‘forever war’ beëindigd. Opvallend is dat voor de gevolgen van twintig jaar interventionisme in Afghanistan nauwelijks ruimte lijkt te bestaan in het publieke debat. Laat het de Nederlanders koud wat er in Afghanistan mede namens Nederland is gebeurd?

Dat is onwaarschijnlijk, maar het dominante narratief van de schone oorlog uit naam van democratie en mensenrechten is wel effectief geweest. De interventionisten die uit naam van deze verheven idealen spreken, krijgen veel ruimte in de media, net als de politieke en militaire top. Voor afwijkende geluiden en analyses is tot voor kort weinig ruimte geweest.

Uit het zicht

Daarbij komt dat veel media jarenlang ‘embedded’ journalistiek hebben bedreven. Relevante feiten en ontwikkelingen in Afghanistan zelf zijn mede hierdoor onderbelicht gebleven. Kritische bevraging van de verantwoordelijken was een zeldzaamheid. De verre oorlog in Afghanistan bleef voor een groot deel op veilige afstand, veelal uit het zicht.

De Nederlandse volksvertegenwoordiging heeft, op een handvol parlementariërs na, de neiging gehad de oorlog in Afghanistan te compartimenteren. Zo kon de eigen militaire inzet kunstmatig gescheiden blijven van bijvoorbeeld de drone-aanvallen en zware bombardementen van de Amerikanen. Ook kon onwelgevallig nieuws – burgerdoden, marteling en andere oorlogsmisdaden - gemakkelijker onder het tapijt worden geveegd.

Inmiddels kan niemand er meer omheen dat de oorlog in Afghanistan catastrofaal is verlopen. De oorlog kostte 2.300 miljard dollar - publiek geld dat veelal in de kassen van Amerikaanse (wapen)bedrijven is beland. Volgens de Amerikaanse website The Intercept is de waarde van de aandelen van de vijf grootste Amerikaanse wapenbedrijven sinds het begin van de oorlog in Afghanistan vertienvoudigd. De oorlog in Afghanistan kent dus niet alleen verliezers. De Taliban profiteert inmiddels van de achtergebleven wapens.

Vrouwen en meisjes

Hoewel bijvoorbeeld in de hoofdstad Kabul meer vrouwen en meisjes naar school zijn gegaan en de levensverwachting van Afghanen aanzienlijk is gestegen, is het sterk de vraag of hiervoor twintig jaar oorlog en militaire bezetting nodig was. Bovendien, voor veel andere Afghaanse vrouwen is het leven er bepaald niet op vooruit gegaan. Vooral in plattelandsgebieden hebben vrouwen juist erg geleden aan de oorlog en de spanningen en onveiligheid die dit met zich meebracht.

De vijanden van onze vijanden, de warlords en tribale leiders die door het Westen zijn aangewezen en betaald om de Afghaanse staat te besturen en de Taliban te bestrijden, blinken bovendien bepaald niet uit in vooruitstrevendheid. Corruptie, mishandeling en verkrachting was onder hun leiding aan de orde van de dag.

Vernederd, met de staart tussen de benen, vertrokken de westerse troepen uit Afghanistan. De hele westerse operatie – recht gepraat met mooie woorden als het brengen van democratie en mensenrechten - is als een kaartenhuis in elkaar gestort.

Nederlands amateurisme

Opvallend hierbij is het amateurisme van de Nederlandse regering. We zagen het niet aankomen vertelde minister Sigrid Kaag van Buitenlandse Zaken de Nederlandse bevolking daags na de dramatische beelden en noodkreten uit Kabul vorige maand. Hoewel de snelle verovering van Kabul door de Taliban vriend en vijand verraste, kon het vertrek van de Amerikanen uit Afghanistan echt geen verrassing zijn. Al jaren, zelfs al voor Donald Trump president werd, waren er duidelijke signalen dat de Amerikanen zouden vertrekken.

Eenmaal president sloot Trump in februari 2020 een akkoord met de Taliban. De afspraak was dat de Taliban geen aanslagen zouden plegen op westerse militairen en alle Amerikanen uiterlijk 1 mei van dit jaar Afghanistan zouden verlaten. In de Tweede Kamer werd door een enkele partij meermaals om een exit plan gevraagd. Tevergeefs, bleek keer op keer, want de regering wilde niets weten van een vertrek. Samen erin, samen eruit was het enige devies, tot het te laat was om de Afghanen die Nederlandse militairen hebben geholpen op tijd te evacueren.

Spookleger

Dat vele tientallen miljarden aan investeringen in het Afghaans leger en de politie om uiteenlopende redenen tot niet veel meer dan een spookleger heeft geleid, kan en mag ook geen verrassing zijn voor de Nederlandse regering. Een belangrijk signaal hiervoor kwam in 2019 van The Washington Post, die tweeduizend pagina’s aan interviews met direct verantwoordelijken voor de oorlog wist te verkrijgen.

Uit deze interviews met hoge militairen, diplomaten en ambtenaren bleek dat de oorlog berustte op drijfzand. De onthutsende conclusie was dat de bevolking constant is voorgelogen en misleid door opeenvolgende Amerikaanse regeringen. Wat naar buiten toe wederopbouw heette bleek in de praktijk te bestaan uit weinig meer dan corruptie en omkoping van drugsbazen en warlords.

Te rooskleurig beeld

Dit is niet alleen het beeld in de Verenigde Staten. Ook in Nederland werd geregeld niet de waarheid vertelt, bleek uit een evaluatie van de ‘politietrainingsmissie’ in Kunduz. Er werd een veel rooskleuriger beeld neergezet van het aantal getrainde agenten, dat expres werd overdreven. Voor alfabetiseringscursussen gold hetzelfde. En ondanks afspraken over agenten die niet offensief ingezet mochten worden, gebeurde dat in de praktijk toch. De regering had zich in onmogelijke bochten gewrongen om voldoende steun te krijgen voor een impopulaire missie, teneinde te kunnen voldoen aan bondgenootschappelijke verplichtingen.

Je zou verwachten dat dit alles tot nederigheid, reflectie en verantwoording zou leiden bij politiek en militair verantwoordelijken. Niets van dat alles tot op heden. De reactie van de Europese Unie is verbijsterend. De EU wil vooral deals sluiten met dubieuze regimes in de regio om Afghaanse vluchtelingen te weren. Ook voormalig secretaris-generaal van de Navo Jaap de Hoop Scheffer verzuimde zich in mediaoptredens te verantwoorden voor de oorlog in Afghanistan.

In plaats daarvan sprak hij er schande van dat nog altijd geen extra miljarden zijn vrijgemaakt voor een leger dat ver van huis kan blijven interveniëren. Terwijl de Navo in een zware crisis verkeert en ondanks de mislukte oorlog in Afghanistan, moet Nederland doorgaan met wereldwijde operaties, is zijn mening. De buitenlandchef van de EU, Josep Borrell, gaat nog een stap verder en pleit voor een Europees expeditieleger van 50 duizend man dat kan optreden in situaties zoals die in Afghanistan.

Biden

Alles wijst erop dat men in de hoogste regeringskringen in Nederland en de rest van de EU vooralsnog niet de juiste lessen wil leren. De reflex is blijkbaar om krampachtig vast te houden aan de bestaande strategie met verdere militarisering van de buitenland- en veiligheidspolitiek van de EU. De Amerikanen doen het wat dat betreft een stuk beter. Hoewel moet blijken wat deze woorden waard zijn – en het besluit tot verhoging van het defensiebudget van 715 miljard dollar is niet hoopgevend – stelde Biden onlangs dat het tijdperk van ‘endless wars’ over is.

‘Dit is het eind van het tijdperk waarin we met grote militaire operaties andere landen probeerden te repareren’, aldus Biden. Het is natuurlijk nog maar de vraag of het militair-industrieel complex zich hierbij zal neerleggen.

De westerse militaire interventie in Afghanistan is mislukt en heeft geleid tot een groot humanitair drama. Daarover moeten de hoofdrolspelers verantwoording afleggen. Voor een toekomst zonder oneindige oorlogen is openheid over oorlogsvoering, alsmede een breed publiek debat over onze buitenland- en defensiepolitiek dringend noodzakelijk. Het is tijd voor reflectie.

Sadet Karabulut is bestuurder, adviseur en spreker, en oud-Kamerlid van de SP.

Meer over