Opinie

Nóg slimmer werken op de universiteit kan niet meer, er moet nu geld bij

De universiteiten krijgen al jaren ruim 1 miljard euro te weinig om aan al hun, toegenomen, taken te voldoen. Kom dus over de brug in een nieuw regeerakkoord, betoogt Ingrid Robeyns.

De opening van het academisch jaar in Groningen in 2019. Beeld Hollandse Hoogte / Reyer Boxem
De opening van het academisch jaar in Groningen in 2019.Beeld Hollandse Hoogte / Reyer Boxem

In aanloop naar de verkiezingen zei Mark Rutte in reactie op de roep vanuit de zorg om meer financiering: ‘De VVD zegt als partij vrij traditioneel dat de oplossing niet altijd meer geld is’. Hij voegde daaraan toe: ‘Ik vind dat besturen ook betekent dat je keuzes maakt hoe je het geld besteedt’ (Nieuwsuur, 12 maart). Wat hij daarmee bedoelt, is dat in plaats van het budget te verhogen en meer mensen aan te nemen we slimmer moeten werken, bijvoorbeeld mensen flexibeler rollen geven, meer gebruik maken van ict, enzovoort.

Op het eerste gezicht lijkt dit een redelijke gedachtegang. Maar in het wetenschappelijk onderwijs (wo) heeft door zich door dit mantra een stille ramp voltrokken. De universiteiten hebben al jarenlang te maken met een structurele onderfinanciering van zo’n 1 à 1,5 miljard euro. Het water staat de wetenschappers nu zo erg aan de lippen, dat zelfs Pieter Duisenberg (voorzitter van Vereniging voor Universiteiten en voormalig Tweede Kamerlid voor de VVD) op 6 april samen met wetenschappers en studenten in Den Haag in de Hofvijver zal springen, om die hoge nood te symboliseren.

Natuurlijk is het belangrijk om altijd goed om te gaan met gemeenschapsgeld. Maar het probleem met deze redenering is dat de VVD blind is geworden voor onderfinanciering die niet opgelost kan worden met ‘slimmer werken’. Het wetenschappelijk onderwijs is daar een mooi voorbeeld van: er wordt al jaren in de sector gezocht naar manieren om een enorme toename van het aantal studenten op te vangen en om te voldoen aan steeds meer vragen uit de samenleving, met een budget dat niet is meegestegen met dit grotere takenpakket.

Onbetaald overwerk

De sector probeert dat op allerlei manieren op te lossen, met zeer nadelige gevolgen voor wetenschappelijk personeel. Zo werken wetenschappers gemiddeld zo’n 25 procent onbetaald over en hebben steeds meer universitaire docenten geen onderzoekstaak, omdat daar geen geld voor is. De verwevenheid van onderzoek en onderwijs, die het belangrijkste kenmerk is van wetenschappelijk onderwijs, komt steeds meer onder druk te staan.

Die roofbouw en kaalslag gaat bovendien gepaard met een extreme competitie om onderzoeksgelden, waar wetenschappers veel tijd aan verspillen, omdat het voor velen de enige manier is om überhaupt een kans te maken werktijd voor onderzoek te hebben.

Wat wil de VVD dan met het wo? In aanloop naar de verkiezingen zei een prominente VVD’er in een gesprek dat ik namens de beweging WOinActie met hem voerde: ‘Kom dan met een mooi plan voor wat jullie voor Nederland extra gaan doen, waarvoor je die extra investering van 1,5 miljard verdient!’ Dit antwoord ontkent een belangrijk feit over de universitaire sector: onze sector doet al dat extra werk al jarenlang, onbetaald en dus in onze vrije tijd.

Drie inzichten

Maar een nieuwe regering brengt nieuwe kansen, dus hier zijn drie inzichten over de universiteiten die tijdens de onderhandelingen over het nieuwe regeerakkoord moeten meewegen.

Het eerste inzicht is dat wetenschap en wo geen kostenpost zijn, maar een investering in onze innovatie, welvaart, veerkracht, en de kwaliteit van de samenleving. Elke euro geïnvesteerd in publieke wetenschap levert de samenleving maar liefst 4,2 euro aan meerwaarde op.

Het tweede inzicht is dat er al jaren roofbouw plaatsvindt op het belangrijkste kapitaal in het wo: het menselijk kapitaal, de wetenschappers zelf. Dat de werkdruk aan de universiteiten ongezond hoog is, wordt ondertussen door iedereen erkend, ook door de minister. Omdat liberalen ook fatsoenlijke werkgevers willen zijn en de wetten willen respecteren (waaronder ook het arbeidsrecht), is het dus zowel moreel als juridisch laakbaar, maar ook economisch en qua overheidsbeleid niet slim, om de universiteiten niet fatsoenlijk te betalen voor het werk dat ze leveren.

Het derde inzicht gaat over keuzes maken, iets wat Mark Rutte zelf aangaf heel belangrijk te vinden. Ingrid van Engelshoven, demissionair minister van Wetenschap, heeft vier jaar lang tegen WOinActie gezegd dat er geen miljard kon worden geïnvesteerd in het wo, ‘want het staat niet in het regeerakkoord’.

Naast de cijfers en analyses van de sector zelf (VSNU, KNAW, WOinActie en anderen) ligt er nu ook een rapport van PricewaterhouseCoopers dat de onderfinanciering van universiteiten bevestigt. Die investering nu is dus niet alleen verstandig, maar ook de hoogste tijd.

Geld is er

Misschien zegt u nu: er is geen geld! Hier zijn twee suggesties waar u dit geld kan halen. De eerste is dat er de voorbije jaren, en ook de komende jaren, miljarden vrijkomen door de afbouw van de hypotheekrente-aftrek. De tweede suggestie is om het geld te halen door de fiscale gunsten aan de fossiele industrie en de grootverbruikers van elektriciteit af te bouwen. Een studie gepubliceerd in Mejudice berekende dat het hier gaat om meer dan 17 miljard euro per jaar. Dat is dus meer dan tien keer wat het wo aan bijkomende investering nodig heeft.

Daarom: investeer daar waar het rendeert en geef Nederland universiteiten waar de wetenschappers niet massaal op omvallen staan, maar goed uitgerust zijn om alle sectoren en mensen voor wie kennis belangrijk is, te dienen.

Ingrid Robeyns is hoogleraar Ethiek van Instituties aan de Universiteit Utrecht en actief binnen WOinActie.

Meer over