OPINIE

Opinie: Antisemitische ijsjes bestaan niet

Israëlische politici lopen ten onrechte te hoop tegen het besluit van de ‘ijsmakers uit Vermont’ om geen Ben & Jerry’s meer te verkopen in Palestijns bezet gebied, stelt Willem-Gert Aldershoff.

Ben & Jerry's-deksels rollen van de machine in Israël.  Beeld REUTERS
Ben & Jerry's-deksels rollen van de machine in Israël.Beeld REUTERS

Onlangs besloot het Amerikaanse bedrijf Ben & Jerry’s om eind 2022 te stoppen met de verkoop van ijsjes in wat het ‘Bezet Palestijns gebied’ heet. Als reden gaf het aan dat verkoop in dat gebied ‘niet strookt met onze waarden’.

Wie Ben & Jerry’s kent, zal deze stap niet verbazen. Vanaf het begin in 1978 hebben de twee, overigens Joodse, oprichters hun bedrijf consequent ook gebruikt om maatschappelijke waarden als raciale gelijkheid, milieubescherming en dierenwelzijn na te streven. De jaarverslagen tonen dat dit niet bij loze woorden is gebleven.

Nauwelijks hadden ze hun verkoopstop online gezet of Israëls desinformatiemachine brak los. Premier Naftali Bennett beschuldigde het bedrijf ervan hun ijsjes te ‘herpositioneren als antisemitische ijsjes’ en sprak van een ‘moreel verkeerd’ besluit. President Yitzhak Herzog haalde fel uit naar deze ‘boycot van Israël’ die een vorm van ‘economisch terrorisme’ vormt dat de burgers van Israël probeert te schaden. Minister van Buitenlandse Zaken Yair Lapid, door velen gezien als gematigd, sprak van een ‘schandalige overgave aan antisemitisme’.

Telkens wanneer een Israëlische regering weer hard van leer trekt tegen wat zij beschouwt als ongerechtvaardigde kritiek op Israël, is het raadzaam om onafhankelijke Israëlische media als het dagblad Haaretz te raadplegen. Ook nu weer komt dat met een helder en stevig onderbouwd commentaar dat de vloer aanveegt met de regeringsuitspraken. Langs dezelfde lijn laten de columnisten van de krant zich uit.

Volgens Haaretz verdraait de regering de feiten. Ben & Jerry’s besluit is helemaal geen ‘boycot van Israël’. De verkoopstop betreft alleen de Israëlische nederzettingen in Palestina en die zijn illegaal volgens het internationale recht. Probleem is dat de Israëlische regering en de door hen gesteunde nederzettingbewoners daar niet aan willen. Ben & Jerry’s handelt legitiem, hun stap is zelfs ‘wenselijk voor iedereen die een einde aan de bezetting wil zien’.

Scherp veroordeelt de krant het gebruik van de term antisemitisme voor de verkoopstop. ‘Het hanteren van dezelfde term voor enerzijds de verschrikkingen van de Holocaust, pogroms en haatmisdrijven tegen Joden omdat ze Joods zijn, en anderzijds voor het legitieme verzet tegen het recht van kolonisten om Amerikaanse ijsjes te likken in bezet gebied roept weerzin en schande op.’

Haaretz-columnist Gideon Levy looft ‘de ijsmakers uit Vermont’ omdat ze op een warme zomerdag de Israeliërs een paar waarheden hebben bijgebracht: ‘IJs is geslaagd waar de dood van 67 kinderen in Gaza heeft gefaald’, namelijk Israeliërs eraan te herinneren dat er een bezetting is. Maar de gekte blijft: Israeliërs zien de bezetting als iets waarvan zij slachtoffer zijn. Levy kan er niet bij dat telkens wanneer iemand het waagt Israeliërs eraan te herinneren dat er nog steeds iets fout zit, de zaak wordt verdraaid tot Israël weer het slachtoffer is.

De Ben & Jerry’s-affaire toont weer eens duidelijk aan hoe weinig de redelijke common sense-Joodse stem bekend is buiten Israël. En hoe belangrijk het is voor de waarheidsvinding en oordeelsvorming in Europa en in de Verenigde Staten dat die stem wordt gehoord. Niet alleen die van kritische Israëlische media, maar ook die van de vele Joodse niet-gouvernementele organisaties binnen en buiten Israël die zich zo gedreven inzetten voor het verbeteren van de positie van de Palestijnen, voor een daadwerkelijke vrede tussen Israël en Palestina en die definities van antisemitisme bestrijden die elke kritiek op Israël onmogelijk maken.

Dat zijn ook alle Joden die werken vanuit een diepe liefde voor hun land en de veiligheid ervan hoog in het vaandel hebben staan. Onbegrijpelijk dat zovelen in het Westen nog altijd hun indrukwekkende en met feiten onderbouwde stem niet (willen) horen, maar blijven vallen voor de holle en gevaarlijke retoriek van Israëlische regeringen en hun supporters buiten Israël.

Willem-Gert Aldershoff is voormalig afdelingshoofd bij de Europese Commissie en analist internationale politiek in Brussel.

Meer over