Opinie

Opinie: Compensatie voor de hoge energieprijzen kan een stuk gerichter

Dat de overheid huishoudens helpt om hun hogere energierekening te kunnen betalen, is verstandig, maar deze steun moet gericht worden op mensen met lagere en middeninkomens. Kijk naar voorbeelden uit het buitenland.

Tijn Croon en Sjoerd Brouns
Een installateur plaatst een verwarmingsketel. Beeld Koen van Weel / ANP
Een installateur plaatst een verwarmingsketel.Beeld Koen van Weel / ANP

De gasprijzen zijn explosief gestegen en zullen naar verwachting niet snel meer dalen. Aangemoedigd door de Tweede Kamer besloten de toenmalige bewindspersonen op het ministerie van Economische Zaken en Klimaat in oktober ‘gerichte maatregelen’ te treffen om mensen ‘die het echt nodig hebben’ te compenseren.

Het bleek lastiger dan gedacht. Er werd een generieke belastingkorting op de energierekening aangekondigd en een verlaging van het belastingtarief op elektriciteit (geschatte kosten: 3,2 miljard euro) met nog wat extra geld voor renovaties (150 miljoen euro). Afgelopen woensdag analyseerde Tjerk Gualthérie van Weezel dat het niet van je portemonnee maar van je contract afhangt of deze steun bij jou terechtkomt.

Tegelijkertijd bleek uit onderzoek van TNO dat ruim een half miljoen huishoudens in Nederland ‘energiearm’ zijn, wat inhoudt dat zij moeten kiezen tussen een warm huis en andere primaire levensbehoeften. Dit zijn de mensen die echt in de knel komen te zitten als de winter strenger wordt. Ander onderzoek heeft aangetoond dat energiearmoede fysieke en mentale gezondheidsproblemen op kan leveren.

Villabewoners

De overheid zou er – zeker met het oog op effectief klimaatbeleid – goed aan doen om niet de villabewoners maar juist deze huishoudens te ondersteunen. Als de eerste groep de hoge gasprijzen in de portemonnee voelt, wordt zij immers geprikkeld om te investeren in isolaties en andere verduurzamingsmaatregelen. Maar dit geldt niet voor energiearme huishoudens, die juist vaker huren of minder kapitaalkrachtig zijn.

Dat er aan gerichte compensatie dilemma’s kleven, is natuurlijk evident. In de regel is gericht beleid altijd moeilijker uitvoerbaar. Zo zijn de vereiste data niet altijd voorhanden. Het kost tijd om gericht beleid vorm te geven, waardoor administratieve lasten hoger zullen uitvallen. Daarnaast heb je te maken met grensgevallen: huishoudens die eigenlijk steun nodig hebben maar net niet boven bepaalde drempelwaarden uitkomen.

Het is met de verschrikkelijke gevolgen van het toeslagenschandaal in het achterhoofd heel wenselijk dat uitvoerbaarheid van beleid bovenaan de politieke agenda staat. Maar als het landen om ons heen wel lukt, waarom zouden wij aan de vooravond van de grote energietransitie niet experimenteren met gericht compensatiebeleid?

In het Verenigd Koninkrijk, waar energiearmoede al sinds de jaren negentig uitvoerig wordt onderzocht en bediscussieerd, barst het van de gerichte compensatiemaatregelen. Ze hebben indrukwekkende namen (‘Cold Weather Payment’, ‘Winter Fuel Payment’ en ‘Warm Home Discount’) en bedienen wisselende groepen. Vooral de Warm Home Discount is na een aanstaande hervorming interessant voor Nederland.

Automatisch doorgeven

Deze korting van 140 pond op de energierekening wordt voortaan automatisch doorgegeven aan leveranciers van uitkeringsgerechtigde huishoudens, wanneer wordt verwacht dat zij door bijvoorbeeld een slechte woning een hoge energierekening riskeren. Het bedrag komt dus terecht bij mensen die het echt nodig hebben, zonder dat zij dat recht zelf hoeven op te eisen.

Een andere manier om energiearme huishoudens op de korte termijn te beschermen, kan worden afgekeken van België, Frankrijk en Spanje. Deze landen kennen een ‘sociaal tarief’ voor uitkeringsgerechtigde inwoners. Dit is een maximale prijs voor elektriciteit en gas die door een toezichthouder wordt bepaald. Ook hiervan worden leveranciers in de meeste gevallen automatisch op de hoogte gesteld.

Deze oplossingsrichtingen benaderen het probleem van energiearmoede vanuit uitgaven in plaats van inkomsten, en wijken daarmee af van alternatieve voorstellen van het Nibud in opdracht van de FNV, de Woonbond en Milieudefensie. Hoewel die coalitie gelijk heeft dat het volledige bestaansminimum onder druk staat, lopen niet alle huishoudens met lage inkomens evenveel risico op energiearmoede.

Binnenkort mag Nederland aanspraak maken op Europese steun uit het Sociale Klimaatfonds, onderdeel van de Green Deal. Brussel verwacht over twee jaar een uitgewerkt plan van Den Haag, waarin wordt aangegeven hoe de kwetsbaarste inwoners in de slechtste woningen zullen worden beschermd voor de gevolgen van klimaatbeleid.

Gelukkig stonden er begin vorige week nieuwe ministers voor Klimaat, Volkshuisvesting en Armoede op het bordes. Samen zouden zij doelmatige compensatieregelingen moeten uitdokteren, zodat niemand aan zijn lot wordt overgelaten in een rechtvaardige energietransitie.

Tijn Croon is promovendus aan de TU Delft.
Sjoerd Brouns is onderzoeker bij de Wiardi Beckman Stichting.

Meer over