Opinie

Opinie: Conflict rond Gario laat zien hoe de taal van Bij1 kan werken als splijtzwam

Bij1-boegbeeld Sylvana Simons en Quinsy Gario, de geroyeerde nummer 2.   Beeld Hollandse Hoogte /  ANP
Bij1-boegbeeld Sylvana Simons en Quinsy Gario, de geroyeerde nummer 2.Beeld Hollandse Hoogte / ANP

Rond het royement van Quinsy Gario door Bij1 was afgelopen week te zien hoe de gedekoloniseerde taal van de partij leidde tot machtsspelletjes en gedragspatronen die juist volgens de oude koloniale scheidslijnen verliepen. Er ontstonden twee kampen in Bij1 die streden om het gebruiksrecht op het woord ‘slachtoffer’ en de privileges die daaraan verbonden zijn: namelijk het recht om geloofd te worden en om de aangewezen dader te cancellen.

Sandra Salome, voorzitter van Bij1 Rotterdam, zei op Twitter: ‘Geloof het slachtoffer’. Volkskrant-columnist Asha ten Broeke viel haar gepassioneerd bij en verzamelde in no time 102 likes. Onder die likes opvallend veel witte gezichten.

Het klinkt nobel, als je aan seksueel misbruik of geweld denkt – wat de meeste mensen bij zo’n woord meteen doen. Het Bij1-bestuur gooide olie op het vuur door consequent over ‘onveiligheid’ te spreken.

Maar inmiddels is duidelijk geworden dat het ging om ‘slachtoffers’ van ‘zin doordrijven, manipulatief gedrag, stoken, disrespectvolle omgang, groepsdruk creëren, voor het blok zetten, weglopen, niet open staan voor gesprek (en meer).’

Superirritant in een groep, maar ook typisch activistische gedragingen. Geen dingen waarmee je voor de rechter komt. Het rapport behandelde de beschuldigingen van tien mensen en dat zegt ongetwijfeld iets. Maar heksenprocessen kampten ook nooit met een gebrek aan getuigenissen en Gario heeft zijn recht op weerwoord niet gekregen.

Andere kamp

Het andere kamp werd aangevoerd door Bij1-lijstduwer Anousha Nzume, die zich achter Quinsy schaarde. Bij de likes op haar posts zag je juist een meerderheid van Zwarte gezichten (ik neem in deze context het gebruik van Zwarte activisten over om dit geuzenwoord met hoofdletter te schrijven, een mooie talige ingreep).

Mariam El Maslouhi, bestuurslid van Bij1 Den Haag, schreef op Twitter: ‘Zwarte activistische gemeenschappen hebben er zo hard voor gestreden dat termen als veiligheid en ‘believe her’ serieus werden genomen. En om te zien hoe gemakkelijk deze termen worden gebruikt tégen zwarte mensen will never cease to amaze me.’

El Maslouhi was onthutst dat de term slachtoffer als wapen wordt gebruikt tegen een slachtoffer, namelijk de Zwarte man Quinsy Gario. Op sociale media ontstond snel het idee dat dat Quinsy slachtoffer was van een witte, zich koloniaal gedragende factie binnen Bij1, met de implicatie dat deze factie gecancelled moest worden. Zo werd van twee kanten de term slachtoffer geclaimd en de andere partij als dader veroordeeld, zonder dat er een feit op tafel lag.

Pijnlijk

Als dichter vond ik het pijnlijk om te zien hoe manipulatief en ‘toxisch’ de ideologische taal van Bij1 werd ingezet door beide partijen. Dit jargon leidde juist tot een versterking van koloniale gedragspatronen: het creëren van een (slachtoffer)hiërarchie waarin fel om posities wordt gevochten; scheidslijnen op basis van kleur; het reduceren van dynamische, individuele verhoudingen (Quinsy Gario’s persoonlijke interactie met andere leden) tot groepsverhoudingen (zwart versus wit, toxisch masculien versus vrouw); morele dwang om loyaal te zijn met wie hoger in de (slachtoffer)hiërarchie staat.

De strijd ging niet over gebeurtenissen, maar over archetypes. Wie moet je geloven, als er een Zwarte persoon (dus slachtoffer) tegenover een Zelfbenoemd Slachtoffer (dus slachtoffer) staat? De feiten deden er niet toe. De strijd ging over wie het meeste recht had om geloofd te worden.

Het taalapparaat van Bij1 wil traditionele hiërarchieën afbreken, maar introduceert allerlei nieuwe, zeer gedetailleerde groepshiërarchieën, waarin het gaat over het recht op spreken, het recht om gezien en gehoord te worden, het recht om geloofd te worden. Kortom, over macht.

Individu ondergeschikt

Het individu wordt (net als in de oude hiërarchie) ondergeschikt gemaakt aan die met oordelen, voorwaarden, taboes en verplichtingen opgetuigde waardekolom.

Dat uitte zich eerst in het door de vingers zien van Quinsy Gario’s (als ik het rapport mag geloven) onhebbelijke gedrag als Zwarte Activist, en daarna in een keiharde excommunicatie als Toxische Man.

Conflicten en machtsspelletjes zitten helaas in het DNA van het politiek bedrijf en hebben vaak minstens zoveel met persoonlijke ambities, karaktereigenschappen en gedragspatronen te maken als met institutionele verhoudingen. Mensen zijn machtsbelust van zichzelf.

Als Bij1 dit soort persoonsgebonden conflicten binnen de partij niet enigszins kan loskoppelen van haar op groepen gerichte taalapparaat, gaat de partij de komende jaren nog veel crises tegemoet.

Maar wie ben ik? Wat voor recht van spreken heb ik?

Alexis de Roode is dichter.

Meer over