Opinie

Kies bij smart cities eerst voor humaan en pas dan voor technologie

Smart city adepten wedden op het verkeerde paard. Kies eerst voor humaan en pas dan voor technologie, betoogt Herman van de Bosch.

Zach Rash, medeoprichter van Coco , en raadslid Joe Buscaino van Los Angeles kijken naar een bezorgrobot. Beeld AFP
Zach Rash, medeoprichter van Coco , en raadslid Joe Buscaino van Los Angeles kijken naar een bezorgrobot.Beeld AFP

Op 3 december 2020 tekenden vijftien gemeenten en een aantal instellingen en bedrijven de City Deal Een slimme stad. Zo doe je dat. Een slimme stad (‘smart city’) is een stad die haar problemen – denk aan het broeikas­effect, armoede en verkeersoverlast – wil oplossen met maximale toepassing van (digitale) technologie.

Een van de voortrekkers van de City Deal is de Future City Foundation. Zij stelt in Een slimme stad: ‘Door technologisering en digitalisering zijn we altijd met elkaar en alles om ons heen verbonden. Slimme netwerken […] bieden de kans om onze regio’s, steden en dorpen zo in te richten dat ze inclusief, veilig, veerkrachtig en duurzaam zijn.’ Prima doelen, maar of daar in de eerste plaats technologisering en digitalisering voor nodig zijn, valt te betwijfelen.

Tien jaar geleden liet IBM het begrip ‘smarter city’ als handelsmerk registreren. Daarmee vestigde het bedrijf zijn positie op de smart city technology markt. IBM kreeg al spoedig gezelschap van bedrijven als Cisco, Fujitsu, Siemens en later Google en Amazon. Een markt van 410,8 miljard dollar die in vijf jaar zal verdubbelen op kosten van de belastingbetaler.

Deze bedrijven willen uiteindelijk stedelijke functies als verkeer, veiligheid, en bevolkingsregistratie via sensoren en miljarden meters glasvezelkabel, 5/6G-netwerken en satellieten verbinden met computers om ze centraal aan te sturen of zelfstandig beslissingen te laten nemen met behulp van kunstmatige intelligentie.

Nog mooier is als je een stad vanuit het niets als smart city kunt opbouwen. Die kans kreeg Sidewalk Labs, een zusteronderneming van Google. In 2018 werd het bedrijf uitverkoren om in

Toronto het nieuw stadsdeel Quay Side te ontwikkelen. Naarmate het ontwerp concreter werd, groeide bij bewoners van de stad de bezorgdheid over het plan continu de bewegingen van alle

bezoekers te registreren met behulp van hun smartphones. In maart 2020 trok Alphabet (moederbedrijf van Sidewalk Labs en Google) de stekker uit het project. Officieel vanwege de tanende belangstelling van investeerders door de coronacrisis. Maar volgens insiders vanwege de aanzwellende kritiek op de ondoorzichtige manier waarop Sidewalk Labs data zou gebruiken.

Pleidooien voor ‘smart cities’ leggen een direct verband tussen (digitale) technologie en de oplossing de problemen waarmee steden kampen. De praktijk is echter– zoals de Zwitserse hoogleraar Ola Söderström aantoont in Smart Cities as Corporate Storytelling – dat technologiebedrijven problemen zo benoemen dat ze oplosbaar zijn met de instrumenten die zij kunnen leveren. Verkeersproblemen worden dan ‘de ongelijke spreiding van verkeer over het wegennetwerk’ die met een dekkend stelsel van sensoren en adaptieve verkeerslichtinstallaties oplosbaar zijn.

Natuurlijk kan technologie helpen bij de aanpak van problemen. Maar daar hoef je geen ‘City Deal’ voor te maken: Volgens de Europese Investeringsbank lopen Nederlandse bedrijven en instellingen wereldwijd toch al voorop bij digitalisering.

Dat de resultaten vaak teleurstellend zijn, komt omdat onvoldoende rekening wordt gehouden met de voorwaarden voor het zinvol toepassen van technologie.

- Grondige kennis van het probleem en pas dan naar oplossingen gaan zoeken, waaronder de inzet van technologie.

- Afstemming van technologische oplossingen op andere, bij voorkeur innovatieve, manieren om een probleem aan te pakken zoals regelgeving, beïnvloeding en stedelijk ontwerp.

- Interdisciplinaire samenwerking om het probleem vanuit verschillende invalshoeken te definiëren.

Mijns inziens wedden de ondertekenaars van de City Deal Slimme Stad op het verkeerde paard, door onvoldoende stil te staan bij deze voorwaarden. Wat we nodig hebben zijn geen ‘smart cities’, maar ‘smart enough cities’, aldus de Amerikaanse datawetenschapper Ben Green. In de vormgeving van onze toekomstige steden moeten we eerst kiezen voor humaniteit en pas voor technologie waar dat nodig is.

Ik heb de indruk dat de ondertekenaars van de City Deal dat streven delen. Maar waarom dan de nadruk leggen op de toepassing van digitale technologie als middel daartoe? Verruil smart voor humaan en gebruik technologie waar wenselijk.

Herman van de Bosch is hoogleraar managementwetenschappen aan de Open Universiteit en was tot 2021 curator van Amsterdam Smart City.

Meer over