opinieverkiezingen vs

Opinie: Amerika ligt als een droge prairie te wachten op de vonk

Jaren van onderdrukte en geradicaliseerde boosheid worden in Amerika steeds zichtbaarder. De vraag is niet óf er een oproer komt, maar hoe deze beteugeld zal kunnen worden, betoogt de Vlaamse politicoloog Jonathan Holslag.

Leden van een rechtse militie bewaken een winkel in Vancouver, Washington.Beeld Getty Images

Bij het schrijven van de Amerikaanse grondwet hadden de vaders van de republiek één doel voor ogen: het voorkomen van volksmenners en de furie van de menigte. Uit de studie van het oude Athene en Rome besloten James Madison en George Washington dat volksinspraak cruciaal was maar dat samenlevingen met volksinspraak neigden tot versplintering. Ondanks alle brandvertragers die de stichters in de grondwet bouwden, ligt Amerika vandaag als een droge prairie te wachten op de vonk.

Om dat goed te begrijpen, gaan we best te rade in een tekst die het Amerikaanse leger enkele jaren geleden uitgaf, namelijk de handleiding die generaal David Petraeus liet schrijven om het oproer in Irak te beteugelen. Oproer, oftewel insurgency, zo bepaalde het handboek, is een aangehouden politieke en gewapende strijd om de controle van de centrale overheid te verzwakken. Dat is precies wat zich in Amerika afspeelt. Het document benadrukt dat het oproer zich meestal beperkt tot de flanken en dat de houding van de onzekere meerderheid bepalend is.

De hardnekkigheid op de flanken, die komt steeds meer tot uiting. Er zijn vandaag honderden verzetsbewegingen tegen de nationale overheid en talrijke gewapende milities. In totaal tellen zij duizenden vaak zwaarbewapende burgers in hun rangen. De meeste bewegingen situeren zich op de rechterflank; maar ook minderheidsgroepen houden er eigen milities op na. Die milities wagen zich vandaag meer dan ooit in het voetlicht, gedoogd en zelfs aangevuurd vanuit het Witte Huis. Een harde kern van zo’n 16 procent van de Amerikanen geeft aan zich niet neer te zullen leggen bij een Democraat als president.

Emotionele, hardnekkige woede is een andere eigenschap die het handboek van Petraeus naar voren schuift. Het volstaat om enkele minuten de sociale media af te schuimen om een indruk te krijgen van hoe diep het bij de leden en sympathisanten van die milities zit. Dit betreft jaren van onderdrukte en geradicaliseerde boosheid. De poging om de gouverneur van Michigan te ontvoeren, eerder dit jaar, toont hoever die groepen bereid zijn om te gaan. Vooral in swing states lopen de gemoederen hoog op. Nooit zijn meer vuurwapens verkocht als in het afgelopen jaar.

Wachten op de ontsteking

De gevechtsposities zijn ingenomen; het lijkt vooral wachten op de ontsteking. Veiligheidsdiensten hebben simulaties gedraaid om zich voor te bereiden op geweld; de Nationale Garde staat in minstens twee staten klaar. Toch is het moeilijk om in te schatten hoe veiligheidsdiensten een escalatie zullen controleren. De bestorming van een gewapende sekte in Waco, Texas, in 1993, eiste 20 slachtoffers bij de ordetroepen. De milities vandaag zijn beter uitgerust en beter getraind dan toen.

Maar bepalend wordt dus vooral wat het talmende midden zal doen en of het zal toelaten dat afzonderlijke brandhaarden zich aaneensluiten, of lokaal oproer uitgroeit tot een nationaal oproer. Dat is moeilijk te voorspellen. Onderzoek toont aan dat 7 procent, dus miljoenen burgers, er zeer rechtse conservatieve ideeën op na houdt en zo’n 40 procent achter het gedachtegoed van deze president staat. Maar zelfs als het oproer zich op korte termijn niet uitbreidt, dan moeten we rekening houden met een ander fenomeen uit het handboek van Petraeus: het ondergronds gaan van het oproer en de blijvende destabiliserende gevolgen ervan.

Het veldhandboek pleit voor een evenwichtige aanpak, veel nadruk vooral op empathie, dialoog, het aanpakken van de oorzaken van de woede en het herstellen van de centrale, verbindende krachten. Maar ook op dat vlak is er weinig rede tot optimisme. Het politieke centrum, de verbindende kracht van het federale project, kent een ongeziene verzwakking. Nooit in de afgelopen zestig jaar is het wantrouwen in de nationale overheid en de ontevredenheid over de staat van het land zo groot geweest.

Die legitimiteitscrisis zal niet meer overwonnen worden. Zelfs een gematigde persoon als Joe Biden en zeker zijn meer uitgesproken running mate Kamala Harris werken op de conservatieven als een rode lap op een stier. Hun entourage wordt bevolkt door kosmopolieten die vooral neerkijken op het rechtse verzet. Van de empathie waar generaal Petraeus zo de nadruk op legt, is weinig sprake. Ook door de polarisatie binnen het Congres, de beperkte financiële middelen en de omvang van de maatschappelijke uitdagingen zal het federale niveau blijven verzwakken.

Het is schokkend om vast te stellen dat het machtigste land ter wereld een handleiding die is opgesteld voor het bestrijden van oproer in het Midden-Oosten binnenkort misschien moet toepassen op zichzelf. Uiteraard zijn er altijd oplossingen denkbaar, ook voor de versplintering in Amerika. Er zijn vandaag echter weinig aanwijzingen dat die oplossingen ook in de maak zijn.

Jonathan Holslag doceert aan de Vrije Universiteit Brussel. In zijn laatste boek Vrede en Oorlog (2019) onderzoekt hij de oorzaken van conflicten en de pogingen tot diplomatie en verzoening.

Trump of Biden, maakt het eigenlijk veel uit wie er wint? De Volkskrant vroeg het tien Amerika-kenners. ‘Dat het met Biden met de VS weer net als vroeger wordt, is een grote denkfout van Europa.’

De VS kiezen een nieuwe president. Wordt het ‘four more years’ Trump, of Democratische tegenkandidaat Joe Biden? Volg het laatste nieuws rondom de Amerikaanse verkiezingen in ons liveblog.

Meer over