ColumnSheila Sitalsing

Met migranten dreigen is het effectiefste middel om de EU geld af te troggelen

null Beeld
Sheila Sitalsing

Het geintje was tot dusver voorbehouden aan despoten en semi-democraten buiten de grenzen van de Europese Unie – mannen, altijd mannen, met wie de EU in complexe vriendschappen verwikkeld was of is. Dreigen met migranten. Zeggen dat je 5 miljard euro wil, ‘anders zal jullie continent zwart kleuren van de Afrikanen’ (wijlen Kadhafi). Laten vallen dat je 3,5 miljoen migranten op doorreis naar de Unie achter de hand hebt, voor als de Unie blijft jammeren over Koerden en aanverwante zaken (Erdogan). Landreizigers die van ver zijn komen aanlopen gewoon actief de EU-grens over helpen (de grenswachten van Loekasjenko). Het hek bij Ceuta openzetten om Spanje te chanteren (de regering van Marokko).

Vrijdag meldden de persbureaus dat Viktor Orbán op de Hongaarse radio had gezegd dat hij met plezier een speciale route vrijmaakt om migranten naar West-Europa te leiden. Want daar willen ze die toch zo graag? Nu jaagt hij ze nog weg bij de Servische grens met duizenden tegelijk. Kost hem klauwen vol geld, geld dat hij terug wil. En als het Westen ze kennelijk graag wil hebben, opent hij met liefde een corridor: die kant op is Duitsland, daar Oostenrijk, verderop ligt Nederland, lopen maar.

Dreigen met migranten is het misschien wel effectiefste middel om de EU aan te vallen. De oogst is groot en bevredigend: briesende electoraten, machteloosheid aan de grenzen, doodsbange regeringsleiders die in arren moede maar wegkijken bij mensenrechtenschendingen die zich gewoon midden in hun gekoesterde waardengemeenschap voltrekken. Meestal volgt er geld, of de belofte daarvan.

Dat een eigen lidstaat al dan niet grappend de wapens opneemt tegen de club is niet nieuw. Dat de club zich daar niet zo goed raad mee weet, is evenmin nieuw. Dat het breekpunt naderbij komt, nu zowel Polen als Hongarije zich ostentatief weigert te conformeren aan basisprincipes, valt ook al langer te horen. Na abortus- en homorechten is het Groene Akkoord van Frans Timmermans de nieuwe favoriete boksbal (‘moord op de middenklasse’) van Poolse en Hongaarse regeringsfunctionarissen.

Over de machteloosheid van de EU, die zich handenwringend beklaagt over valsspelers in haar midden, sprak Luuk van Middelaar zaterdag wijze woorden in de Volkskrant. Van Middelaar, een scherpe denker die de Unie van binnenuit kent, is een optimist. Hij ziet nieuwe saamhorigheid ontstaan te midden van corona, assertief China en grillig Amerika. Hij ziet hoe ‘historische en geografische krachten de Europese landen naar elkaar toe drijven’.

Maar Polen en Hongarije dan, vroeg de interviewer, krachten die de Unie juist uit elkaar drijven? We kunnen conflicten, zoals het conflict met Polen om de voorrang van het EU-recht wel hoog blijven opspelen, zegt Van Middelaar, maar uiteindelijk moeten de problemen dáár worden opgelost. ‘Dat kan niet vanuit Brussel of Berlijn gebeuren. De Poolse kiezers moeten bij de volgende verkiezingen PiS wegstemmen.’

Dat doen ze wellicht niet. Orban is ook niet weg te krijgen. Breken met Hongarije en Polen – alle juridische voetangels en klemmen terzijde – betekent ‘winnen aan cohesie en democratische geloofwaardigheid’ zegt Van Middelaar. ‘Maar tegelijkertijd leg je de oostflank van Europa weer open.’

De keuze is glashelder. Het is niet moeilijk te raden waar Duitsland voor zal kiezen.

Gelukkig is er nog het optimisme van Van Middelaar (‘De splijtende krachten hebben al genoeg woordvoerders’) om aan vast te klampen. Er is genoeg dat ons wel samenbrengt. Er is altijd hoop.

Meer over