COLUMNAleid Truijens

Met de eindmeet in zicht neemt de demissionaire onderwijsminister eindelijk verantwoordelijkheid

null Beeld

Gaan de scholen en kinderopvang over twee weken open? Of is de koortsachtige voorbereiding op de onafwendbare derde golf een signaal dat alles potdicht blijft? Dat kinderen nog minder zullen opsteken en ouders moeten voortmodderen met werk en thuisonderwijs. Dat meer kinderen somber worden en de sfeer in gezinnen explosiever wordt. Als het aan minister Slob ligt, is het antwoord een ferm ja: basisscholen gaan open (tenzij het OMT dwarsligt).

Met de eindmeet in zicht neemt de demissionaire onderwijsminister verantwoordelijkheid. Afgelopen vrijdag publiceerde hij een Kamerbrief die zijn meest daadkrachtige is sinds de coronacrisis. Tot nu toe bleef het bij zorgelijk fronsen, panisch miljoenen uitdelen, geen creatieve oplossingen bedenken, afwachtend kijken naar de VO- en PO-raad en zuchtend vaststellen dat examens niet doorgingen en scholen dicht moesten. Maar nu zegt hij het luid: schoolsluiting is slecht voor kinderen. Eindelijk experimenteert hij met sneltesten, die scholen veiliger kunnen maken.

Ook gaat de eindtoets in groep 8 door, als het aan Slob ligt. Hij verzoekt leraren om dit jaar ‘kansrijk te adviseren’. Kennelijk is hij wakker geschrokken van de lagere adviezen die kinderen van laagopgeleide ouders vorig jaar kregen. In zijn brief lanceert hij voorstellen om achterstanden bij leerlingen zo snel mogelijk weg te werken.

Want achterstanden zijn er door de schoolsluitingen, ook al mag je die volgens sommigen niet zo noemen: zó stigmatiserend. Nee, je mag kinderen, die het nu toch al niet leuk hebben, niet inwrijven dat ze achterlopen. Houd liever de moed erin. Maar laten we er geen taalkwestie van maken; vooral kinderen die thuis weinig hulp krijgen, lopen dit jaar onmiskenbaar achterstanden op. Je kunt ook zeggen: ze leren nóg minder dan gewoonlijk. Leerkrachten en ouders doordringen van het nut van inhaalprogramma’s, dat is hoognodig. Nu nog die te lage adviezen van vorig jaar bijstellen.

Goddank, de landelijke eindexamens gaan ook door, met een flexibele tijdsindeling en een extra herkansing. Gelukkig ziet Slob de noodzaak in. Toch krabbelt de ferme Slob hier alweer terug. Op het eind van zijn brief blijkt hij oor te hebben voor bezwaren ‘in het onderwijsveld’ tegen zijn examenbesluit. Hij is met ‘partijen’ in gesprek over ‘aanpassingen’.

Nee hè. Slob doelt hier op scholierenorganisatie Laks én de VO-Raad die de laatste aanscherpingen – ook eindexamenleerlingen moeten zich aan de 1,5 meter afstand houden – aangrijpen om het centrale examen deels te cancelen en alleen de kernvakken te examineren. Slob doet alsof hij met ‘het veld’ praat, maar het zijn twee belanghebbende partijen: leerlingen die, begrijpelijk, graag willen slagen en schoolbestuurders die graag veel geslaagden hebben en niet willen dat onkunde en slechte prestaties worden onthuld. Daarom zijn ze voorstander van ‘maatwerkdiploma’s’ en willen ze zelf de examens afnemen.

Wat vindt het echte ‘veld’, de leraren, hiervan? Zij weten toch hoe hun leerlingen ervoor staan? Maar hun is niets gevraagd. Centrale examens afblazen doet alle extra inspanningen van leraren en examenkandidaten, die de afgelopen tijd gewoon naar school konden komen, teniet.

Alsjeblieft, niet wéér zo’n gemankeerd diploma. Je benadeelt er leerlingen mee. Er is veel aan te merken op de eindexamens, maar anders dan John B. Vorenkamp betoogt in de Volkskrant (ik las zijn stuk op de valreep) denk ik dat objectieve toetsing essentieel is voor de waarde van een diploma, voor de vervolgopleidingen en voor het bewaken van kwaliteit. Leerlingen hebben recht op een diploma dat wat voorstelt. Hopelijk houdt Slob zijn rug recht.

Meer over