ColumnSheila Sitalsing

Nog lang zal er gejammerd worden dat ‘hun links niet mijn links is’, maar als het nu niet lukt, lukt het nooit

null Beeld

Het geheugen is een vervelend ding. Het werkt zelden goed, vaak zit het er net naast, totdat de woorden ‘linkse samenwerking’ vallen. Dan begint het ongevraagd accurate informatie uit te spuwen. Kolossale hoeveelheden. Het was vergeten dat het alles nog wist.

Over linkse leiders van weleer die in voortdurende Tindertoestand met elkaar verwikkeld waren, gevolgd door relatietherapie. Ze heetten Marijnissen, Roemer, Cohen, Halsema. Er waren etentjes mee gemoeid, en gezamenlijke manifestaties waarop heel erg vaak het woord ‘eerlijk’ viel.

Altijd strandde het in angst en walging. Dan zei Wouter Bos dat hij ‘niks nieuws’ had gehoord na een kwartier chagrijnig koffie drinken met SP en GroenLinks. Dan stond Jolande Sap zichtbaar ongelukkig te wezen op een podium met de SP en de PvdA voor ‘een ander Nederland’; dat ‘andere Nederland’ bleek even later te bestaan uit een PvdA-VVD-huwelijk. Job Cohen zei dat hij met de SP wilde en kreeg daarvoor ongelooflijk op zijn falie van zijn eigen mensen. Een verkiezingscampagne geleden was er nog de belofte van een gezamenlijke PvdA-GroenLinksaanzet tot een opzet voor een inzet voor een eventueel regeerakkoord.

Stel de vraag ‘Wat is Links?’ en de heibel begint. Gaat het om strijden voor arme mensen en wie geld heeft zoekt het zelf maar uit, of is de essentie van de sociaaldemocratie de brugfunctie tussen de midden- en de onderklasse, en is er nog iemand boos op de klassenvijand, en wat doen we wanneer de internationale solidariteit frontaal botst met de binnenlandse solidariteit van de verzorgingsstaat, hébben we eigenlijk nog een verzorgingsstaat, en gaan we de arbeider zijn biefstukje ontzeggen omdat Het Systeem de CO2-uitstoot niet onder controle krijgt?

Wie meent dat veertien kerkgenootschappen op Urk best veel is voor mensen die in dezelfde god geloven, moet eens op links komen kijken.

Het geheugen was dus een beetje sceptisch toen het Lilianne Ploumen en Jesse Klaver elkaar de liefde zag verklaren. Dit keer is het echt, zeiden ze.

Zie je wel, dacht het geheugen, na het briefje van Ollongren waarop stond dat de linkse partijen ‘elkaar niet echt vasthouden’. Ze bleven elkaar trouw.

Nu barst het, dacht het geheugen, toen Mark Rutte ging emmeren over ‘een linkse wolk’ en je op elke straathoek tegen een VVD’er kon oplopen die siste dat het heus wel hommeles werd tussen die twee. Het werd geen hommeles. Het woord ‘fractiefusie’ viel.

Er doken klagers op in de pers. Ze waren oud en gerimpeld, en iedereen weet: hoe ouder de mastodont die zijn ongenoegen mag rondtrompetteren, hoe moeilijker het voor de verslaggever was om een relevante, met macht omklede partijprominent te vinden die tegen is.

Misschien gaat het ze lukken, durfde het geheugen voorzichtig te denken. Het las een intens vrolijk makend dubbelinterview in de Volkskrant met twee politici die zich ondergeschikt willen maken aan het grotere belang. Ze voelen de ernst van de zaak: het is óf samen verantwoordelijkheid nemen voor het landsbestuur op een cruciaal moment in plaats van majeure beslissingen over te laten aan rechts, óf ieder voor zich roemloos ten onder gaan in de oppositie.

Er zijn PvdA-congressen te overleven en GroenLinks’ers te apaiseren. En nog lang zal er gejammerd worden dat ‘hun links niet mijn links is’. Maar als het nu niet lukt, lukt het nooit.

Het geheugen maakte een huppeltje. En nóg een. Het durfde zelfs zachtjes te juichen.

Podcast

Via het riool naar de veiligheid: hoe een groepje vrijwilligers in actie kwam toen het kabinet faalde in Kabul - luister naar dit verhaal in de podcast De kamer van Klok. Met Natalie Righton, Sheila Sitalsing, Pieter Klok, Raoul du Pré en Gijs Groenteman.

Meer over