commentaarpieter klok

Laat het WK in Qatar dienen als symbool van de cynische macht van het geld

null Beeld REUTERS
Beeld REUTERS

Liefst 6.500 honderd arbeiders zijn gestorven toen ze meebouwden aan de voetbalstadions in Qatar, blijkt uit onderzoek van The Guardian. De precieze doodsoorzaken zijn nog onbekend - volgens de Qatarese machthebbers zijn velen hiervan aan een natuurlijke doodsoorzaak bezweken en volgens wereldvoetbalbond FIFA liggen de sterftecijfers lager dan bij vergelijkbare grote bouwprojecten - maar dat er nog nooit zoveel mensen zijn gesneuveld om een WK voetbal mogelijk te maken, lijkt geen overdreven aanname.

Het WK voetbal had nooit in Qatar gehouden mogen worden. Dat is al langer duidelijk.

Wat te doen? Vaak wordt het WK van 1978 in Argentinië aangehaald, toen Freek de Jonge en Bram Vermeulen onder het motto Bloed aan de Paal luidkeels protesteerden en opriepen tot een boycot. Een dergelijk protest blijft tot nu toe uit.

Er zijn wel duidelijke verschillen. Het WK van 1978 werd toegewezen in 1966, toen er nog geen sprake was van een dictatuur. Toen het WK in 2008 aan Qatar werd toegewezen, was wel al duidelijk wat een megalomaan plan het was om een WK te organiseren in een bloedhete zandbak met geen enkele voetbaltraditie. Toen was ook al bekend dat de arbeiders in de golfstaten vaak onder erbarmelijke omstandigheden moeten werken en leven. De FIFA wist dus precies waaraan het begon en is in dezen de hoofdschuldige.

De vraag is wat een boycot nog kan uitrichten in dit geval. Het kwaad is al geschied. Ook dat is een verschil met Argentinië, waar de militaire junta tijdens het voetbaltoernooi nog volop bezig was met het uit de weg ruimen van politieke tegenstanders.

Het organiseren van een WK voetbal of de Olympische Spelen kan bijdragen aan de emancipatie en economische ontwikkeling van een land. Goede voorbeelden daarvan zijn de Olympische Spelen in Seoul (1988) en Barcelona (1992). Maar het kan ook misbruikt worden om bedenkelijke regimes wit te wassen, zoals bij het WK voetbal in Rusland (2018) of leiden tot sociaal-economische fiasco’s met een lange nasleep, zoals bij de Olympische Spelen in Athene (2004) en Brazilië (2016). IOC en FIFA zouden bij de toewijzing van toernooien vooral moeten kijken naar de economische en politieke staat van een land, en bij twijfel moeten kiezen voor een land dat al stadions heeft en geen miljarden hoeft te investeren in stadions en infrastructuur om het toernooi mogelijk te maken.

In het geval van Qatar is het misschien beter de gifbeker helemaal leeg te drinken. Dan kan het WK van 2022 de geschiedenis ingaan als het symbool van een cynische, gewetenloze wereld waarin alleen de macht van het geld telt. Als afschrikwekkend voorbeeld bij toekomstige toewijzingen, net zo afschrikwekkend als de Spelen van 1936 in Berlijn lange tijd waren.

Meer over